← België

Arrest 244622 - Uitleveringen - 27/05/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 mei 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.622 Rolnummer: A. 224899/XIV-37678 Zaak: Arrest 244622 - Uitleveringen - 27/05/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-06-04 Raadplegingen: 68 - laatst gezien 2026-06-21 22:31 Fiche Arrest nr 244.622 van 27 mei 2019 Vreemdelingen - Uitleveringen Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER nr. 244.622 van 27 mei 2019 in de zaak A. 224.899/XIV-37.678 In zake: Guido WOLTERS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Pieter Filipowicz kantoor houdend te 2100 Deurne August Van de Wielelei 346 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Justitie bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bernard Derveaux kantoor houdend te 1000 Brussel Verenigingstraat 28 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 17 maart 2018, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van de minister van Justitie van 13 maart 2018 waarbij de uitlevering van verzoeker aan de regering van de Russische Federatie wordt toegestaan. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij arrest nr. 243.278 van 19 december 2018 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. Het genoemde arrest is op 3 januari 2019 aan verzoeker ter kennis gebracht. XIV-37.678-1/3 Op 5 maart 2019 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoeker de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 11/3, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Verzoeker heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  3. III. Beoordeling
  4. Naar luid van artikel 17, § 7, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest.
  5. Verzoeker heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend.
  6. Het vermoeden van afstand van het geding is te dezen van toepassing. BESLISSING
  7. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit. XIV-37.678-2/3
  8. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 20 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zevenentwintig mei tweeduizend negentien, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Carlo Adams, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, bijgestaan door Joris Casneuf, griffier. De griffier De voorzitter Joris Casneuf Carlo Adams XIV-37.678-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.622 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.278 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.