← België

Arrest 244340 - Verkiezingen, onverenigbaarheden en vervallenverklaringen - 30/04/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 30 april 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.340 Rolnummer: A. 227419/X-17441 Zaak: Arrest 244340 - Verkiezingen, onverenigbaarheden en vervallenverklaringen - 30/04/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-05-02 Raadplegingen: 71 - laatst gezien 2026-06-21 06:58 Fiche Arrest nr 244.340 van 30 april 2019 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Verkiezingen, onverenigbaarheden en vervallenverklaringen Beslissing : heropening debatten Opnieuw vastgesteld Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 244.340 van 30 april 2019 in de zaak A. 227.419/X-17.

  1. POLITIERAADSVERKIEZING VAN 2 JANUARI 2019 TE LANAKEN In zake:
  2. Johan MASSET
  3. Leonardus JOOSTEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Johan Christoffels kantoor houdend te 3620 Lanaken Koning Albertlaan 53 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  4. Met een op 14 februari 2019 ingediend verzoekschrift stellen Johan Maset en Leonardus Joosten beroep in tegen de beslissing van de deputatie van de provincieraad van Limburg van 31 januari 2019 waarbij de verkiezing van de leden van de politieraad van de politiezone Lanaken-Maasmechelen, op 2 januari 2019 door de gemeenteraad van Lanaken, ongeldig wordt verklaard. II. Verloop van de rechtspleging
  5. De deputatie van de provincieraad van Limburg heeft het dossier van de zaak ingediend. Verzoekers hebben een toelichtende memorie ingediend. Eerste auditeur Jurgen Neuts heeft een verslag opgesteld. X-17.441-1/7 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 26 april
  6. Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Pieter Jongbloet, die loco advocaat Johan Christoffels verschijnt voor verzoekers, zijn gehoord. Eerste auditeur Jurgen Neuts heeft advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  7. III. Feiten
  8. Op 2 januari 2019 gaat de gemeenteraad van Lanaken over tot de verkiezing van de effectieve leden, en hun opvolgers, van de politieraad van de politiezone Lanaken-Maasmechelen. De verkiezing gebeurt volgens het principe van het meervoudig stemrecht. Aangezien er acht politieraadsleden te verkiezen zijn, beschikt elk gemeenteraadslid over vijf stemmen. Er worden negen kandidaat-effectieve leden voorgedragen. Onder hen is tweede verzoeker, die verkozen wordt. Eerste verzoeker is zijn opvolger. De deputatie van de provincieraad van Limburg verklaart de verkiezing op 31 januari 2019, ambtshalve, ongeldig. Het eerste en voornaamste – “inzonderheid” – motief is “het ten onrechte weglaten van een voorgedragen kandidaat [Piet Van Berkel] uit zowel de kandidatenlijst als uit de stembiljetten”, wat “in casu mag worden aangenomen X-17.441-2/7 een invloed te hebben op het stemgedrag van de gemeenteraadsleden”. Aangezien Piet Van Berkel, verkozen gemeenteraadslid, op 2 januari 2019 afwezig was en niet de eed als gemeenteraadslid aflegde, beschikte hij op het ogenblik van de verkiezing van de leden van de politieraad niet over de vereiste hoedanigheid van gemeenteraadslid. Niettemin moest, – volgens de beslissing van de deputatie – de burgemeester, wiens bevoegdheid bij de overhandiging van de voordrachtakte “zeer beperkt” is en die “in geen geval kan oordelen over de ontvankelijkheid van een voordrachtakte”, de namen van Piet Van Berkel en zijn opvolger hebben vermeld op de kandidatenlijst en op de stembiljetten, wat niet is gebeurd. Overwogen wordt voorts: “Dat de personen genoemd in de voordrachtsakte van de heer Piet Van Berkel aldus ten onrechte door de burgemeester werden geweerd uit zowel de kandidatenlijst als de stembiljetten; Dat zulks ertoe heeft geleid dat de gemeenteraadsleden van de gemeente Lanaken in de absolute onmogelijkheid werden gesteld om hun stem op de heer Piet van Berkel te kunnen uitbrengen; Overwegende dat er naast de heer Piet Van Berkel nog twee andere mandatarissen van de NVA in de gemeenteraad verkozen werden, met name de heren Boris Mechels en Johan Pauly; Dat deze twee NVA-mandatarissen de eed als gemeenteraadslid hebben afgelegd en aanwezig waren op de gemeenteraad van 2 januari 2019 waarbij de politieraadsleden werden verkozen; Dat zij tesamen 10 stemmen te verdelen hadden; Dat het aldus zeer waarschijnlijk is dat zij deze stemmen aan de heer Piet Van Berkel hadden gegeven, mocht hij toch op de kandidatenlijst en stembiljetten vermeld hebben gestaan, en niet aan andere kandidaten; Dat de andere kandidaten op die wijze in totaal 10 stemmen minder kregen, wat de stemuitslag beslissend zou hebben kunnen gewijzigd, temeer daar de in casu laatste gekozen kandidaat volgens het procesverbaal 10 stemmen heeft gekregen.” Een tweede motief van de deputatie betreft het waarborgen van de anonimiteit van de keuze van elk gemeenteraadslid, zowel tijdens als na de stemming: “Dat in casu alle stembiljetten zijn ingevuld met blauwe inkt, op 5 exemplaren na welke in groene inkt zijn ingevuld; Dat derhalve één gemeenteraadslid zijn 5 stemmen anders dan de rest heeft uitgebracht, zodat het voor het bureau van de kiesverrichtingen mogelijk was bij het nazicht en de telling van de stembiljetten deze persoon te identificeren en aldus de anonimiteit in het gedrang komt.” X-17.441-3/7 IV. Onderzoek van het beroep A. Eerste vier middelen Uiteenzetting van de middelen
  9. Verzoekers voeren in de eerste vier middelen de schending aan van, respectievelijk, artikel 14 van de wet van 7 december 1998 „tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus‟ (hierna: de wet van 7 december 1998) en de artikelen 6, 7 en 9 van het koninklijk besluit van 20 december 2000 „betreffende de verkiezing in elke gemeenteraad van de leden van de politieraad‟ (hierna: het koninklijk besluit van 20 december 2000). Toegelicht wordt dat een kandidaat-politieraadslid, om te kunnen worden verkozen, op de dag van de verkiezing deel moet uitmaken van de gemeenteraad van een van de gemeenten die de meergemeentezone vormen en dat Piet Van Berkel geen gemeenteraadslid was op het ogenblik van de verkiezing van de politieraadsleden vermits hij afwezig was tijdens de installatie van de gemeenteraad en niet de eed als raadslid had afgelegd. Welke procedure moet worden gevolgd bij onontvankelijkheid van een kandidatuur wordt in het koninklijk besluit van 20 december 2000 niet beschreven, maar artikel 6 bepaalt wel dat de burgemeester nagaat of de voordrachtakten voldoen aan de artikelen 4 en
  10. De kandidaatstelling van Piet Van Berkel was onontvankelijk en deze kandidaat is dus terecht van de kandidatenlijst geschrapt. Piet Van Berkel en zijn opvolger dienden niet op de kandidatenlijst en de stembiljetten te staan aangezien Piet Van Berkel geen gemeenteraadslid was op het ogenblik van de verkiezing. Beoordeling
  11. Er is geen twijfel over dat Piet Van Berkel op 2 januari 2019 niet geldig tot politieraadslid kon worden verkozen. Aangezien hij op die dag geen deel uitmaakte van de gemeenteraad, voldeed hij niet aan het vereiste van X-17.441-4/7 artikel 14 van de wet van 7 december 1998 dat “de kandidaat op de dag van de verkiezing deel [moet] uitmaken van de gemeenteraad van een van de gemeenten die de meergemeentezone vormen”.
  12. Of niettemin de burgemeester zijn naam, overeenkomstig artikel 7 en 9 van het koninklijk besluit van 20 december 2000, moest hebben opgenomen in de kandidatenlijst, respectievelijk op de stembiljetten, mag buiten beschouwing blijven als niet relevant. Immers blijkt uit de vermeldingen van het proces-verbaal van de verkiezing dat hoe dan ook de voordrachtakte van Piet Van Berkel en zijn opvolger uitdrukkelijk op 2 januari 2019 ter kennis van de gemeenteraad is gebracht en dat de gemeenteraad zelf die voordrachtakte, alvorens tot de stemming over te gaan, onontvankelijk heeft verklaard omdat alleen gemeenteraadsleden verkozen kunnen worden in de politieraad en Piet Van Berkel wegens afwezigheid “vandaag” de eed als raadslid niet heeft afgelegd.
  13. De redenering, in de bestreden uitspraak van de deputatie, dat de gemeenteraadsleden Boris Mechels en Johan Pauly niet de gelegenheid hebben gehad hun stemmen te vergooien aan de onverkiesbare Piet Van Berkel, waardoor dan de andere kandidaten tien stemmen minder zouden hebben behaald met alle consequenties van dien, wordt door de Raad van State niet gevolgd. Niet het onontvankelijk verklaren van de voordracht van onverkiesbare kandidaten is een bedreiging voor het regelmatige verloop van de verkiezing, maar integendeel het toelaten tot de verkiezing van onverkiesbare kandidaten en de misleiding die daaruit kan voortvloeien. Indien, voorts, de gemeenteraadsleden Boris Mechels en Johan Pauly eventueel verkozen zouden hebben hun stemmen niet te geven aan kandidaten die, anders dan Piet Van Berkel, wél verkiesbaar zijn, dan hadden zij de mogelijkheid om blanco of ongeldig te stemmen. X-17.441-5/7
  14. Het eerste door de deputatie gehanteerde motief overtuigt niet. De Raad van State ziet geen reden om de verkiezing ongeldig te verklaren omdat een voorgedragen kandidaat “ten onrechte” zou zijn weggelaten uit de kandidatenlijst en de stembiljetten. B. Vijfde middel Uiteenzetting van het middel
  15. In een vijfde middel betwisten verzoekers dat door het gebruik van groene inkt op enkele stembrieven de anonimiteit van de stemming in het gedrang is gekomen. Enkel het raadslid dat groene inkt gebruikte, is hiervan op de hoogte, niet degenen die de stemmen hebben geteld. Beoordeling
  16. Om het middel, en het tweede motief voor de bestreden ongeldigverklaring, naar behoren te kunnen beoordelen, wenst de Raad van State uitsluitsel over de volgende vragen: - welke formele voorschriften of instructies moesten de gemeenteraadsleden bij de stemming over de politieraadsleden op 2 januari 2019 in acht nemen met betrekking tot het te gebruiken schrijfgerief? - werd aan de gemeenteraadsleden het nodige schrijfgerief ter beschikking gesteld voor de stemming over de politieraadsleden op 2 januari 2019 en, zo ja, met welke schrijfkleur? Het debat wordt heropend ten einde de partijen toe te laten hierover verduidelijking te brengen en het auditoraat om ter zake navraag te doen bij de gemeente. X-17.441-6/7 BESLISSING De Raad van State heropent het debat en stelt de zaak vast op de terechtzitting van 10 mei 2019, om 10.00 uur. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 30 april 2019, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, Jan Clement, staatsraad, Stephan De Taeye, staatsraad, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-17.441-7/7 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.340 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.488 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.