← België

Arrest 242999 - Overheidsopdrachten - 20/11/2018

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 20 november 2018 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.242.999 Rolnummer: A. 225503/XII-8567 Zaak: Arrest 242999 - Overheidsopdrachten - 20/11/2018 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2018-12-03 Raadplegingen: 71 - laatst gezien 2026-06-24 22:25 Fiche Arrest nr 242.999 van 20 november 2018 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 242.999 van 20 november 2018 in de zaak A. 225.503/XII-8567 In zake:

  1. de NV BSV
  2. de SASU ATD bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Mathy Depuydt en Vallery Declercq kantoor houdend te 8570 Anzegem Kerkstraat 1 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de NV HET HAVENBEDRIJF ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten David D‟Hooghe en Alexandre Peytchev kantoor houdend te 1000 Brussel Loksumstraat 25 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  3. Het beroep, ingesteld op 20 juni 2018, strekt tot de nietigver- klaring van “de beslissing dd. 05.06.2018 van het bestuur van Havenbedrijf Ant- werpen NV van publiek recht, ter kennis gebracht aan [de nv BSV en de sasu ATD] bij aangetekend schrijven dd. 06.06.2018 en waarbij beslist werd de kandidatuur van de thv BSV nv ATD voor de overheidsopdracht „1310624 - Het slopen van de site van General Motor‟ niet te weerhouden, doch de kandidaturen van de kandi- daten Aclagro nv, thv Aannemingsbedrijf Aertssen nv-nv G&A De Meuter, thv Koole bv - Vanderstraeten nv, Van Vliet Sloopwerken bv, thv Verhelst Aan- nemingen nv -Romarco, thv Wanty nv - Castagnetti sprl wel te selecteren en tot het overmaken van het bestek aan de zes laatst genoemde firma‟s met het oog op het indienen van een offerte”. XII-8567-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
  4. Bij arrest nr. 242.092 van 10 juli 2018 is de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. Het voormelde arrest is op 12 juli 2018 aan de verzoekende partijen ter kennis gebracht. Op 20 september 2018 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partijen de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 11/3, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuurs- rechtspraak van de Raad van State‟. De verzoekende partijen hebben niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, geco- ördineerd op 12 januari
  5. III. Toepassing van artikel 17, § 7, van de wetten op de Raad van State, gecoör- dineerd op 12 januari 1973 3.
  6. Naar luid van artikel 17, § 7, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de ken- nisgeving van het arrest. 3.
  7. De verzoekende partijen hebben geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. XII-8567-2/4 3.
  8. Het vermoeden van afstand van het geding is te dezen van toe- passing. IV. Kosten
  9. In de gegeven omstandigheden past het de kosten van de vor- dering tot schorsing ten laste te leggen van de verzoekende partijen.
  10. De verwerende partij vordert in haar nota een rechtsplegings- vergoeding ten bedrage van 840 euro. Gelet op het bepaalde in artikel 67, § 2, laatste lid, van het voormelde besluit van de Regent van 23 augustus 1948 is er evenwel aanleiding om de rechtsplegingsvergoeding te beperken tot het basisbedrag, zijnde 700 euro. BESLISSING
  11. De Raad van State stelt de afstand van het geding vast.
  12. De verzoekende partijen worden verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 400 euro, elk voor helft, een bijdrage van 40 euro, elk voor de helft, en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwe- rende partij. XII-8567-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 20 november 2018, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Johan Bovin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Johan Bovin XII-8567-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.242.999 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.242.092 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.