← België

Arrest 243712 - Examenbetwistingen en weigeringen tot inschrijving - 19/02/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 februari 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.243.712 Rolnummer: A. 215267/IX-8605 Zaak: Arrest 243712 - Examenbetwistingen en weigeringen tot inschrijving - 19/02/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-03-07 Raadplegingen: 67 - laatst gezien 2026-06-29 03:23 Fiche Arrest nr 243.712 van 19 februari 2019 Onderwijs en cultuur - Examenbetwistingen en weigeringen tot inschrijving Beslissing : Vernietiging Depersonalisatie Overschrijving en verwijzing Kantmelding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK IXe KAMER nr. 243.712 van 19 februari 2019 in de zaak A. 215.267/IX-8605 In zake: de KATHOLIEKE UNIVERSITEIT LEUVEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten David D’Hooghe en Jole Carlé kantoor houdend te 1000 Brussel Loksumstraat 25 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Theo Ickmans kantoor houdend te 3960 Bree Witte Torenwal 17 bus 1.1 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het cassatieberoep

  1. Het cassatieberoep, ingesteld op 12 maart 2015, strekt tot de nietigverklaring van besluit nr. 2014/459-2014/523 van de Raad voor betwistin- gen inzake studievoortgangsbeslissingen van 9 februari
  2. II. Verloop van de rechtspleging
  3. Bij arrest nr. 238.532 van 15 juni 2017 vernietigt de Raad van State besluit nr. 2014/459-2014/523 van de Raad voor betwistingen inzake stu- dievoortgangsbeslissingen van 9 februari 2015, voor zover erin uitspraak wordt gedaan over: - de beslissing van de vicerector van 14 oktober 2014 over het opleidingson- derdeel ‘verdieping in de heelkundige disciplines’, IX-8605-1/6 - de beslissing van de vicerector van 14 oktober 2014 over het opleidingson- derdeel ‘klinische stage in de heelkundige disciplines, deel 2’, behalve in zoverre het besluit uitspraak doet over de ontvankelijkheid van het beroep tegen die onderdelen van de beslissing van de vicerector; vernietigt de Raad van State besluit nr. 2014/459-2014/523 van de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen van 9 februari 2015, voor zo- ver erin uitspraak wordt gedaan over - de “beslissingen tot niet-invulling van de stagecomponenten in de ManaMa”, - de beslissing van de vicerector van 26 november 2014; heropent de Raad van State het debat in de mate waarin de Raad voor betwistin- gen inzake studievoortgangsbeslissingen uitspraak heeft gedaan over de beslis- sing van de vicerector van 14 oktober 2014 voor het overige en wordt aan het Grondwettelijk Hof in dat verband een prejudiciële vraag gesteld. Het Grondwettelijk Hof heeft op die vraag geantwoord bij ar- rest nr. 157/2018 van 22 november
  4. Eerste auditeur Jurgen Neuts heeft een aanvullend verslag op- gesteld. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 11 februari
  5. Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitge- bracht. Advocaat David D’Hooghe, die verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Ingrid Martens, die loco advocaat Theo Ickmans verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Jurgen Neuts heeft een met dit arrest eenslui- dend advies gegeven. IX-8605-2/6 Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  6. III. Feiten
  7. Wat de feitelijke gegevens van de zaak betreft, mag worden verwezen naar de uiteenzetting ervan in arrest nr. 238.532 van 15 juni
  8. IV. Onderzoek van de middelen A. Eerste middel Standpunt van de partijen
  9. In het eerste middel, zoals het is samengevat in de memorie van wederantwoord op grond waarvan de Raad van State uitspraak doet overeenkom- stig artikel 14, derde lid, van het koninklijk besluit van 30 november 2006 ‘tot vaststelling van de cassatieprocedure bij de Raad van State’, voert verzoekster onder meer de schending aan van artikel II.285, tweede lid, van de Codex Hoger Onderwijs (VCHO) juncto artikel I.3, 69°, VCHO.
  10. In essentie argumenteert verzoekster dat de bestreden beslissin- gen “geenszins [beantwoorden] aan de definitie van ‘examenbeslissing’ of enige andere ‘studievoortgangsbeslissing’, zoals gedefinieerd door artikel I.3, 69° van de Codex Hoger Onderwijs”, zodat de Raad voor betwistingen inzake studie- voortgangsbeslissingen niet bevoegd is om van het geschil kennis te nemen. Voor het overige mag naar het tussenarrest van 15 juni 2017 worden verwezen, wat de nadere uiteenzetting betreft van de standpunten van de partijen. IX-8605-3/6 Beoordeling
  11. In geding is nog de beslissing van de vicerector van de KU Leuven van 14 oktober 2014, voor zover de vicerector in die beslissing uitspraak doet over de beoordeling van het interview en de wetenschappelijke opdracht, over het opstellen van de ranking als resultaat van de rekenkundige verwerking van de deelscores en over de daaruit voortvloeiende niet-selectie van de verwe- rende partij “voor de ASO orthopedie”. In het meervermelde tussenarrest heeft de Raad van State reeds geoordeeld dat die thans nog in geding zijnde beslissing geen studievoortgangs- beslissing is in de zin van artikel I.3, 69°, a), c) of g), VCHO en dat, opdat ze onder de rechtsmacht van de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbe- slissingen gebracht zou kunnen worden, een uitdrukkelijke beslissing vereist is van de decreetgever.
  12. Op de ten verzoeke van de verwerende partij gestelde vraag heeft het Grondwettelijk Hof afwijzend geantwoord.
  13. Het eerste middel is in de aangegeven mate gegrond. B. Vierde en vijfde middel
  14. Over het vierde en het vijfde middel is reeds uitspraak gedaan in het tussenarrest van 15 juni
  15. C. Tweede, derde, zesde, zevende, achtste, negende, tiende, elfde en twaalfde middel
  16. Er is geen reden om in te gaan op de overige middelen die, ge- steld dat ze gegrond zouden zijn, niet kunnen leiden tot een ruimere nietigverkla- ring. IX-8605-4/6 V. Anonimisering
  17. Met toepassing van artikel 2 van het koninklijk besluit van 7 juli 1997 ‘betreffende de publicatie van de arresten en de beschikkingen van niet-toelaatbaarheid van de Raad van State’ vraagt de verwerende partij dat bij de publicatie van het arrest haar identiteit niet wordt opgenomen. Dit verzoek wordt ingewilligd. BESLISSING
  18. De Raad van State vernietigt besluit nr. 2014/459-2014/523 van de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen van 9 februari 2015, voor zover erin uitspraak wordt gedaan over de beslissing van de vicerector van 14 oktober 2014 over de beoordeling van het interview en de weten- schappelijke opdracht, over het opstellen van de ranking als resultaat van de rekenkundige verwerking van de deelscores en over de daaruit voortvloeien- de niet-selectie “voor de ASO orthopedie”.
  19. Dit arrest zal in de registers van voormeld rechtscollege worden overge- schreven en melding ervan zal worden gemaakt op de kant van het vernie- tigde arrest.
  20. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het cassatieberoep, begroot op 200 euro.
  21. Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van de verwerende partij niet bekendgemaakt. IX-8605-5/6 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 19 februari 2019, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, Bruno Seutin, staatsraad, Bert Thys, staatsraad, bijgestaan door Vera Wauters, griffier. De griffier De voorzitter Vera Wauters Geert Van Haegendoren IX-8605-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.243.712 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.238.532 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.