id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 december 2018 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.127 Rolnummer: A. 219190/X-16616 Zaak: Arrest 243127 - Wegenwezen - 06/12/2018 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2018-12-18 Raadplegingen: 74 - laatst gezien 2026-06-24 23:06 Fiche Arrest nr 243.127 van 6 december 2018 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Wegenwezen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 243.127 van 6 december 2018 in de zaak A. 219.190/X-16.
- In zake :
- Evita NEEFS
- Jef VAN GIEL
- Hendrik KARSTEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Ive Van Giel kantoor houdend te 2018 Antwerpen Generaal Lemanstraat 67 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen :
- de PROVINCIE ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Reiner Tijs kantoor houdend te 2000 Antwerpen Nassaustraat 37-41 bij wie woonplaats wordt gekozen
- het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Willem Slosse en Stijn Brusselmans Mechelsesteenweg 64 bus 201 bij wie woonplaat wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 9 mei 2016, strekt tot de nietigverklaring van : “1) [h]et Besluit van de Vlaamse Regering van 7 maart 2016 inzake de beroepen tegen de beslissing van de Deputatie van de Provincie Antwerpen met betrekking tot de gedeeltelijke afschaffing van buurtweg nr. 8, Graffendonk, op het grondgebied van de Gemeente Zoersel […]. 2) [h]et Besluit van de Deputatie van de Provincie Antwerpen van 26 februari 2015 tot gedeeltelijke afschaffing van de buurtweg nr. 8, Graffendonk, op het grondgebied van de Gemeente Zoersel […].” X-16.616-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partijen hebben een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend. Auditeur Wouter De Cock heeft een verslag opgesteld. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 30 november
- Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Julie Vanhoenacker, die loco advocaat Ive Van Giel verschijnt voor de verzoekende partijen, advocaat Joris Claes, die loco advocaat Reiner Thys verschijnt voor de eerste verwerende partij, en advocaat Christiaan Beyaert, die loco advocaten Willem Slosse en Stijn Brusselmans verschijnt voor de tweede verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Iris Verheven heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Afstand
- In het auditoraatsverslag wordt voorgesteld de acht middelen van de verzoekende partijen te verwerpen. De verzoekende partijen verklaren hierop, elk in een afzonderlijke brief van 25 oktober 2018, afstand van hun vordering te doen. Zij menen dat er geen reden is om een X-16.616-2/4 rechtsplegingsvergoeding op te leggen aangezien er door de afstand van geding geen in het gelijk gestelde partij is. De tweede verzoekende partij vraagt bovendien, ondergeschikt, dat in voorkomend geval de rechtsplegingsvergoeding tot het minimumbedrag van 140 euro wordt beperkt, gelet op haar beperkte financiële draagkracht.
- De verzoekende partijen leggen zich kennelijk neer bij het voor hen ongunstig auditoraatsverslag. Anders dan zij menen, mogen in die omstandigheden de verwerende partijen wel degelijk als een in het gelijk gestelde partij in de zin van artikel 30/1, § 1, eerste lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State worden beschouwd.
- Het door de tweede verzoekende partij bijgebrachte stuk kan er niet van overtuigen om de rechtsplegingsvergoeding die zij – niet alleen, maar tezamen – met de eerste en de derde verzoekende partij aan de verwerende partijen verschuldigd is, tot 140 euro te verminderen. Het betrokken verzoek wordt bijgevolg niet ingewilligd. BESLISSING
- De Raad van State stelt de afstand van het beroep tot nietigverklaring vast.
- De verzoekende partijen worden, elk voor een derde, verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 600 euro en op een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro die verschuldigd is aan elk van de verwerende partijen. X-16.616-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zes december 2018, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Johan Lust X-16.616-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.127 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div