id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 21 mei 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.553 Rolnummer: A. 226955/X-17397 Zaak: Arrest 244553 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 21/05/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-06-03 Raadplegingen: 70 - laatst gezien 2026-06-21 22:32 Fiche Arrest nr 244.553 van 21 mei 2019 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) Beslissing : Opheffing Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 244.553 van 21 mei 2019 in de zaak A. 226.955/X-17.
- In zake :
- Dries VAN LANGENHOVE
- Filip BRUSSELMANS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Sander Van Hulle kantoor houdend te 1853 Strombeek-Bever Lakensestraat 41/6 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen :
- de STAD BRUSSEL bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Marc Uyttendaele kantoor houdend te 1060 Brussel Bronstraat 68 bij wie woonplaats wordt gekozen
- het BRUSSELSE HOOFDSTEDELIJKE GEWEST advocaten Audrey Baeyens en Bénédicte De Beys kantoor houdend te 1050 Brussel Eugène Flagetplein 18, 5de verdieping -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- Verzoekers dienden op 14 december 2018 een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid in met betrekking tot het verbod van de burgemeester van de stad Brussel en van de minister-president van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest om op 16 december 2018 een betoging te houden op het grondgebied van de Brusselse agglomeratie. X-17.397-1/3 II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 243.250 van 14 december 2018 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid van het verbod van de minister-president van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest ingewilligd. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 5 april
- Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Thomas Eyskens, die loco advocaat Sander Van Hulle verschijnt voor verzoekers, advocaat Rikkert Schoofs, die loco advocaat Marc Uyttendaele verschijnt voor de eerste verwerende partij, en advocaat Audrey Baeyens, die verschijnt voor de tweede verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Jurgen Neuts heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Opheffing van de schorsing
- Verzoekers hebben na het indienen van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid geen verzoekschrift ingediend om de nietigverklaring van de bestreden beslissing te vorderen. De Raad van State is er in dat geval overeenkomstig artikel 17, § 4, derde lid, van zijn gecoördineerde wetten toe gehouden de uitgesproken schorsing op te heffen. X-17.397-2/3 IV. Kosten
- Dat verzoekers geen verzoekschrift tot nietigverklaring hebben ingediend, laat zich kennelijk verklaren doordat ten gevolge van het schorsingsarrest de betoging die zij wensten te houden, effectief heeft kunnen plaatshebben en het betogingsverbod hierdoor achterhaald is. In de gegeven omstandigheden is er reden de kosten ten laste te leggen van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest, inbegrepen een rechtsplegingsvergoeding ten behoeve van verzoekers. BESLISSING
- De schorsing bevolen bij arrest nr. 243.250 van 14 december 2018 wordt opgeheven.
- Het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest wordt verwezen in de kosten van het geding, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 40 euro, en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro die verschuldigd is aan verzoekers, elk voor de helft. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van eenentwintig mei 2019, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Johan Lust X-17.397-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.553 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.250 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div