← België

Arrest 244808 - Media - 17/06/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 17 juni 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.808 Rolnummer: A. 225190/IX-9294 Zaak: Arrest 244808 - Media - 17/06/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-06-20 Raadplegingen: 65 - laatst gezien 2026-06-21 22:27 Fiche Arrest nr 244.808 van 17 juni 2019 Onderwijs en cultuur - Media Beslissing : Verwerping Tussenkomst geweigerd Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK IXe KAMER nr. 244.808 van 17 juni 2019 in de zaak A. 225.190/IX-9294 In zake: de VZW NIET OPENBARE RADIO CONTACT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Stijn Verbist en Lize Vandersteegen kantoor houdend te 2000 Antwerpen Graaf van Hoornestraat 51 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de VLAAMSE GEMEENSCHAP bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Staelens kantoor houdend te 8000 Brugge Stockhouderskasteel Gerard Davidstraat 46 bus 1 bij wie woonplaats wordt gekozen Verzoekster in tussenkomst: de NV TOPRADIO bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Christiaan Lesaffer kantoor houdend te 2000 Antwerpen Meir 22-24 bus 2 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 14 mei 2018, strekt tot de nietigverkla- ring van het ministerieel besluit van 9 maart 2018 „houdende de intrekking van de erkenning van NV CFM, voor frequentiepakket netwerkradio- omroeporganisatie 3 – Ander profiel 1 en houdende de erkenning van NV Topra- dio voor frequentiepakket netwerkradio-omroeporganisatie 3 – Ander profiel 1‟. IX-9294-1/6 II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord inge- diend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur Alexander Van Steenberge heeft een verslag opgesteld, op grond van artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuurs- rechtspraak van de Raad van State‟. De verwerende partij heeft een verzoekschrift ingediend dat strekt tot de toepassing van artikel 14ter van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  3. De verzoekende partij heeft een verzoekschrift ingediend dat strekt tot de toepassing van de artikelen 35/1 en 36, § 1, eerste lid, eerste zin, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. De nv Topradio heeft een verzoekschrift tot tussenkomst inge- diend. De verzoekende partij heeft schriftelijke opmerkingen doen gelden. Eerste auditeur Alexander Van Steenberge heeft een aanvullend verslag opgesteld, op grond van artikel 93, tweede lid, van het besluit van de Re- gent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟. Met toepassing van artikel 90, § 1, vierde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, is de zaak verwezen naar een kamer met drie leden. IX-9294-2/6 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 20 mei
  5. Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitge- bracht. Advocaat Bart Staelens, die verschijnt voor de verwerende par- tij en advocaat Christiaan Lesaffer, die verschijnt voor verzoekster in tussen- komst, zijn gehoord. Eerste auditeur Alexander Van Steenberge heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  6. III. Tussenkomst 3.
  7. Verzoekster in tussenkomst verklaart op de terechtzitting zich te gedragen naar de wijsheid van de Raad van State, wat de ontvankelijkheid van haar verzoek betreft. 3.
  8. Uit het griffiedossier blijkt dat verzoekster in tussenkomst op het adres Steenakker 119, 9000 Gent op 27 juni 2018 een aangetekende zending met een afschrift van het verzoekschrift tot nietigverklaring in ontvangst heeft genomen. Dit laat de termijn tot tussenkomst van dertig dagen starten. Het verzoekschrift houdende vrijwillige tussenkomst werd pas per aangetekende post op 5 februari 2019 verstuurd. IX-9294-3/6 3.
  9. Het verzoek tot tussenkomst is dan ook laattijdig en bijgevolg onontvankelijk. IV. Ontvankelijkheid van het beroep
  10. De verwerende partij bezorgt de Raad van State bij brief van 15 april 2019 een ministerieel besluit van 5 april 2019 dat het thans bestreden ministerieel besluit opheft. Zij schrijft dat zij op de zitting zal vragen om het be- roep te verwerpen als onontvankelijk.
  11. Verzoekster reageert hierop door aan de Raad van State schrif- telijk mee te delen dat “de huidige procedure geen voorwerp meer [heeft]” en dat zij vraagt om de kosten ten laste van de verwerende partij te leggen.
  12. Op de terechtzitting is verzoekster niet vertegenwoordigd.
  13. Uit het schrijven van verzoekster en haar afwezigheid op de terechtzitting mag worden afgeleid dat zij – uitgezonderd de kosten – geen be- langstelling meer heeft voor haar beroep tot nietigverklaring. Actueel belang vergt evenwel een voortdurende belangstelling voor de zaak. Ambtshalve stelt de Raad van State vast dat het beroep onont- vankelijk is bij gebrek aan actueel belang. V. Handhaving gevolgen – verduidelijkend arrest – injunctie
  14. Het verzoek van de verwerende partij tot handhaving van de gevolgen met toepassing van artikel 14ter van de gecoördineerde wetten op de Raad van State is zonder voorwerp, aangezien in deze zaak geen nietigverklaring wordt uitgesproken. IX-9294-4/6
  15. Om dezelfde reden moet niet worden ingegaan op de vraag van verzoekster om toepassing te geven aan artikel 35/1 of artikel 36, § 1, van dezelf- de wetten. VI. Kosten
  16. In de gegeven omstandigheden is er wel reden om de kosten bij de verwerende partij te leggen. In de considerans van het voormelde ministerieel besluit van 5 april 2019 is immers als motief voor de opheffing te lezen dat het bestreden ministerieel besluit “niet langer over de wettelijk vereiste rechtsgrond beschikt voor wat de toegekende frequenties betreft”. BESLISSING
  17. Het verzoek van de nv Topradio tot tussenkomst wordt niet ingewilligd.
  18. De Raad van State verwerpt het beroep.
  19. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. Verzoekster in tussenkomst wordt verwezen in de kosten van het verzoek tot tussenkomst, begroot op 150 euro. IX-9294-5/6 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 17 juni 2019, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, Bruno Seutin, staatsraad, Bert Thys, staatsraad, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren IX-9294-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.808 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.