← België

Arrest 244524 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 16/05/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 16 mei 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.524 Rolnummer: A. 228026/X-17493 Zaak: Arrest 244524 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 16/05/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-05-17 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-06-24 01:39 Fiche Arrest nr 244.524 van 16 mei 2019 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Bevolen Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 244.524 van 16 mei 2019 in de zaak A. 228.026/X-17.

  1. In zake : Dariya BEZUGLA bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Pieter Van Assche kantoor houdend te 9000 Gent Koning Albertlaan 128 bij wie woonplaats wordt gekozen en eveneens bijgestaan en vertegenwoordig door advocaat Sander Kaïret tegen : het BRUSSELSE HOOFDSTEDELIJKE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Stijn Butenaerts en Andy Hoedenaeken kantoor houdend te 1080 Brussel Leopold II-laan 180 bij wie woonplaats wordt gekozen Verzoekster in tussenkomst : de BVBA SIMPLY BETTER bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Ivan-Serge Brouhns en Guillaume Possoz kantoor houdend te 1170 Brussel Terhulpsesteenweg 178 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
  2. De vordering, ingesteld op 4 mei 2019, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van het besluit van de gemachtigde ambtenaar van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest van 30 april 2019 waarbij de stedenbouwkundige vergunning wordt afgegeven aan de bvba Simply Better voor de organisatie van “La Terrasse de l‟Hippodrome” voor X-17.237-1/14 een periode van maximaal drie maanden op een terrein gelegen aan de Terhulpsesteenweg 51-53 te Ukkel. II. Verloop van de rechtspleging
  3. De verwerende partij heeft een nota en een administratief dossier ingediend. Met een verzoekschrift van 9 mei 2019 heeft de bvba Simply Better gevraagd om in het administratief kort geding te mogen tussenkomen. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 10 mei 2019, om 10.00 uur. Staatsraad Jan Clement heeft verslag uitgebracht. Advocaat Sander Kaïret, die verschijnt voor verzoekster, advocaat Stijn Butenaerts die verschijnt voor de verwerende partij, en advocaten Ivan-Serge Brouhns en Guillaume Possoz, die verschijnen voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Auditeur Wouter De Cock heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Tussenkomsten
  5. Het verzoek tot tussenkomst van de bvba Simply Better wordt ingewilligd. Haar belang is bij de zaak betrokken. X-17.237-2/14 IV. Feiten 4.
  6. Op vordering van verzoekster, beveelt de Raad van State bij arrest nr. 241.563 van 22 mei 2018 (zaak A. 225.211/X-17.237) de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van het besluit van de gemachtigde ambtenaar van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest van 6 maart 2018 waarbij de stedenbouwkundige vergunning wordt afgegeven aan de bvba Simply Better voor de “Organisatie van TO2 2018” voor een periode van drie maanden op een terrein gelegen aan de Terhulpsesteenweg 50-53 te Ukkel (hierna: de site van de Hippodroom). In dit arrest wordt onder meer het volgende overwogen: “op het eerste gezicht [lijkt] de bestreden vergunning zich [uit te strekken] tot de op de open plek in het bosgebied gelegen parking. […] Het inrichten als parking voor motorvoertuigen van de „TO2‟-bezoekers lijkt moeilijk verenigbaar met de bestemming bosgebied”. 4.
  7. ‟s Raads arrest nr. 243.440 van 18 januari 2019 vernietigt de laatstgenoemde vergunning. In dit arrest wordt onder meer het volgende overwogen: “De verwerende partij en de tussenkomende partijen hebben tegen de beoordeling in het schorsingsarrest klaarblijkelijk niets in te brengen.” 5.
  8. Op vordering van verzoekster, beveelt de Raad van State bij arrest nr. 241.709 van 1 juni 2018 (zaak A. 225.344/X-17.255) de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van het besluit van de gemachtigde ambtenaar van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest van 25 mei 2018 in zoverre daarbij de stedenbouwkundige vergunning wordt afgegeven aan de bvba Simply Better voor de “Organisatie van TO2 2018” voor een periode van drie maanden op de site van de Hippodroom. 5.
  9. ‟s Raads arrest nr. 244.132 van 2 april 2019 vernietigt de laatstgenoemde vergunning. In dit arrest wordt over de open plek in het bosgebied het volgende overwogen: X-17.237-3/14 “Het inrichten als parking voor motorvoertuigen van de „TO2‟- bezoekers wijkt af van de bestemming bosgebied.”
  10. De vordering van verzoekster tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de gemachtigde ambtenaar van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest van 27 juni 2018 waarbij de stedenbouwkundige vergunning wordt afgegeven aan de bvba Simply Better voor de “Organisatie van TO2 2018” op de site van de Hippodroom wordt verworpen bij ‟s Raads arrest nr. 242.084 van 6 juli
  11. In dit arrest wordt overwogen dat het bestreden besluit strekt tot de regularisatie van bestaande installaties, “[waartoe] geen installaties op de meer genoemde parking in bosgebied [lijken] te behoren, aangezien – naar beweerd en niet betwist wordt – die installaties (lichttotems, “kiss&ride”-zone, betonblokken) intussen verwijderd waren geworden”.
  12. Op vordering van verzoekster, beveelt de Raad van State bij arrest nr. 243.466 van 23 januari 2019 (zaak A. 227.203/X-17.424) de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van het besluit van de gemachtigde ambtenaar van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest van 6 december 2018 waarbij aan de nv Droh!me Exploitation de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend “voor de inrichting van een actief vrijetijdspark” op de site van de Hippodroom. In dit arrest wordt overwogen dat het in het bestreden besluit voorziene gebruik van de open plek in het bosgebied als parking op het eerste gezicht verboden is door het bestemmingsvoorschrift voor bosgebied. 8.
  13. Met het thans bestreden besluit van 30 april 2019 verleent de gemachtigde ambtenaar van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest aan de bvba Simply Better de stedenbouwkundige vergunning voor de organisatie van “La Terrasse de l‟Hippodrome” voor een periode van maximaal drie maanden op de site van de Hippodroom (hierna: het bestreden besluit). X-17.237-4/14 8.
  14. In de overwegingen van het bestreden besluit wordt herhaaldelijk verwezen naar de tijdelijke milieuvergunning “nr. 676.110” van 30 april 2018 (hierna: de tijdelijke milieuvergunning van 30 april 2018). Zo wordt overwogen dat de tijdelijke milieuvergunning van 30 april 2018 de exploitant bijzondere voorwaarden oplegt om de integratie van het project in de bebouwde en onbebouwde omgeving te garanderen. Verder wordt in de formele motieven van het bestreden besluit gesteld dat blijkt dat de voorwaarden die worden opgelegd door de tijdelijke milieuvergunning van 30 april 2018 toelaten om een exploitatie te garanderen in overeenstemming met de goede plaatselijke aanleg. V. Vordering tot schorsing A. Opsomming van de schorsingsvoorwaarden
  15. Krachtens artikel 17, §§ 1 en 4, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden en dat een uiterst dringende noodzakelijkheid voorhanden is die onverenigbaar is met de behandelingstermijn van de gewone vordering tot schorsing. B. Ernstig middel Standpunt van de partijen
  16. Verzoekster voert in haar enig middel de schending aan van de artikelen 102 en 188 van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening van 9 april 2004, van de artikelen 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 „betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen‟ en van het motiverings- en het zorgvuldigheidsbeginsel. X-17.237-5/14 Verzoekster wijst er op dat het bestreden besluit “voor quasi elk aspect” – en met name voor het gebruik van de open plek in het bosgebied als parking voor de motorvoertuigen van de bezoekers van het evenement – verwijst naar “de vervallen en irrelevante” tijdelijke milieuvergunning van 30 april
  17. De tijdelijke milieuvergunning van 30 april 2018 is al lang vervallen, namelijk sinds 25 juli
  18. Het is dan ook kennelijk onjuist dat de parking op de open plek in het bosgebied gedekt zou zijn door de laatstgenoemde milieuvergunning. Verzoekster benadrukt dat de verwerende partij op de hoogte diende te zijn van “de recente ontwikkelingen ter hoogte van de site, inzonderheid het onvergund karakter van de parking en gebrek aan actuele milieuvergunning”. Verder zijn, volgens verzoekster, het mobiliteitsplan en de maatregelen opgenomen in de tijdelijke milieuvergunning van 30 april 2018 geenszins transponeerbaar op de editie 2019 van het evenement. Voor de parking op de open plek in het bosgebied circuleren in de in het verleden verleende vergunningen diverse aantallen, van 200 tot 429 mogelijke parkeerplaatsen. De mogelijkheid om op de open plek in het bosgebied – op legale wijze – parkeerplaatsen te voorzien, is essentieel ter beoordeling van de mobiliteitsimpact, en diende meegenomen te worden in de beoordeling van het bestreden besluit.
  19. De verwerende partij erkent dat de tijdelijke milieuvergunning van 30 april 2018, waarnaar in het bestreden besluit – bij wijze van materiële vergissing – wordt verwezen, vervallen is. Het feit dat het bestreden besluit aldus verwijst naar onjuiste en achterhaalde voorwaarden die niet dienend, noch relevant of uitvoerbaar zijn, brengt echter niet noodzakelijk de onwettigheid mee. Volgens de verwerende partij bevat het bestreden besluit immers andere elementen en motieven dan de tijdelijke milieuvergunning van 30 april
  20. De verenigbaarheid van de aanvraag met de goede ruimtelijke ordening is wel degelijk zorgvuldig en juist beoordeeld. Minstens geeft X-17.237-6/14 verzoekster niet concreet aan waarom de goede ruimtelijke ordening onjuist zou zijn beoordeeld. 12.
  21. De tussenkomende partij stelt dat de editie 2019 van het evenement in essentie dezelfde kenmerken zal bevatten als de editie
  22. In die context had de gemachtigde ambtenaar geen reden om aan te nemen dat niet dezelfde tijdelijke milieuvergunning voor 2019 zou worden afgegeven als de tijdelijke milieuvergunning van 30 april
  23. Verder zet de tussenkomende partij uiteen dat er inzake de parkeerproblematiek verschillende scenario‟s werden uitgewerkt, waaronder één waarin de site van de Hippodroom niet zou worden gebruikt en er meer dan duizend andere parkeerplaatsen zouden worden geactiveerd. De tussenkomende partij verduidelijkt dat zij voor de editie van 2019 een tijdelijke milieuvergunning heeft aangevraagd, die de vorm zal aannemen van een wijziging van de aan de nv Droh!me Exploitation verleende vergunning. Uiteindelijk zijn er ten opzichte van de editie van 2018 twee belangrijke aanpassingen doorgevoerd, meer bepaald de verplaatsing van de ingang en de vermindering van het aantal parkeerplaatsen op de site van de Hippodroom van 300 tot
  24. 12.
  25. Volgens de tussenkomende partij houdt verzoekster geen rekening met tal van uitdrukkelijke beschouwingen over het parkeren en de mobiliteit die in het bestreden besluit werden opgenomen. Zo is verwezen naar de overeenkomst tussen de tussenkomende partij en de nv Droh!me Exploitation over de respectieve verantwoordelijkheden inzake de parking. Verder wordt uitdrukkelijk naar de persoonlijke situatie van verzoekster verwezen door te overwegen dat concrete maatregelen werden genomen om het wildparkeren ter hoogte van haar woongebouw zoveel mogelijk te reduceren, zoals het aanbrengen van een bord met de boodschap “bedankt om de buurt te respecteren”. X-17.237-7/14 12.
  26. Tot slot stelt de tussenkomende partij dat verzoekster ten onrechte abstractie heeft gemaakt van de maatregelen in verband met het gebruik van de parking die verankerd werden in de haar op 30 april 2018 verleende milieuvergunning. Beoordeling
  27. Op het eerste gezicht heeft de gemachtigde ambtenaar in het bestreden besluit geoordeeld dat de aanvraag verenigbaar is met de vereisten van de goede plaatselijke aanleg omdat er – wat het parkeren en de mobiliteit betreft – afdoende voorwaarden werden opgelegd in de tijdelijke milieuvergunning van 30 april
  28. Het blijkt dat deze laatste milieuvergunning sedert 25 juli 2018 vervallen is. De verwerende partij erkent dat de laatstgenoemde voorwaarden – die blijkbaar voorzagen in de inrichting van 300 parkeerplaatsen op de site van de Hippodroom – onuitvoerbaar zijn. Op het eerste gezicht volgt uit die onuitvoerbaarheid dat de verenigbaarheid van de aanvraag met de vereisten van de goede plaatselijke aanleg niet zorgvuldig is beoordeeld.
  29. Aangezien de tijdelijke milieuvergunning van 30 april 2018 sedert 25 juli 2018 vervallen is, moet voorshands worden aangenomen dat het onterecht is dat de tussenkomende partij verzoekster verwijt van de in deze vergunning opgenomen maatregelen “abstractie” te hebben gemaakt.
  30. Blijkens de door de tussenkomende partij verstrekte toelichting bestond er op het ogenblik dat de gemachtigde ambtenaar het bestreden besluit nam nog onzekerheid over het parkeren. Voor de open plek in het bosgebied zouden twee scenario‟s ter tafel hebben gelegen: één waarbij het aantal parkeerplaatsen wordt teruggebracht tot 140 en één waarbij dit aantal wordt teruggebracht tot
  31. Beide scenario‟s zijn substantieel verschillend van wat werd toegepast bij de editie van 2018, meer bepaald de inrichting van 300 parkeerplaatsen op de site van de Hippodroom. Bovenal lijkt de X-17.237-8/14 laatgenoemde onzekerheid prima facie te impliceren dat de gemachtigde ambtenaar niet in de gelegenheid is gesteld om de aanvraag met de nodige kennis van zaken te beoordelen. Op het eerste gezicht zijn ook de in randnummer 12.2 aangehaalde elementen – voor zover al pertinent – niet van aard er van te overtuigen dat het bestreden besluit met de nodige zorgvuldigheid zou zijn genomen. Voor zover de tussenkomende partij zich beroept op een overeenkomst met de nv Droh!me Exploitation om gebruik te maken van haar op de open plek in het bosgebied gelegen parkeerplaatsen, moet in herinnering worden gebracht dat de tenuitvoerlegging van de stedenbouwkundige vergunning voor (onder meer) de aanleg van deze parkeerplaatsen door de Raad van State is geschorst bij arrest nr. 243.466 van 23 januari 2019 (randnr. 7).
  32. De conclusie is dat het enig middel ernstig voorkomt. C. Uiterst dringende noodzakelijkheid Standpunt van de partijen 17.
  33. Verzoekster wijst er op dat haar woning gelegen is recht tegenover de ingang van de open plek in het bosgebied, dat er voor het evenement zo‟n 70.000 bezoekers verwacht worden en dat zij in de eerste plaats geconfronteerd zal worden met de “klassieke” hinder uitgaande van een grootschalig openluchtcafé, zoals geluidshinder door feestgangers die al dan niet met de wagen komen, sluikstorten, enzovoort. Verder zal zich gedurende drie maanden een levengevaarlijk tafereel afspelen ter hoogte van haar woning en uitrit, waaraan zij verplicht is deel te nemen. Veilig parkeren is onmogelijk, er is een constant in- en uitrijden van honderden wagens, er is verkeershinder en filevorming, er is de geluidshinder uitgaande van de honderden voertuigen en hun inzittenden, inclusief de frustratie (rondrijden, optrekken, toeteren,...) die gepaard gaat met een tekort aan parkeerplaatsen. X-17.237-9/14 17.
  34. Verzoekster benadrukt de verschillen tussen de editie van 2018 en de komende editie van
  35. Voor de editie van 2018 werd een tijdelijke milieuvergunning afgeleverd voor het gebruik van de open plek in het bosgebied als parking en werd er gebruik gemaakt van de ongeveer 100 parkeerplaatsen voor de golfterreinen. Op vandaag is de onvergunde parking van de golf echter verzegeld en is de stedenbouwkundige vergunning voor de inrichting van de open plek in het bosgebied als parking door de Raad van State geschorst. 17.
  36. Verzoekster zet tot slot uiteen dat zij met de gepaste spoed en diligentie is opgetreden. De gewone schorsingsprocedure zou onherroepelijk te laat komen, nu de oprichting van alle installaties en constructies al aan de gang is en het evenement van start gaat op 17 mei
  37. De verwerende partij stelt dat zij het diligent optreden van verzoekster uiteraard niet betwist. Wat de aangevoerde hinder betreft meent de verwerende partij evenwel dat verzoekster faalt in de bewijslast die op haar rust. Verzoekster beweert wel dat zij gedurende drie maanden hinder zal ondervinden, maar zij toont dit niet aan. Uit diverse verklaringen van de politiediensten betreffende de editie van 2018 blijkt dat er zich geen enkele hinder heeft voorgedaan en dat de organisatie perfect verlopen is. Daarenboven tonen de door verzoekster zelf voorgebrachte stukken over de editie van 2018 overduidelijk aan dat er geen sprake is van enige hinder. Zo blijkt uit die stukken dat er op 2 juli 2018 – zijnde de dag van de voetbalwedstrijd België-Japan – drie fout geparkeerde wagens stonden. Het is werkelijk van alle ernst ontdaan om op basis van drie fout geparkeerde wagens de Raad van State bij uiterst dringende noodzakelijkheid te vatten.
  38. De tussenkomende partij herneemt de in het vorige randnummer weergegeven argumenten van de verwerende partij. Zij voegt er vooreerst aan toe dat de beweerde hinder voortvloeit uit de tijdelijke milieuvergunning van 30 april 2018, die door verzoekster niet werd aangevochten. X-17.237-10/14 De tussenkomende partij stelt verder dat een zekere mate van verkeersdrukte samenhangt met de ligging van de woonplaats van verzoekster langs een druk gebruikte verbindingsweg, tegenover de site van de Hippodroom. De tussenkomende partij heeft extra parkingmanagers aangeworven en heeft de persoonlijke GSM-nummers van de verantwoordelijken ter beschikking gesteld, maar verzoekster heeft van deze geboden faciliteit tot nu toe geen gebruik gemaakt. Het in- en uitrijden in de parking wordt begeleid door mobility managers en op drukke dagen door politieagenten, die de ingang voortdurend monitoren via vaste camera‟s, zodat mogelijke verstoringen worden vermeden en, indien nodig, op zeer korte termijn opgelost. Tot slot blijkt volgens de tussenkomende partij uit door haar ontvangen e-mails dat andere buurtbewoners geen abnormale hinder ondervinden van haar evenement. Zij concludeert dat de beweerde hinder niet in concreto wordt gestaafd en voegt er aan toe dat er ten opzichte van de editie van 2018 belangrijke aanpassingen zijn doorgevoerd, waaronder de vermindering van het aantal parkeerplaatsen op de site van de Hippodroom tot
  39. Beoordeling
  40. Verzoekster overtuigt ervan dat het betrokken evenement een belangrijke toestroom van motorvoertuigen voor haar woongebouw genereert. Zij maakt aannemelijk dat er hinder dreigt, in het bijzonder wanneer de op de site van de Hippodroom voorziene parkeerplaatsen volzet zijn. Het lijkt niet onterecht dat verzoekster vreest dat er op de site van de Hippodroom voor de editie van 2019 veel minder parkeerplaatsen ter beschikking zullen zijn, dan er aldaar ter beschikking waren tijdens de editie van
  41. Alleen al omdat het bijgevolg aannemelijk is dat een groter tekort aan parkeerplaatsen op de site dreigt, kunnen de argumenten die de verwerende en de X-17.237-11/14 tussenkomende partijen ontlenen aan het verloop van de editie van 2018 niet overtuigen. De verwerende partij en de tussenkomende partijen relativeren de hinder die verzoekster zal ondervinden, doch ze slagen er niet in de realiteit ervan te ontkrachten.
  42. Tot slot weze herhaald dat de tijdelijke milieuvergunning van 30 april 2018 sedert 25 juli 2018 hoe dan ook vervallen is.
  43. Verzoekster doet in de gegeven omstandigheden voldoende blijken van een urgentie die onverenigbaar is met de behandelingstermijn van een gewone vordering tot schorsing.
  44. De voorwaarde van een uiterst dringende noodzakelijkheid is vervuld. D. Belangenafweging Standpunt van de tussenkomende partij
  45. De tussenkomende partij vraagt in haar verzoekschrift tot tussenkomst om verzoeksters belang af te zetten tegenover haar aanzienlijke financiële belangen en de socio-economische gevolgen op het vlak van tewerkstelling en voor derden, zoals leveranciers en sponsors. De tussenkomende partij zet uiteen dat haar evenement een investering van 800.000 euro vergt, die zij moet terugverdienen op 65 dagen. De socio-economische belangen van de tussenkomende partij, van haar personeel en van derden wegen in de gegeven omstandigheden kennelijk zwaarder door dan de eerder theoretische genoegdoening die verzoekster nastreeft bij het behalen van haar gelijk, zeker nu de tussenkomende partij reeds X-17.237-12/14 maatregelen heeft genomen om eender welke hinder in hoofde van verzoekster te vermijden. Beoordeling 25.
  46. Luidens artikel 17, § 2, tweede lid, van de RvS-Wet dient de afdeling Bestuursrechtspraak op verzoek van de verwerende partij of de tussenkomende partij thans rekening te houden met de vermoedelijke gevolgen van de schorsing van de tenuitvoerlegging voor alle belangen die kunnen worden geschonden, alsook met het openbaar belang, en kan ze besluiten de schorsing niet te bevelen indien de nadelige gevolgen ervan op een kennelijk onevenredige wijze zwaarder doorwegen dan de voordelen. Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat de Raad van State op grond van een belangenafweging alleen van de schorsing kan afzien als de negatieve gevolgen van de schorsing voor de Raad kennelijk onredelijk blijken in het licht van de voordelen ervan (Parl. St. Senaat 2012-2013, nr. 5-2277/1,16). 25.
  47. Gelet op de hoger aangenomen impact van het bestreden besluit op verzoeksters leefwereld (randnummers 20 en 21), heeft zij er reëel belang bij dat de tenuitvoerlegging ervan wordt geschorst. 25.
  48. In het licht van de vorige uitspraken van de Raad van State (randnrs. 4.1 tot 7) heeft de tussenkomende partij een belangrijk risico genomen door haar tijdelijk evenement opnieuw op de site van de Hippodroom te plannen en in het bijzonder door blijkbaar de open plek in het bosgebied opnieuw te willen gebruiken als parking en/of “kiss&ride”-zone. 25.
  49. Het algemene betoog van de tussenkomende partij dat zij hinderbeperkende maatregelen heeft genomen en dat een schorsing verzoekster enkel een “eerder theoretische genoegdoening” zou opleveren, kan er de Raad van State geenszins van overtuigen dat de negatieve gevolgen van de schorsing X-17.237-13/14 kennelijk onredelijk zouden zijn in het licht van de voordelen ervan voor verzoekster. 25.
  50. Het verzoek wordt niet ingewilligd. BESLISSING
  51. Het verzoek tot tussenkomst van de bvba Simply Better wordt ingewilligd.
  52. De Raad van State beveelt de schorsing van de tenuitvoerlegging van het besluit van de gemachtigde ambtenaar van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest van 30 april 2019 waarbij de stedenbouwkundige vergunning wordt afgegeven aan de bvba Simply Better voor de organisatie van “La Terrasse de l’Hippodrome” voor een periode van maximaal drie maanden op een terrein gelegen aan de Terhulpsesteenweg 51-53 te Ukkel. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zestien mei 2019, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter Jan Clement, staatsraad, Stephan De Taeye, staatsraad, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-17.237-14/14 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.524 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.839 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.