← België

Arrest 209309 - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan - 30/11/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 30 november 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.209.309 Rolnummer: A. 197571/XII-6324 Zaak: Arrest 209309 - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan - 30/11/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-12-10 Raadplegingen: 64 - laatst gezien 2026-06-30 05:28 Fiche Arrest nr 209.309 van 30 november 2010 Openbaar ambt - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Vernietiging Verwerping Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 209.309 van 30 november 2010 in de zaak A. 197.571/XII-6324 In zake: Martine DE REU bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Christian De Ganck en Marie-Charlotte Vandermeulen kantoor houdend te Gent Koning Leopold II-laan 95 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de UNIVERSITEIT GENT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Patrick Devers kantoor houdend te Gent Kouter 71-72 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 1 september 2010, strekt tot de nietigverklaring en de schorsing van de tenuitvoerlegging van de beslissing van 24 juni 2010 van het bestuurscollege van de universiteit Gent om de globale eindevaluatie van Martine De Reu als “onvoldoende” te behouden, evenals van het aan die beslissing voorafgaande evaluatieverslag van 30 oktober 2009 en van het advies van de raad van beroep van het ATP van de Universiteit Gent van 4 mei
  2. II. Verloop van de rechtspleging
  3. De verwerende partij heeft een administratief dossier neergelegd. Eerste auditeur Diane Mareen heeft een verslag opgesteld op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. XII-6324-1\4 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 16 november
  4. Staatsraad Geert Van Haegendoren heeft verslag uitgebracht. Advocaat Marie-Charlotte Vandermeulen, die verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Patrick Devers, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Diane Mareen heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  5. III. Feiten
  6. Op 30 oktober 2009 wordt aan verzoekster een evaluatieverslag voorgelezen en overhandigd. De globale eindscore is “onvoldoende”. Verzoekster tekent op 10 november 2009 beroep aan bij de raad van beroep. Bij brief van 2 juli 2010 wordt aan verzoekster medegedeeld dat het bestuurscollege van 24 juni 2010 beslist heeft om het advies van de raad van beroep te volgen en de globale eindevaluatie onvoldoende te behouden. IV. Gedeeltelijke afstand van het beroep
  7. Het auditoraatsverslag geeft te verstaan dat alleen de eindbeslis- sing van het bestuurscollege een aanvechtbare rechtshandeling is, dit in tegenstelling tot de overige twee bestreden beslissingen die op zich geen rechtsgevolgen tot stand brengen, zodat het beroep ook enkel ontvankelijk is voor zover het tegen die eindbeoordeling is gericht. XII-6324-2\4
  8. Het brengt verzoekster ertoe ter terechtzitting uitdrukkelijk te verklaren dat zij het voorwerp van haar beroep -en dus van haar vordering tot schorsing- bepaalt tot de beslissing van het bestuurscollege en dat zij ervan afstand doet voor het overige. V. Korte-debattenprocedure Derde middel
  9. Het lid van het auditoraat, belast met het onderzoek van de zaak, heeft in haar verslag geoordeeld dat het beroep met korte debatten kan worden opgelost. Volgens de eerste auditeur, naar zij uiteenzet in haar verslag, voert verzoekster als vernietigingsgrond met reden de schending aan van het zorgvuldig- heidsbeginsel als beginsel van behoorlijk bestuur. De 33 bladzijden argumentatie in het beroepschrift van verzoekster zijn naar de bevindingen van het auditoraat niet voldoende onderzocht door de raad van beroep. Meer nog, die raad van beroep heeft zich in de feiten als beslissend orgaan opgesteld en een advies gegeven dat zich aan het beslissend orgaan opdrong als een voorafspiegeling van de eindbeslissing, waarvan het bestuurscollege in de concrete omstandigheden van de zaak niet anders kon dan ze overnemen. Aldus is niet enkel de administratieve beroepsprocedure van haar betekenis ontdaan maar is ook het bestuurscollege niet met kennis van zaken tot een eigen beoordeling van de zaak gekomen en heeft het, zijn bevoegdheid verloochenend, als het ware geabdiceerd.
  10. Verwerende partij heeft nagelaten om in de schorsingsprocedure een nota met opmerkingen in te dienen. Ook ter terechtzitting volgt geen verweer. Integendeel, verre van zelfs maar te betwisten dat het geding met korte debatten kan worden afgedaan, verklaart haar raadsman enkel dat zij “het hoofd buigt”. In die omstandigheden ziet ook de Raad van State geen reden om er anders over te oordelen dan het auditoraat. Het besproken middel is gegrond. XII-6324-3\4 VI. De vordering tot schorsing De nietigverklaring van de uiteindelijk nog bestreden beslissing heeft tot gevolg dat de door verzoekster ingediende vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van die beslissing geen voorwerp meer heeft. BESLISSING
  11. De afstand van het beroep wordt vastgesteld, voor zover het is gericht tegen het evaluatieverslag van 30 oktober 2009 en tegen het advies van de raad van beroep van 4 mei
  12. De Raad van State vernietigt de beslissing van het bestuurscollege van de universiteit Gent van 24 juni 2010 om de globale eindevaluatie van Martine De Reu als “onvoldoende” te behouden.
  13. De Raad van State verwerpt de vordering tot schorsing.
  14. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op 175 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 30 november 2010, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Geert Van Haegendoren XII-6324-4\4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.209.309 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.