← België

Arrest 244422 - Rusthuizen - 09/05/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 mei 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.422 Rolnummer: A. 216225/VII-39423 Zaak: Arrest 244422 - Rusthuizen - 09/05/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-05-16 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-06-24 01:41 Fiche Arrest nr 244.422 van 9 mei 2019 Sociale zaken en volksgezondheid - Rusthuizen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 244.422 van 9 mei 2019 in de zaak A. 216.225/VII-39.

  1. In zake : de VZW HUIZE SINT-MONIKA bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Stefaan Callens kantoor houdend te 1040 Brussel Tervurenlaan 40 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de VLAAMSE GEMEENSCHAP bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Staelens kantoor houdend te 8000 Brugge Gerard Davidstraat 46, bus 1 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  2. Het beroep, ingesteld op 22 juni 2015, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de Vlaamse regering van 24 april 2015 betreffende het maximale aantal te erkennen woongelegenheden voor woonzorgcentra en centra voor kortverblijf in het kader van de erkenningskalender. II. Verloop van de rechtspleging
  3. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. VII-39.423-1/4 Auditeur Anja Somers heeft een verslag overeenkomstig artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State opgesteld. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 2 mei
  4. Kamervoorzitter Eric Brewaeys heeft verslag uitgebracht. Advocaat Paulien Beelen, die loco advocaat Stefaan Callens verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Ruth Van Ooteghem, die loco advocaat Bart Staelens verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Anja Somers heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  5. III. Feiten
  6. Het bestreden besluit van de Vlaamse regering van 24 april 2015, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse regering van 16 september 2016 en 15 september 2017 werd opgeheven bij artikel 45, 2°, van het besluit van de Vlaamse regering van 19 oktober 2018 tot vaststelling van de regels voor het verlenen van een erkennings- of omzettingskalender en tot wijziging van de regels voor de voorafgaande vergunning. VII-39.423-2/4 IV. Belang
  7. Een verzoekende partij heeft in principe geen belang meer om de nietigverklaring van een reglementair besluit te vorderen dat in de loop van het geding werd opgeheven en vervangen door een ander besluit, tenzij zij vooralsnog aannemelijk maakt dat zij een actueel belang bij het beroep heeft behouden. De raadsman van de verzoekende partij bevestigt dat zij geen belang meer heeft bij het beroep tot nietigverklaring. Het beroep is onontvankelijk bij gebrek aan actueel belang. Aangezien het teloorgaan van het belang het gevolg is van een handeling van de verwerende partij lijkt het gepast om de kosten van het beroep tot nietigverklaring te haren laste te leggen.
  8. Vermits korte debatten volstaan om te komen tot de bovenvermelde conclusie, kan in het huidige geval de zaak op grond van artikel 93 van het algemeen procedurereglement definitief worden beslecht. V. Rechtsplegingsvergoeding
  9. Een rechtsplegingsvergoeding is, gelet op artikel 30/1, § 1, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, een tegemoetkoming in de kosten van de advocaat van de “in het gelijk gestelde partij”. Noch de verzoekende, noch de verwerende partij is als een dergelijke “in het gelijk gestelde partij” te beschouwen. VII-39.423-3/4 BESLISSING
  10. De Raad van State verwerpt het beroep.
  11. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 200 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van negen mei tweeduizend negentien, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Eric Brewaeys, kamervoorzitter, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier. De griffier De voorzitter Bart Tettelin Eric Brewaeys VII-39.423-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.422 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.