id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Beschikking van 06 december 2018 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2018:ORD.13.086 Rolnummer: A. 226436/XIV-37846 Zaak: Cassatiebeschikking 13086 - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 06/12/2018 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2018-12-19 Raadplegingen: 68 - laatst gezien 2026-06-25 01:09 Fiche Beschikking nr 13.086 van 6 december 2018 Vreemdelingen - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen Beslissing : Niet toegelaten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Afdeling administratie Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK BESCHIKKING BETREFFENDE DE TOELAATBAARHEID IN ADMINISTRATIEVE CASSATIE nr. 13.086 van 6 december 2018 in de zaak A. 226.436/XIV-37.846 In zake : XXXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Alexander Loobuyck kantoor houdend te 8000 Brugge Langestraat 46/1 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de COMMISSARIS-GENERAAL VOOR DE VLUCHTELINGEN EN DE STAATLOZEN ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Het cassatieberoep, ingesteld op 15 oktober 2018, strekt tot de cassatie van het arrest nr. 209.048 van 10 september 2018 van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Het dossier van de zaak is op 22 oktober 2018 aangekomen ter griffie. Er is toepassing gemaakt van artikel 20 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en van de artikelen 7 tot en met 11 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 ‘tot vaststelling van de cassatieprocedure bij de Raad van State’. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- De door verzoeker met een aanvullende nota van 30 juli 2018 naar de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen gestuurde stukken zijn “2 schoolrapporten van toen de verzoekende partij in Saudie-Arabië verbleef - verblijf dat door de verwerende partij in twijfel wordt getrokken”. XIV-37.846-1/3 Met de aanvankelijk bestreden beslissing is verzoekers derde asielaanvraag, die ten opzichte van Somalië wordt beoordeeld, niet in overweging genomen omdat hij “niet aannemelijk heeft gemaakt over de Somalische nationaliteit te beschikken”, hetgeen “volstond om de door [hem] aangehaalde feiten die zich in Somalië zouden afgespeeld hebben, niet verder te onderzoeken omdat dergelijk onderzoek toch niet tot een ander besluit betreffende de gegrondheid van [zijn] asielaanvraag zou kunnen leiden”. In de met toepassing van artikel 39/73, § 2, van de wet van 15 december 1980 ‘betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen’ (hierna: de vreemdelingenwet) aan verzoeker meegedeelde beschikking van 3 juli 2018 wordt verwezen naar verzoekers met definitieve beslissingen ongeloofwaardig bevonden eerste en tweede asielaanvraag. Vervolgens wordt op nader gemotiveerde wijze vastgesteld dat, vermits “de door verzoeker neergelegde identiteitsdocumenten, waarvan niet betwist wordt dat deze werd(en) uitgereikt door de Somalische ambassade, naar de inhoud toe, niet de minste garantie bied[en] dat de daarin opgenomen gegevens correct zijn, […] er geen bewijswaarde [kan] worden gehecht aan deze neergelegde documenten”. Met betrekking tot de subsidiaire bescherming wordt vastgesteld dat verzoeker “met een ongeloofwaardig relaas en zonder bewijs van de voorgehouden nationaliteit en afkomst” zelf het bewijs van enig verband tussen een reëel risico op ernstige schade en zijn persoon onmogelijk maakt. Er wordt besloten dat verzoeker geen elementen lijkt aan te brengen die de kans aanzienlijk groter maken dat hij in aanmerking komt voor de vluchtelingenstatus of de subsidiaire beschermingsstatus. In antwoord op verzoekers verweer ter terechtzitting wordt in het bestreden arrest aangehaald dat verzoeker zich beperkt tot het volharden in zijn eerdere verklaringen en het opsommen van de eerder tijdens de procedure neergelegde documenten “zonder evenwel enig verweer te voeren tegen de door de commissaris-generaal gedane bevindingen omtrent deze documenten noch [zijn] opmerkingen te formuleren aangaande de in de voornoemde beschikking opgenomen grond” waarbij verzoeker “er blijkbaar aan voorbij[gaat] dat reeds vastgesteld werd dat geen geloof kan gehecht worden aan [zijn] voorgehouden Somalische nationaliteit”. Er wordt in het bestreden arrest inderdaad geen melding gemaakt van verzoekers nota van 30 juli 2018 met twee schoolrapporten uit Saoedi-Arabië. De door verzoeker daaruit afgeleide onwettigheid, in essentie bestaande uit een schending van de XIV-37.846-2/3 jurisdictionele motiveringsplicht en van artikel 39/76 van de vreemdelingenwet en dientengevolge uit een onterechte weigering van de vluchtelingenstatus en de subsidiaire beschermingsstatus, kan de strekking van het bestreden arrest echter niet hebben beïnvloed. Het bestreden arrest is immers gesteund op de vaststelling dat verzoekers Somalische nationaliteit ongeloofwaardig is omdat geen bewijswaarde kan worden gehecht aan de documenten dienaangaande. Verzoeker wilde met de schoolrapporten enkel aantonen dat hij in Saoedi-Arabië heeft gewoond doch zulks heeft geen betrekking op en kan geen afbreuk doen aan het motief betreffende de ongeloofwaardigheid van zijn voorgehouden Somalische nationaliteit. De thans voorgehouden onwettigheid kan derhalve niet leiden tot de cassatie van het bestreden arrest. Het enige middel is kennelijk niet-ontvankelijk. BESLUIT:
- Het cassatieberoep is niet-toelaatbaar.
- Verzoeker wordt verwezen in de kosten van het cassatieberoep, begroot op een rolrecht van 200 euro. Deze beschikking is, na beraad, uitgesproken te Brussel op zes december tweeduizend achttien, door: Carlo Adams, staatsraad, bijgestaan door Joris Casneuf, griffier. De griffier De voorzitter Joris Casneuf Carlo Adams XIV-37.846-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ORD.13.086 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div