id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 februari 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.243.719 Rolnummer: A. 226187/IX-9394 Zaak: Arrest 243719 - Examens (onderwijs) - 19/02/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-03-07 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-06-25 06:04 Fiche Arrest nr 243.719 van 19 februari 2019 Onderwijs en cultuur - Examens (onderwijs) Beslissing : Opheffing Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 243.719 van 19 februari 2019 in de zaak A. 226.187/IX-9394 In zake : Brecht MAES bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Chris Schijns en Mathieu Cilissen kantoor houdend te 3600 Genk Grotestraat 122 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : het GEMEENSCHAPSONDERWIJS, vertegenwoordigd door scholengroep 13 bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Marc Stommels en Jan Fransen kantoor houdend te 2000 Antwerpen Amerikalei 220 bus 14 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 19 september 2018, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de beroepscommissie van scholengroep 13 van het Gemeenschapsonderwijs van 7 september 2018, waarbij het aan Brecht Maes toegekende oriënteringsattest B wordt gehandhaafd. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 242.457 van 27 september 2018 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de bestreden beslissing ingewilligd. IX-9394-1/3 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 21 januari
- Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitgebracht. Eerste auditeur Jurgen Neuts heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Opheffing van de schorsing
- Verzoeker heeft na het instellen van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid geen verzoekschrift ingediend om de nietigverklaring van de bestreden beslissing te vorderen. De Raad van State is er in dat geval overeenkomstig artikel 17, § 4, derde lid, van zijn gecoördineerde wetten toe gehouden de uitgesproken schorsing op te heffen. IV. Kosten
- Na en ingevolge het schorsingsarrest heeft de verwerende partij de bestreden beslissing ingetrokken. Dit verantwoordt dat zij de gedingkosten draagt. Aangezien de vordering niet gepaard is gegaan met een beroep tot nietigverklaring, is de rechtsplegingsvergoeding beperkt tot het basisbedrag zonder de door verzoeker gevraagde verhoging. IX-9394-2/3 BESLISSING
- De schorsing bevolen bij arrest nr. 242.457 van 27 september 2018 wordt opgeheven.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 19 februari 2019, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren IX-9394-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.243.719 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.242.457 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div