id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 10 mei 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.466 Rolnummer: A. 225963/IX-9359 Zaak: Arrest 244466 - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan - 10/05/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-05-10 Raadplegingen: 66 - laatst gezien 2026-06-21 07:20 Fiche Arrest nr 244.466 van 10 mei 2019 Openbaar ambt - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 244.466 van 10 mei 2019 in de zaak A. 225.963/IX-9359 In zake: Guy DE PAUW bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Rika Heijse kantoor houdend te 9052 Gent Dorpsstraat 1 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het GEMEENSCHAPSONDERWIJS, vertegenwoordigd door scholengroep 21 bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Marc Stommels en Jan Fransen kantoor houdend te 2000 Antwerpen Amerikalei 220 bus 14 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 21 augustus 2018, strekt tot de nietig- verklaring van “de beslissing van 11 juni 2018 van de Raad van Bestuur van Scholengroep 21, Vlaamse Ardennen van het Gemeenschapsonderwijs waarbij […] Guy De Pauw de ordemaatregel „Overplaatsing in het belang van de dienst‟ wordt opgelegd”. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord inge- diend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. IX-9359-1/4 Eerste auditeur Jurgen Neuts heeft een verslag opgesteld, op grond van artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 25 maart
- Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitge- bracht. Advocaat Rika Heijse, die verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Jan Fransen, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Jurgen Neuts heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
- III. Toepassing kortedebattenprocedure
- De verwerende partij deelt in haar memorie van antwoord mee dat de raad van bestuur van scholengroep 21 op 22 november 2018 de bestreden beslissing heeft ingetrokken. Door de intrekking van de bestreden beslissing is het voorlig- gende beroep zonder voorwerp gevallen en “doelloos” geworden, als bedoeld in artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟. Reden waarom het moet worden verworpen. IX-9359-2/4 IV. Kosten Standpunt van de partijen
- De verwerende partij vraagt in haar memorie van antwoord om de kosten van het geding ten laste van verzoeker te leggen. Zij betoogt in dat verband wat volgt: “Deze intrekking is niet het gevolg van een wijziging van het standpunt van de raad van bestuur over de noodzaak tot overplaatsing in het belang van de dienst van verzoeker, maar is louter het gevolg van het feit dat binnen scholengroep Vlaamse Ardennen geen geschikte plaats gevonden kon worden voor verzoeker, gelet op zijn specifieke bekwaamheidsbewijs. Dit heeft tot gevolg dat op zoek dient gegaan te worden naar een andere scholengroep wiens raad van bestuur bereid gevonden zou worden om mee uitvoering te geven aan de beslissing tot overplaatsing in het belang van de dienst. Geen enkele andere raad van bestuur werd hiertoe bereid gevonden. Dit laatste is niet enkel te wijten aan verwerende partij maar is ook het gevolg van de reputatie die verzoeker reeds heeft opgebouwd.”
- Verzoeker brengt daar in zijn memorie van wederantwoord het volgende tegen in: “Deze bewering van de verwerende partij wordt niet gestaafd door be- wijsstukken. Het is een loutere bewering die niet als grondslag kan dienen bij de beoordeling wie de kosten en rechtsplegingsvergoeding moet dragen. Het is een discretionaire beslissing van de verwerende partij om de be- streden beslissing zelf in te trekken. Zij kon evenzeer de procedure laten verder lopen om uw Raad te laten oordelen over de middelen. Het is vaste rechtspraak dat wanneer de verwerende partij zelf de beslissing intrekt, zij veroordeeld wordt tot de kosten van het geding en de betaling van de rechtsplegingsvergoeding omdat door de intrekking de verwerende partij er ten oorzaak aan ligt dat het proces zijn voorwerp heeft verloren.” Beoordeling
- De voortijdige beëindiging van het proces is het resultaat van een handeling van de verwerende partij en meer bepaald een intrekkingsbeslissing IX-9359-3/4 hetgeen impliceert dat de bestreden beslissing geacht moet worden nooit te hebben bestaan. Wat de verwerende partij aanbrengt als verklaring voor die intrekking, komt er in wezen op neer dat zij tot de bestreden beslissing is gekomen, zonder eerst nagegaan te hebben of ze wel uitvoerbaar was. In die omstandigheden overtuigt de verwerende partij niet dat er reden zou zijn om de kosten ten laste van verzoeker te leggen. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nie- tigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 10 mei 2019, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren IX-9359-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.466 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div