← België

Arrest 210088 - Naamsveranderingen - 23/12/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 december 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.210.088 Rolnummer: A. 194254/IX-6545 Zaak: Arrest 210088 - Naamsveranderingen - 23/12/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2011-01-04 Raadplegingen: 64 - laatst gezien 2026-06-30 05:35 Fiche Arrest nr 210.088 van 23 december 2010 Justitie - Naamsveranderingen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK IXe KAMER nr. 210.088 van 23 december 2010 in de zaak A. 194.254/IX-6545 In zake : Anadoli HAGOPIAN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Luc Beerden kantoor houdend te Stevoort Hertoginnenhofstraat 15 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Justitie bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Willem Slosse kantoor houdend te Antwerpen Brusselstraat 59 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 12 oktober 2009, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van 12 augustus 2009 van de minister van Justitie houdende de weigering van de aanvraag van Anadoli Hagopian tot naamsverandering. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoeker heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Auditeur Alexander Van Steenberge heeft een verslag opgesteld. IX-6545-1/11 De verzoeker heeft een verzoek tot voortzetting van het geding en een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 20 december
  3. Staatsraad Daniël Moons heeft verslag uitgebracht. Advocaat Ronny Favel, die loco advocaat Luc Beerden verschijnt voor de verzoeker, en advocaat Jacques Van Deuren, die loco advocaat Willem Slosse verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Alexander Van Steenberge heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Feiten 3.
  5. De verzoeker dient op 13 november 2006 een verzoekschrift in tot naams- en voornaamswijziging waarbij hij zijn naam Hagopian Anadoli wil wijzigen naar Khoudoyan Onik. Dit verzoek steunt op de volgende overwegingen: “Dat verzoeker van oorsprong een Armeniër is afkomstig van Azerbeidjan en met de Azerbeidjaanse nationaliteit, Dat verzoeker echter evenals zijn echtgenote de Belgische nationaliteit heeft bekomen sedert 2003 en thans in het bezit is van een Belgische identiteitskaart, Dat verzoeker ingeschreven is te Etterbeek sedert 16.2.1999, IX-6545-2/11 Dat hij hier verblijft samen met zijn echtgenote en zijn drie kinderen, Hagopian Anni, Hagopian Arpine en Hagopian Bedig, zoals blijkt uit het bijgebrachte attest van gezinssamenstelling, Dat zijn huwelijk met mevrouw Houdoyeva Anna blijkt uit het bijgebrachte attest van woonst en uit het attest van gezinssamenstelling, Dat verzoeker een naam wenst te dragen die zoveel mogelijk op deze van zijn echtgenote lijkt, Dat bij de registratie van de naam van zijn echtgenote echter een vergissing is begaan, te wijten aan het feit dat men vreemde familienamen in een ander letterschrift en met een gans andere uitspraak in België dient te registreren volgens het westerse alfabet, Dat dit aanleiding geeft tot verwarring en verschrijvingen in tal van dossiers, niet in het minst omdat men voortgaat op de uitspraak van de naam en dan dit zo benaderend mogelijk en zo nauwkeurig mogelijk wenst om te zetten in het westerse letterschrift, Dat dit een probleem is dat veelvuldig voorkomt bij de dienst vreemdelingenzaken en bij het commissariaat-generaal voor de vluchtelingen, waar men zich zoals voormeld dient te baseren op geboorteakten, paspoorten, rijbewijzen en dergelijke in vreemde talen en letterschriften, Dat de echtgenote van verzoeker op die wijze in België geregistreerd is geworden als HOUDOYEVA, daar waar een schrijfwijze als KOUDOYEVA meer correct zou zijn, Dat de uitgang op ‘EVA’ voor echtgenotes/vrouwen is bedoeld, terwijl voor echtgenoten/mannen de uitgang ‘IAN’ is, Dat rekening houdend hiermee verzoeker wenst dat zijn naam zou veranderd worden in KHOUDOYAN, Dat verzoeker niet alleen zijn familienaam maar ook zijn voornaam zou willen laten veranderen, Dat de voornaam van verzoeker zoals die in België is geregistreerd thans Anadoli is, Dat ‘Anadoli’ echter een officiële naam is en overeenkomt met de roepnaam ‘Onik’, Dat dit kan vergeleken worden met de officiële naam Josephus, waarvan de roepnaam naar gelang het geval Jos of Jef of Jo wordt of nog een voorbeeld uit de Italiaanse taal waar Francesco in het dagelijks leven Chico wordt, IX-6545-3/11 Dat verzoeker dan ook vraagt dat zijn voornaam zou worden veranderd in ONIK Dat verzoeker op die wijze wenst geregistreerd te worden als KHOUDOYAN Onik, Dat verzoeker er zich beter bij voelt dat hij wordt aangesproken in België op de wijze zoals hij ook in zijn land van herkomst wordt aangesproken, Dat op die wijze verzoeker ook meer de garantie bekomt dat wanneer zijn naam ergens wordt voorgelezen de uitspraak juist is, Dat verzoeker dan ook een wettige reden kan inbrengen om een wijziging van zijn familie- en voornaam aan te vragen.” 3.
  6. Met een nota van 14 juli 2009 stelt de dienst naamsveranderingen van de FOD Justitie aan de minister voor om de naamsverandering te weigeren, maar de voornaamswijziging toe te kennen. 3.
  7. Op 12 augustus 2009 weigert de minister van Justitie de naamsverandering. Dit is de bestreden beslissing. Zij steunt op volgende overwegingen: “Onder verwijzing naar de in rubriek vermelde zaak heb ik de eer U mede te delen dat het toekennen van een naamsverandering krachtens de wet van 15 mei 1987 betreffende de namen en voornamen, onderworpen is aan strikte voorwaarden. Gelet op het principe van de vastheid van naam kan de naamsverandering slechts uitzonderlijk door Z.M. de Koning worden toegestaan en op voorwaarde dat het verzoek gesteund is op behoorlijk bewezen ernstige redenen; bovendien mag de gevraagde naam geen aanleiding geven tot verwarring en de verzoeker of derden niet kunnen schaden (artikel 3, lid 2, van vermelde wet). Tot slot wens ik te preciseren dat de toelating om van naam te veranderen wettelijk beschouwd wordt als een gunst verleend aan betrokkene en niet als een recht voor deze laatste. Na een grondig onderzoek van uw dossier moet ik U tot mijn spijt meedelen dat er in uw geval geen afdoende ernstige motieven in de zin van bovenvermelde wet voorhanden bevonden zijn om aan Z.M. de Koning voor te stellen U toelating te verlenen uw naam te veranderen in die van ‘Khoudoyan’, mede in acht genomen het principe van de vastheid van naam, waarvan slechts om gewichtige redenen kan afgeweken worden. De naam wordt verkregen op de bij de wet opgelegde wijze (dit is in regel op grond van de afstamming, zoals IX-6545-4/11 vastgelegd in artikel 335 van het Burgerlijk Wetboek), hij kan niet vrij gekozen worden. Het feit dat U een naam wenst welke meer gelijkt op deze van uw echtgenote, kan niet weerhouden worden als ernstige redenen om af te wijken van het principe van de vastheid van naam.” 3.
  8. Aan de verzoeker wordt wel de machtiging verleend om zijn voornaam “Anadoli” te vervangen door “Onik”. IV. Onderzoek van het enig middel Standpunt van de partijen
  9. De verzoeker voert de schending aan van het redelijkheids- en het evenredigheidsbeginsel, van de zorgvuldigheidsplicht, van artikel 3 van de wet van 15 mei 1987 betreffende de namen en voornamen (hierna: de wet van 15 mei 1987) en van het legaliteitsbeginsel. Hij voert aan dat de bestreden beslissing zich beperkt tot een beknopte samenvatting van het verzoek tot naamswijziging en vervolgens zonder verdere toelichting voorhoudt dat deze motieven niet als ernstige redenen in de zin van artikel 3 van de wet van 15 mei 1987 kunnen worden weerhouden. Volgens de verzoeker steunt het verzoek evenwel toch op ernstige morele en emotionele redenen aangezien in de cultuur van de verzoeker het gebruikelijk is dat echtgenoten ongeveer dezelfde naam dragen, waarbij de uitgang van de naam varieert naar gelang het geslacht van de partner. Bovendien waren in hoofde van de verzoeker nog andere motieven aanwezig waarover hij om emotionele redenen niet eerder heeft kunnen praten, maar waarover hij na de bestreden beslissing toelichting wil verschaffen: de verzoeker draagt de familienaam van zijn moeder, maar zou zijn naam willen veranderen naar deze van de familienaam van zijn vader, hetgeen nu pas kan, aangezien de Sovjet-Unie geen naamswijziging toeliet. De verwijzing naar artikel 335 van het Burgerlijk wetboek is dan ook niet relevant aangezien de verzoeker de naam van zijn moeder draagt. Toeval wil dat de naam van de vader van de verzoeker qua stam overeenstemt met de naam van zijn IX-6545-5/11 echtgenote en na een naamswijziging zou zijn naam aldus corresponderen met de naam van zijn echtgenote. Dit is een ernstige reden zodat de bestreden beslissing volstrekt onredelijk is waar het tegendeel beweerd wordt. De verzoeker verklaart zich verder niet akkoord dat de voornaamswijziging wordt toegestaan, maar de voorgestelde naamswijziging niet. Hij is van oordeel dat het begrip “ernstige redenen” te dezen te beperkt wordt geïnterpreteerd. Ten slotte merkt de verzoeker op dat niet wordt betwist dat het verzoek tot naamswijziging geen aanleiding geeft tot verwarring en het noch hem noch derden kan schaden.
  10. De verwerende partij antwoordt dat de Raad van State enkel kan nagaan of de beslissing van de minister van Justitie, gebaseerd op de aanvraag tot naamswijziging, niet kennelijk onredelijk is en dat de verzoeker zich niet voor het eerst voor de Raad van State op nieuwe elementen kan steunen om aan te tonen dat er wel degelijk ernstige morele en emotionele redenen voorhanden zijn. Voorts betoogt zij dat in de bestreden beslissing de redenen voor de weigering duidelijk worden omschreven. Er wordt immers overwogen dat gelet op het principe van vastheid van naam een naamsverandering slechts uitzonderlijk kan worden toegestaan, wanneer ze gesteund is op behoorlijk bewezen ernstige redenen. De invulling van het begrip “ernstige redenen”, behoort tot de appreciatiebevoegdheid van de uitvoerende macht. De verzoeker haalt als reden voor de naamswijziging aan dat hij een naam wenst te dragen die meer gelijkt op die van zijn echtgenote. De minister heeft dit bij het nemen van de bestreden beslissing afgewogen tegen het principe van de vastheid van naam. Aldus is het redelijkheids- en evenredigheidsbeginsel niet geschonden. Evenmin is artikel 3 van de wet van 15 mei 1987 of het legaliteitsbeginsel geschonden aangezien de minister, in acht genomen zijn appreciatiebevoegdheid om te oordelen wat begrepen moet worden onder “ernstige redenen”, wettig kon oordelen dat de wens om een naam te dragen die lijkt op deze van de echtgenote geen ernstige reden is. Ten slotte merkt de verwerende partij nog op dat het feit dat een voornaamswijziging wel werd toegestaan niet ter zake doet aangezien voor een IX-6545-6/11 verzoek tot voornaamswijziging geen ernstige redenen moeten worden aangetoond. Evenmin doet ter zake, de omstandigheid dat niet wordt betwist dat de gevraagde naamswijziging geen aanleiding geeft tot verwarring, en noch de verzoeker noch derden kan schaden. Een verzoek tot naamsverandering dient immers bovenal te steunen op ernstige redenen.
  11. In zijn memorie van wederantwoord schrijft de verzoeker nog dat de reden die hij heeft opgegeven in zijn aanvraag tot naamsverandering, met name het bekomen van de grootst mogelijke gelijkenis tussen de naam van hemzelf en deze van zijn echtgenote, op zich genomen, reeds voldoende ernstig is. In de oosterse landen verschillen de familienamen van echtgenoten slechts inzake de uitgang van het woord, hetgeen de huwelijksband onderstreept. Beoordeling
  12. Artikel 2, eerste lid, van de wet van 15 mei 1987, luidt als volgt: “Elke persoon die enigerlei reden heeft om van naam of voornamen te veranderen, kan daartoe aan de Minister van Justitie een met redenen omkleed verzoek richten.” Artikel 3, tweede lid, van dezelfde wet, luidt als volgt: “De Koning kan de naamsverandering uitzonderlijk toestaan indien hij van oordeel is dat het verzoek op ernstige redenen steunt en de gevraagde naam geen aanleiding geeft tot verwarring en de verzoeker of derden niet kan schaden.” Uit die laatste bepaling blijkt dat om een naamsverandering te verkrijgen aan twee voorwaarden moet worden voldaan: enerzijds moet het verzoek tot naamsverandering op ernstige redenen steunen; anderzijds mag de gevraagde naam geen aanleiding geven tot verwarring en de verzoeker of derden niet schaden. De onveranderlijkheid van de familienaam is immers noodzakelijk om personen doeltreffend te kunnen identificeren in hun sociale IX-6545-7/11 relaties en is een waarborg voor stabiliteit, die slechts bij wijze van uitzondering mag worden verstoord. Bij de parlementaire voorbereiding van de wet van 15 mei 1987 werd bevestigd dat de onveranderlijkheid van de naam de regel moet blijven en de naamsverandering de uitzondering. In de memorie van toelichting bij het wetsontwerp (Parl. St., Kamer, 1983-84, nr. 966/1, pp. 4-5) dat tot de wet van 15 mei 1987 heeft geleid, werd immers gesteld: “Daarentegen moet voor de verandering van naam de onveranderlijkheid de regel blijven en de verandering de uitzondering. Derhalve moeten de verzoeken, waarvan na onderzoek blijkt dat zij niet berusten op een ernstige reden, verworpen worden, zelfs als de gevraagde naam niemand schade berokkent.” Bij de bespreking van het ontwerp werd door de vertegenwoordiger van de minister onder meer verklaard: “De verandering van naam moet op een duidelijk omschreven en ernstige reden steunen” (Parl. St., Senaat, 1986-87, nr. 701/2, p. 8). De Koning beschikt over een discretionaire bevoegdheid. Het komt de Raad van State niet toe om zich in de plaats van de overheid te stellen bij de beoordeling van de motieven op basis waarvan de naamsverandering al dan niet kan worden toegestaan. Hij kan wel nagaan of de beoordeling van de overheid steunt op feitelijk juiste en in rechte aanvaardbare motieven en of die beoordeling binnen de grenzen van de redelijkheid blijft.
  13. Verzoekers aanvraag tot naamswijziging is gesteund op de wens een naam te dragen die lijkt op die van zijn echtgenote. De minister heeft geoordeeld -op grond van zijn discretionaire bevoegdheid- dat dit geen ernstige reden is in de zin van artikel 3 van de wet van 15 mei 1987, zodat de naamswijziging niet kan worden toegestaan.
  14. In zijn middel werpt de verzoeker vooreerst op dat er nog andere ernstige redenen zijn die hij niet in zijn aanvraag tot naamswijziging heeft vermeld, met name dat hij thans de familienaam van zijn moeder draagt, maar ingevolge de naamsverandering de familienaam van zijn vader zou dragen. IX-6545-8/11 De verzoeker kan evenwel, gelet op de welomschreven bevoegdheid van de Raad van State ter zake, niet voor het eerst tijdens de annulatieprocedure argumenten aanbrengen die in de aanvraag tot naamswijziging dienden te worden vermeld en van aard zouden kunnen zijn het opportuniteitsoordeel van de verwerende partij te beïnvloeden. Hier anders over oordelen, zou immers inhouden dat de Raad van State een opportuniteitsoordeel kan vellen in de plaats van het bestuur. Bij de beoordeling van de legaliteit van het opportuniteitsoordeel kan derhalve enkel rekening worden gehouden met de elementen die de verzoeker tijdens de administratieve procedure heeft aangebracht. In zoverre de verzoeker aanvoert dat de naamswijziging tot gevolg heeft dat hij de naam van zijn vader zou dragen kan met deze argumentatie geen rekening worden gehouden.
  15. Voorts stelt de verzoeker dat zijn wens om een naam te dragen die lijkt op de naam van zijn echtgenote wel een ernstige reden is. Zoals hiervόόr overwogen komt het enkel aan de verwerende partij toe om te oordelen of deze reden voldoende ernstig is om af te wijken van het principe van de vastheid van naam. De overweging dat geen ernstige reden wordt aangevoerd door de verzoeker om de gevraagde naamswijziging toe te staan, gaat de discretionaire bevoegdheid van de verwerende partij niet te buiten. Aldus werd het niet aanvaarden van een ernstige reden om de naamswijziging toe te staan in de bestreden beslissing op goede gronden getoetst aan het principe van de vastheid van naam en aan de wijze waarop de naam wordt verkregen, door de overweging dat het verzoek om de naam te dragen van de echtgenote niet kan worden aangenomen als een ernstige reden om de naams- wijziging toe te staan, omdat naar het discretionair oordeel van de verwerende partij alsdus afbreuk wordt gedaan aan het in de wet verankerd beginsel van de vastheid van naam. IX-6545-9/11 Deze redengeving steunt op feitelijke juiste en in rechte aanvaardbare motieven en is niet kennelijk onredelijk. De verwerende partij kon op grond van de aangehaalde motieven dan ook wettig beslissen om geen naamswijziging toe te staan.
  16. Voorts bekritiseert de verzoeker nog dat de gevraagde voornaamswijziging wordt toegestaan, maar de naamswijziging niet. Artikel 3 van de wet van 15 mei 1987 maakt evenwel een duidelijk onderscheid tussen de voornaamsverandering (artikel 3, eerste lid) enerzijds en de naamsverandering (artikel 3, tweede lid) anderzijds. Terwijl de naamsverandering slechts uitzonderlijk kan worden toegestaan en het verzoek moet steunen op ernstige redenen, is dit voor de voornaamswijziging niet vereist.
  17. Ten slotte merkt de verzoeker nog op dat niet betwist wordt dat het verzoek tot naamswijziging geen aanleiding geeft tot verwarring en het hem, noch derden, kan schaden. Zoals hiervόόr evenwel uiteengezet moet om een naamsverandering te verkrijgen aan twee cumulatieve voorwaarden worden voldaan: enerzijds moet het verzoek tot naamsverandering steunen op ernstige redenen en anderzijds mag de gevraagde naam de verzoeker of derden niet schaden. Nu blijkt dat de verwerende partij wettig beslist heeft dat er geen ernstige redenen voorhanden zijn om de naamsverandering toe te staan, doet het niet ter zake dat de gevraagde naamswijziging noch de verzoeker, noch derden, schaadt. Aan één van de twee cumulatieve voorwaarden is immers niet voldaan.
  18. Het enig middel is niet gegrond. BESLISSING
  19. De Raad van State verwerpt het beroep. IX-6545-10/11
  20. De verzoeker wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 175 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 23 december 2010, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: André Vandendriessche, kamervoorzitter, Daniël Moons, staatsraad, Bert Thys, staatsraad, bijgestaan door Wim Geurts, griffier. De griffier De voorzitter Wim Geurts André Vandendriessche IX-6545-11/11 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.210.088 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.