id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 20 maart 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.243.990 Rolnummer: A. 227314/XIV-37935 Zaak: Arrest 243990 - Varia (economische zaken) - 20/03/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-03-25 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-06-25 08:48 Fiche Arrest nr 243.990 van 20 maart 2019 Economische zaken - Varia (economische zaken) Beslissing : heropening debatten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK XIVe KAMER nr. 243.990 van 20 maart 2019 in de zaak A. 227.314/XIV-37.935 In zake: Ahmad EL HAGE wonend te 2950 Kapellen Hoogboomsteenweg 176 bus 4 alwaar woonplaats wordt gekozen bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Stijn Verbist en Lize Vandersteegen kantoor houdend te 2000 Antwerpen Graaf van Hoornestraat 51 tegen: het VLAAMS GEWEST woonplaats kiezende te 1030 Brussel Koning Albert II-laan 35 bus 20 bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Rik Devloo kantoor houdend te 8500 Kortrijk Koning Albertstraat 24 bus 1 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- De “akte van wraking conform artikel 828 e.v. Gerechtelijk Wetboek”, neergelegd ter terechtzitting van de Raad voor Economisch onderzoek inzake Vreemdelingen (hierna: de REOV) op 25 januari 2019 en door de griffie van deze laatste naar de Raad van State gestuurd met een ter post aangetekende brief van 29 januari 2019, strekt tot de wraking van Kristiaan Barbaix en Jamila El Masbahi als leden van de REOV in een procedure tegen verzoeker. XIV-37.935-1/5 II. Verloop van de rechtspleging
- De REOV heeft samen met de akte van wraking de “middelen ter weerlegging van de akte van wraking” van Jamila El Masbahi en de “verweermiddelen” van Kristiaan Barbaix naar de Raad van State gestuurd. De verwerende partij heeft een nota ingediend en verzoeker heeft een “pleitnota” ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 13 maart
- Staatsraad Carlo Adams heeft verslag uitgebracht. Advocaat Lize Vandersteegen, die verschijnt voor verzoeker, en advocaat Philip Ghekiere, die loco advocaat Rik Devloo verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Marijke Van Limbergen heeft een advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten
- Uit de niet betwiste gegevens van de zaak blijkt dat verzoeker houder is van een beroepskaart voor vreemdelingen. Ingevolge een onderzoek door de Vlaamse Sociale Inspectie heeft het departement Werk en Sociale Economie een procedure opgestart tegen verzoeker voor de REOV. XIV-37.935-2/5 Verzoekers zaak werd vastgesteld op de terechtzitting van de REOV van 19 oktober 2018 en verzoeker heeft alsdan een eerste verzoek tot wraking ingediend tegen de toenmalige ondervoorzitter, die zich vervolgens vrijwillig heeft teruggetrokken uit de zaak. Op een volgende zitting van de REOV hebben zich opnieuw twee leden van de REOV vrijwillig teruggetrokken. Met een besluit van de Vlaamse minister van Werk, Economie, Innovatie en Sport van 21 december 2018 worden onder meer Kristiaan Barbaix en Jamila El Masbahi benoemd als plaatsvervangende leden van de REOV. Verzoekers zaak wordt opnieuw vastgesteld op de terechtzitting van de REOV van 25 januari
- Op die zitting, waaraan Kristiaan Berbaix en Jamila El Masbahi deelnemen, dient verzoeker het verzoek tot wraking in dat thans voorligt. IV. Bevoegdheid en rechtsmacht
- De REOV zetelt in de zaak, waarin verzoeker betrokken is en waarop het verzoek tot wraking betrekking heeft, niet als adviesorgaan maar als een administratief rechtscollege waarvan de beslissingen vatbaar zijn voor een administratief cassatieberoep bij de Raad van State. De partijen betwisten dit niet. Zij achten de Raad van State zelf bevoegd om uitspraak te doen over gebeurlijke verzoeken tot wraking.
- Te dezen blijkt echter, hetgeen de verwerende partij met een brief van 29 februari 2019 meedeelt, dat de griffie van de REOV het verzoek tot wraking tegelijk aan de Raad van State en aan de burgerlijke rechtbank van eerste aanleg van Brussel heeft bezorgd. XIV-37.935-3/5 De rechtbank van eerste aanleg van Brussel heeft met een beschikking van 26 februari 2019 “de akte tot wraking ontvankelijk doch ongegrond” verklaard. De Raad van State ziet zich derhalve geconfronteerd met de uitspraak van een andere rechter over dezelfde vordering, dit wil zeggen met het zelfde voorwerp, dezelfde oorzaak en dezelfde partijen in dezelfde hoedanigheid. Het is immers dezelfde akte van wraking die door de griffie van de REOV zowel naar de burgerlijke rechter als naar de Raad van State werd gestuurd. Er dient dus rekening te worden gehouden met het gezag van gewijsde van deze beschikking. Anders dan hetgeen verzoeker ter terechtzitting vraagt, kan deze beschikking daarom niet “buiten toepassing” worden gelaten, noch kan er “abstractie” van worden gemaakt. In de huidige stand van het geding verzet het gezag van gewijsde van deze beschikking er zich derhalve tegen dat de Raad van State zich uitspreekt over hetzelfde wrakingsverzoek. Tegen een beschikking van de burgerlijke rechter houdende uitspraak over een akte tot wraking staat geen hoger beroep noch verzet open doch te dezen loopt de termijn voor een gebeurlijk cassatieberoep nog. Het komt de Raad van State daarom gepast voor af te wachten of de voornoemde beschikking van 26 februari 2019, die thans nog niet definitief is, wordt aangevochten of niet en het debat te heropenen teneinde de partijen toe te laten dienaangaande de nodige informatie te verschaffen. BESLISSING
- Het debat wordt heropend.
- De zaak wordt vastgesteld op de terechtzitting van 4 september 2019, om 10.30 uur. XIV-37.935-4/5 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van twintig maart tweeduizend negentien, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Geert Debersaques, kamervoorzitter, Carlo Adams, staatsraad, Kaat Leus, staatsraad, met bijstand van Johan Pas, griffier. De griffier De voorzitter Johan Pas Geert Debersaques XIV-37.935-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.243.990 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.246.954 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.