id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 18 december 2018 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.257 Rolnummer: A. 222387/XIV-37440 Zaak: Arrest 243257 - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 18/12/2018 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2018-12-28 Raadplegingen: 81 - laatst gezien 2026-06-24 23:45 Fiche Arrest nr 243.257 van 18 december 2018 Vreemdelingen - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK XIVe KAMER nr. 243.257 van 18 december 2018 in de zaak A. 222.387/XIV-37.440 In zake : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de staatssecretaris, thans de minister bevoegd voor Asiel en Migratie bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Carmenta Decordier kantoor houdend te 9041 Gent-Oostakker Orchideestraat 61A bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : XXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Martine De Raedemaeker kantoor houdend te 2800 Mechelen Augustijnenstraat 10 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het cassatieberoep
- Het cassatieberoep, ingesteld op 12 juni 2017, strekt tot de cassatie van het arrest nr. 186.718 van 12 mei 2017 van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. II. Verloop van de rechtspleging
- Het cassatieberoep is toelaatbaar verklaard bij beschikking nr. 12.493 van 4 juli
- Verweerster heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. XIV-37.440-1/4 Eerste auditeur Marijke Sterck heeft een verslag opgesteld, op grond van artikel 16 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 ‘tot vaststelling van de cassatie-procedure bij de Raad van State’. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 12 september
- Staatsraad Carlo Adams heeft verslag uitgebracht. Advocaat Brecht Heirman, die loco advocaat Carmenta Decordier verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Daan Lernout, die loco advocaat Martine De Raedemaeker verschijnt, zijn gehoord. Eerste auditeur Marijke Sterck heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten
- Verweerster dient op 1 oktober 2014 een aanvraag in voor het verkrijgen van een visum type D met het oog op gezinshereniging met haar Belgische echtgenoot. Op 23 augustus 2016 beslist de staatssecretaris voor Asiel en Migratie tot weigering van het gevraagde visum. Verweerster stelt op 22 september 2016 tegen deze beslissing een beroep tot nietigverklaring in bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. XIV-37.440-2/4 Met een arrest van 12 mei 2017 vernietigt de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen de voornoemde beslissing van 23 augustus
- Dit is het bestreden arrest. IV. Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
- Het belang bij een cassatieberoep voor de Raad van State moet niet enkel bestaan bij het instellen van dat beroep maar ook gedurende de gehele procedure, tot op het ogenblik van de uitspraak. Het kan teloorgaan door omstandigheden die zich in de loop van het geding voordoen. Daarenboven moet een verzoeker wiens belang in de loop van het geding op grond van relevante gegevens in vraag wordt gesteld, daarover standpunt innemen en het behoud van zijn belang aantonen. Met een brief van haar raadsman van 23 juli 2018 deelt de verzoekende partij mee dat verweerster op 17 april 2017 in het bezit werd gesteld van een F-kaart, geldig tot 28 maart
- Zij deelt mee niet langer over een actueel belang bij het cassatieberoep te beschikken. Bij die brief zijn stavingsstukken gevoegd. Nu de verzoekende partij verweerster blijkt te hebben gemachtigd tot een verblijfsrecht, gelijk aan het oorspronkelijk gevraagde, valt niet in te zien welk belang de verzoekende partij nog zou hebben bij de cassatie van een arrest waarmee een eerdere weigering van een visum in hoofde van verweerster werd vernietigd. De verzoekende partij bevestigt dit ter terechtzitting en toont dan ook geenszins het behoud van het vereiste belang aan. Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk. XIV-37.440-3/4 V. Kosten
- Vermits het cassatieberoep wordt verworpen, dient de verzoekende partij als de in het ongelijk gestelde partij te worden beschouwd en dienen de kosten te haren laste te worden gelegd. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het cassatieberoep.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het cassatieberoep, begroot op een rolrecht van 200 euro, en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan verweerster. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van achttien december tweeduizend achttien, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Geert Debersaques, kamervoorzitter, Carlo Adams, staatsraad, Kaat Leus, staatsraad, bijgestaan door Johan Pas, griffier. De griffier De voorzitter Johan Pas Geert Debersaques XIV-37.440-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.257 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div