← België

Arrest 243341 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 08/01/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 08 januari 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.243.341 Rolnummer: A. 224985/IX-9283 Zaak: Arrest 243341 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 08/01/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-01-16 Raadplegingen: 76 - laatst gezien 2026-06-25 00:44 Fiche Arrest nr 243.341 van 8 januari 2019 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 243.341 van 8 januari 2019 in de zaak A. 224.985/IX-9283 In zake: Kristiaan BAEYENS woonplaats kiezend te 2861 Sint-Katelijne-Waver Leemstraat 79 tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door:

  1. het Selectiebureau van de Federale Overheid
  2. de minister van Begroting en van Ambtenarenzaken bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Emmanuel Jacubowitz en Anthony Poppe kantoor houdend te 1160 Brussel Tedescolaan 7 bij wie woonplaats wordt gekozen
  3. de minister van Digitale Agenda -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  4. Met een beroep, ingesteld op 7 april 2018, vraagt Kristiaan Baeyens “de lijst [naar aanleiding van de selectie van Nederlandstalig burgerlijk ingenieur ANG16069] onwettig te verklaren, daaruitvolgend de personen op deze lijst welke niet aan de deelnemingsvoorwaarden voldoen van deze lijst te weren”. II. Verloop van de rechtspleging
  5. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord inge- diend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. IX-9283-1/6 Auditeur Melissa Celis heeft een verslag opgesteld, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 10 december
  6. Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitge- bracht. De verzoekende partij is gehoord. Auditeur Melissa Celis heeft een met dit arrest eensluidend ad- vies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  7. III. Feiten
  8. Verzoeker neemt in de loop van 2016 deel aan een vergelijkende selectie van Nederlandstalige burgerlijk ingenieurs voor de Regie der Gebouwen, met referentie ANG
  9. Op 13 juni 2016 wordt de selectieprocedure afgerond. De se- lectiecommissie stelt het proces-verbaal op met de rangschikking van de geslaagde kandidaten. Over verzoeker luidt het proces-verbaal dat hij niet geslaagd is. Verzoeker vordert bij de Raad van State de nietigverklaring van deze beslissing, zowel in zoverre hij niet geslaagd is verklaard als in zoverre de IX-9283-2/6 rangschikking van de laureaten wordt vastgesteld, met een beroep dat bij arrest nr. 242.671 van 16 oktober 2018 wordt verworpen. Met huidig beroep vordert verzoeker opnieuw de nietigverkla- ring van de rangschikking van de geslaagden. IV. Verzoek tot samenvoeging
  10. Op de vraag van verzoeker om de huidige zaak samen te voegen met de zaak gekend onder rolnummer A. 219.551/IX-8883 kan niet worden in- gegaan. In die zaak is immers reeds een eindarrest gewezen – arrest nr. 242.671 van 16 oktober 2018 – zodat het verzoek zonder voorwerp is. V. Toepassing kortedebattenprocedure
  11. De verwerende partij werpt met betrekking tot het belang van verzoeker op dat bij een verwerping van het beroep tot nietigverklaring gericht tegen de beslissing van verzoekers niet-slagen – dit is de voormelde zaak A. 219.551/IX-8883, die op het ogenblik van het indienen van de memorie van antwoord nog hangende was – hij niet langer over het rechtens vereiste belang beschikt. Om te kunnen worden benoemd als attaché A2 – burgerlijk ingenieur bij de Regie der Gebouwen, moest de kandidaat immers slagen voor de selectie ANG
  12. Met huidig verzoekschrift stelt verzoeker aan de kaak, blijkens zijn middelen, dat de selectiecommissie laureaten in de werfreserve heeft opge- nomen die, volgens verzoeker, niet voldeden aan de voorwaarden om aan de se- lectie te mogen deelnemen of benoemd te worden.
  13. In het auditoraatsverslag wordt vastgesteld dat verzoeker niet langer beschikt over het rechtens vereiste actueel belang, aangezien uit arrest nr. 242.671 van 16 oktober 2018 volgt dat het resultaat van de selectieprocedure IX-9283-3/6 ANG16069 althans ten aanzien van verzoekers deelname definitief vaststaat, dat verzoeker definitief niet-geslaagd is voor deze procedure en dat hij bijgevolg niet is opgenomen in de werfreserve noch uit die lijst benoemd kan worden. Dit bete- kent, aldus het auditoraatsverslag, dat een eventuele nietigverklaring van de be- slissing van de selectiecommissie van 13 juni 2016, in zoverre ter afsluiting van de selectieprocedure ANG16069 de lijst met rangschikking van de geslaagden en de werfreserve zijn vastgesteld, hem geen enkel persoonlijk voordeel meer kan op- leveren.
  14. Zoals uit het auditoraatsverslag blijkt, rijzen er ernstige twijfels of verzoeker nog enig voordeel puurt uit de door hem nagestreefde nietig- verklaring. Van een verzoeker die op dergelijke wijze geconfronteerd wordt met een exceptie van gebrek aan belang, wordt verwacht dat hij daartegenover klaar en duidelijk standpunt kiest. Het ligt op zijn weg om, indien hij de exceptie betwist, de precieze redenen daarvoor te doen kennen en, meer bepaald, het belang dat hij thans nog met zijn vordering gediend wil zien zo nauwkeurig en volledig mogelijk te omschrijven. Op de terechtzitting heeft verzoeker uiteengezet waarom het beroep volgens hem ontvankelijk is ratione temporis, maar hij heeft, hierover ondervraagd, de zo-even weergegeven conclusie van het auditoraatsverslag met betrekking tot zijn belang niet weersproken.
  15. De Raad stelt vast dat verzoeker geen actueel belang meer doet gelden en dat het beroep dienvolgens hoe dan ook onontvankelijk is. Het auditoraat heeft terecht gemeend dat een kort debat volstaat om tot deze conclusie te komen. IX-9283-4/6 VI. Rechtsplegingsvergoeding
  16. Op de terechtzitting vraagt verzoeker dat de Raad de gevraagde rechtsplegingsvergoeding zou verlagen. Hij argumenteert dat de verwerende partij voor deze zaak in de gegeven omstandigheden minder werk had.
  17. Op de vraag van verzoeker kan niet worden ingegaan. Het was de eigen keuze van verzoeker om een nieuwe procedure in te leiden. Weliswaar heeft het auditoraat in deze zaak een verslag opgesteld met het oog op een ver- snelde procedure, maar pas nadat de verwerende partij reeds een memorie van antwoord heeft neergelegd. Bovendien voert verzoeker in deze zaak tegen de door hem bestreden beslissing nieuwe middelen aan, zodat die memorie van antwoord geenszins een loutere kopie is van de procedurestukken die de verwerende partij heeft neergelegd in de vorige procedure. Er is bijgevolg geen reden om het ge- vraagde basisbedrag van de rechtsplegingsvergoeding – die een forfaitaire tege- moetkoming is in de kosten en honoraria van de advocaat van de in het gelijk gestelde partij – te verminderen. BESLISSING
  18. De Raad van State verwerpt het beroep.
  19. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. IX-9283-5/6 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 8 januari 2019, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren IX-9283-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.243.341 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.