id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 oktober 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.208.199 Rolnummer: A. 196595/IX-6810 Zaak: Arrest 208199 - Architecten - 19/10/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-10-26 Raadplegingen: 62 - laatst gezien 2026-06-30 05:17 Fiche Arrest nr 208.199 van 19 oktober 2010 Beroepen - Architecten Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 208.199 van 19 oktober 2010 in de zaak A. 196.595/IX-6810 In zake:
- de feitelijke vereniging VLAAMSE RAAD VAN DE ORDE VAN ARCHITECTEN
- Philip ADAM
- Jan VAN BREEDAM
- Ludo HAESEVOETS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Frank Judo kantoor houdend te Brussel Keizerslaan 3 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van KMO’s, Zelfstandigen, Landbouw en Wetenschapsbeleid bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jean-François De Bock kantoor houdend te Brussel Waterloosesteenweg 612 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 28 mei 2010, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de minister van KMO’s, Zelfstandigen, Landbouw en Wetenschapsbeleid van 15 januari 2010 waarbij wordt geweigerd goedkeuring te verlenen aan het begrotingsontwerp van de Orde van architecten voor het jaar 2010, alsook van de beslissing van de genoemde minster van 13 april 2010 waarbij de beslissing van de nationale raad van de Orde van architecten van 26 maart 2010 betreffende de inning van de bijdragen van de leden wordt vernietigd. IX-6810-1/9 II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een nota ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Walter Van Noten heeft een verslag opgesteld. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 20 september
- Staatsraad Bert Thys heeft verslag uitgebracht. Advocaat Frank Judo, die verschijnt voor de verzoekende partijen, en advocaat Joy Moens, die loco advocaat Jean-François De Bock verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Walter Van Noten heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- De Orde van architecten werd opgericht door de wet van 26 juni 1963 tot instelling van een Orde van architecten. De Orde bezit rechtspersoonlijkheid en heeft tot taak de voorschriften van de plichtenleer voor het beroep van architect te bepalen en ze te doen naleven. Zij houdt toezicht op de eer, de discretie en de waardigheid van de leden van de Orde in de uitoefening of IX-6810-2/9 naar aanleiding van de uitoefening van hun beroep (artikel 2 van de genoemde wet). De organen van de Orde zijn de (provinciale) raden van de Orde, de raden van beroep en de nationale raad van de Orde (artikel 6). De nationale raad van de Orde heeft twee afdelingen, respectievelijk de Franstalige en Duitstalige raad van de Orde van architecten en de Vlaamse raad van de Orde van architecten, die afzonderlijk of gezamenlijk kunnen beraadslagen (artikel 35). 3.
- Tussen de vijf Nederlandstalige provinciale raden van de Orde van architecten bestaat een samenwerking in een feitelijke vereniging onder de benaming ‘Orde van Architecten – Vlaamse Raad f.v.’ (hierna: de Vlaamse Raad f.v.). De verzoekende partijen omschrijven de doelstellingen en de werking van deze feitelijke vereniging in hun verzoekschrift als volgt: “Binnen het kader van de algemene werking van de Nationale Orde van Architecten en in afwachting van een grondiger hervorming van haar structuren, wenst de Vlaamse Raad f.v. bij te dragen tot een efficiëntere werking, een overkoepelend en eenvormig beleid en een verdere professionalisering van de dienstverlening. In dat kader wordt de Vlaamse Raad f.v. nauw betrokken bij de werking van de organen van de Nationale Orde van Architecten. Zo worden hem met name taken toevertrouwd met het oog op de voorbereiding of uitvoering van beslissingen van de Nationale Orde. De Vlaamse Raad f.v. heeft ook de mogelijkheid voorstellen te doen en punten te laten agenderen in de organen van de Nationale Orde.” In verband met de werkingsmiddelen van de Vlaamse Raad f.v. verklaren de verzoekende partijen bovendien: “De Vlaamse Raad f.v. is wat betreft haar werkingsmiddelen thans volledig afhankelijk van de begroting van de Nationale Orde, die wordt goedgekeurd door de minister conform artikel 49 § 1 van de wet van
- De Orde int op haar beurt van haar leden de door de nationale raad vastgestelde bijdragen en bestemt deze opbrengst deels voor de financiering van de taken die de Vlaamse IX-6810-3/9 Raad f.v. vervult ten behoeve van de Nationale Orde. Ook wordt de werking van de feitelijke vereniging gefinancierd vanuit de begroting van de Nationale Orde, hetzij op directe wijze (bijvoorbeeld door het vergoeden van reiskosten en het uitbetalen van zitpenningen), hetzij op indirecte wijze (door de financiering van de provinciale raden, die vervolgens ook hun onderling samenwerkingsverband financieren).” De verzoekende partijen vestigen er voorts de aandacht op dat naast de Vlaamse Raad f.v. nog andere feitelijke verenigingen werkzaam zijn binnen de Orde, met name de “Chambre Wallonne” en de “Chambre Bruxelloise”. 3.
- Op 8 december 2009 stelt de nationale raad van de Orde van architecten het begrotingsontwerp voor 2010 vast. 3.
- Met een nota van 9 december 2009 adviseert de regeringscommissaris aan de minister van KMO’s, Zelfstandigen, Landbouw en Wetenschapsbeleid (hierna: de minister) om dit begrotingsontwerp niet goed te keuren. De regeringscommissaris licht zijn standpunt als volgt toe: “Tijdens de allereerste en enige vergadering van dit jaar, van de Vlaamse Raad van de Orde van Architecten, op 27 oktober 2009, heeft deze onder meer beslist dat de stemmingen in de Vlaamse Raad feitelijke vereniging de stemmingen van de Vlaamse Raad van de Orde van Architecten vervangen en dat bijgevolg geen afzonderlijke vergadering van de Vlaamse Raad van de Orde van Architecten nodig is. Voordien, op 16 oktober 2009, had de Nationale Raad beslist een standpunt te zullen bepalen ten aanzien van de Vlaamse Raad feitelijke vereniging, nadat hij kennis zou hebben genomen van de besluiten van de komende vergadering van de Vlaamse Raad van de Orde van Architecten van 27 oktober
- Maar in de vergadering van 13 november 2009 heeft de Nationale Raad die beslissing van 16 oktober 2009 niet uitgevoerd. […] Uit alles wat voorafgaat, en verwijzend naar mijn eerdere nota’s, betekent dit dat de Nationale Raad op 8 december 2009 nogmaals 55,65 % of alleszins een zeer belangrijk deel van zijn begroting ter beschikking stelt van de Vlaamse Raad feitelijke vereniging”. IX-6810-4/9 3.
- Met een brief van 15 januari 2010 aan de voorzitter van de Orde van architecten deelt de minister mee dat de begroting voor 2010 niet wordt goedgekeurd. Deze brief luidt: “In goede orde heb ik uw schrijven van 14 december ll. met bijgevoegde begroting voor 2010 ontvangen, waarvoor mijn dank. Zoals ik reeds op de vergadering van 22 december ll. op mijn kabinet heb laten weten, kan ik tot mijn grote spijt niet akkoord gaan met dit voorstel. Eerst en vooral behoort het tot de opdracht van de Nationale Raad middelen voor de Orde te gebruiken in overeenstemming met de wet, wat in casu niet het geval is. Ik stel vast dat in de begroting uitgaven worden opgenomen om de kosten te dekken van een feitelijke vereniging die vreemd is aan de Orde. De Nationale Raad zou zich hoofdzakelijk bezighouden met discussies aangaande constructies buiten de wet eerder dan zich in te laten met haar wettelijke taken. Gelieve mij, zoals gevraagd tijdens het overleg op mijn kabinet van 22 december ll., een concreet hervormingsvoorstel te laten geworden dat de steun geniet van zowel de Nederlandstalige als de Franstalige gemandateerden.” Dit is de eerste bestreden beslissing. 3.
- Op 26 maart 2010 bespreekt de nationale raad van de Orde van architecten de gevolgen van de niet-goedkeuring van de begroting. De nationale raad beslist om de leden van de Orde te verzoeken hun bijdrage voor het jaar 2010 te betalen, “wetende dat in haar brief van 15 januari, Mevr. de Minister zich hier niet tegen verzet”. 3.
- Met een brief van 13 april 2010 deelt de minister aan de voorzitter van de Orde van architecten mee dat zij de beslissing van de nationale raad van 26 maart 2010 om de leden van de Orde te verzoeken hun bijdrage voor het jaar 2010 te betalen, vernietigt. Deze brief luidt: “Via mijn Regeringscommissaris werd ik op de hoogte gebracht van de beslissing van de Nationale Raad van de Orde van 26 maart ll. om alsnog de ledenbijdrage te innen. Graag had ik verwezen naar mijn schrijven van 15 januari ll. waarin ik duidelijk heb laten weten niet akkoord te gaan met de voorgestelde begroting. IX-6810-5/9 Gelet op het feit dat de ledenbijdrage integrerend deel uitmaakt van de begroting impliceert mijn weigering van deze begroting ook een weigering van de voorgestelde ledenbijdrage. Onder deze omstandigheden ben ik tot mijn grote spijt genoodzaakt om de beslissing van de Nationale Raad dienaangaande te vernietigen.” Dit is de tweede bestreden beslissing. 3.
- In een brief van 10 mei 2010 schrijft de minister aan de voorzitter van de Orde van architecten: “Met mijn schrijven van 15 januari ll. heb ik U laten weten niet akkoord te gaan met de begroting voor 2010 zoals deze mij werd voorgelegd met Uw schrijven van 14 december
- Dit om reden dat in de begroting uitgaven worden opgenomen om de kosten te dekken van een feitelijke vereniging die vreemd is aan de Orde. Graag had ik een schriftelijke verklaring ontvangen dat geen middelen van de Orde meer worden aangewend om de kosten van de Vlaamse Raad f.v. te dekken en dat deze Vlaamse Raad f.v. niet meer zal optreden als ‘wettelijk’ orgaan van de Orde. Van zodra de desbetreffende verklaring mij wordt voorgelegd zal ik de vraag aangaande het alsnog goed te keuren budget herbekijken.” 3.
- In een brief van 31 mei 2010 aan de minister bevestigt de voorzitter van de Orde van architecten, onder verwijzing naar een beslissing van de nationale raad van 28 mei 2010, dat de middelen van de Orde enkel zullen worden aangewend voor de werking van de organen van de Orde, zoals bepaald in de wet. 3.
- Met een brief van 3 juni 2010 antwoordt de minister als volgt: “In goede orde heb ik kennis genomen van de beslissing van de Nationale Raad van 28 mei ll. aangaande de reactie op mijn schrijven van 10 mei ll. betreffende de voorwaarden die ik stel om de vraag om het budget alsnog goed te keuren, te herbekijken. Ik heb nota genomen dat de Nationale Raad de garantie geeft dat de middelen van de Orde enkel zullen worden aangewend voor de werking van de organen die voorzien zijn door de wet van 26 juni
- Onder deze omstandigheden geef ik mijn akkoord bij het begrotingsvoorstel voor 2010 zoals dit mij werd voorgelegd met Uw schrijven IX-6810-6/9 van 14 december 2009, met dien verstande dat geen gelden van de Orde worden aangewend om de kosten van een feitelijke vereniging te dekken. Ik belast de Regeringscommissaris met nauwlettend toekijken dat deze beslissing wordt gerespecteerd.” IV. Ontvankelijkheid van de vordering Standpunt van de partijen
- De verwerende partij werpt in haar nota onder meer een exceptie van onontvankelijkheid van het beroep op die gesteund wordt op het teloorgaan van het voorwerp van het beroep. Zij laat gelden dat de eerste bestreden beslissing geen gevolgen meer heeft, omdat ze vervangen is door de beslissing van de minister van 3 juni 2010, en dat ook de tweede bestreden beslissing uitwerking heeft verloren ingevolge de aldus verleende goedkeuring.
- De verzoekende partijen stellen ter terechtzitting dat zij niet ervan overtuigd zijn dat hun beroep onontvankelijk is geworden. Zij argumenteren te dezen dat aan de eerste bestreden beslissing niet ondubbelzinnig elk effect is ontnomen, aangezien de minister op 3 juni 2010 slechts een voorwaardelijke goedkeuring heeft verleend. Wel geven zij toe dat ingevolge de tussengekomen beslissing van de minister de lidgelden van de leden van de Orde van architecten kunnen worden geïnd, waardoor de bestreden beslissingen hen geen moeilijk te herstellen ernstig nadeel meer berokkenen. Beoordeling
- De verwerende partij voert op het eerste gezicht terecht aan dat het beroep ingevolge de goedkeuring van het begrotingsontwerp voor 2010 door de minister op 3 juni 2010 zijn voorwerp heeft verloren. Deze goedkeuring heeft immers terugwerkende kracht en komt in de plaats van de initiële niet-goedkeuring van het begrotingsontwerp. De omstandigheid dat de goedkeuring is verleend “met IX-6810-7/9 dien verstande dat geen gelden van de Orde worden aangewend om de kosten van een feitelijke vereniging te dekken” lijkt daaraan geen afbreuk te doen. Ingevolge de goedkeuring van haar begroting is de Orde bovendien gemachtigd om haar leden te verzoeken hun bijdrage voor het jaar 2010 te betalen, zodat ook de tweede bestreden beslissing geen enkel gevolg meer lijkt te hebben. De exceptie lijkt dan ook gegrond.
- De schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissingen zou de verzoekende partijen hoe dan ook geen voordeel opleveren. Een dergelijke schorsing zou immers de goedkeuring van het begrotingsontwerp voor 2010 met de daaraan verbonden voorwaarde dat geen gelden van de Orde mogen worden aangewend voor de financiering van een feitelijke vereniging, onverminderd laten voortbestaan en uitwerking hebben. In dat opzicht hebben de verzoekende partijen bovendien geen belang bij hun vordering.
- Uit wat voorafgaat moet worden besloten dat de voorliggende vordering niet ontvankelijk is. BESLISSING De vordering wordt verworpen. IX-6810-8/9 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 19 oktober 2010, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Bert Thys, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Wim Geurts, griffier. De griffier De voorzitter Wim Geurts Bert Thys IX-6810-9/9 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.208.199 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2011:ARR.211.173 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.