id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 juni 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.849 Rolnummer: A. 219468/XIV-37069 Zaak: Arrest 244849 - Federale en lokale politie – Aanwerving en loopbaan - 19/06/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-06-27 Raadplegingen: 67 - laatst gezien 2026-06-24 01:23 Fiche Arrest nr 244.849 van 19 juni 2019 Openbaar ambt - Federale en lokale politie – Aanwerving en loopbaan Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER nr. 244.849 van 19 juni 2019 in de zaak A. 219.468/XIV-37.069 In zake: Johan RENDERS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Willem Van Betsbrugge kantoor houdend te 3300 Tienen Vierde Lansierslaan 70 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de POLITIEZONE 5391 BIERBEEK- BOUTERSEM-HOLSBEEK-LUBBEEK bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Gaëtane Pelsmaekers kantoor houdend te 3020 Herent Arnoudt Rulenslaan 19 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 13 juni 2016, strekt tot de nietigverklaring van: “- de beslissing van de selectiecommissie - commissaris interventie, ordehandhaving en verkeer en recherche-, mobiliteitscyclus 2016-01, reeks nr. 0759 d.d. 26.05.2016, betreffende de verklaring dat het bezwaarschrift van dhr. Renders tegen de verklaring van ongeschiktheid door dezelfde selectiecommissie als ontvankelijk doch ongegrond werd vastgesteld en waarbij de beslissing d.d. 02.02.2016 (lees: 26.04.2016) dus wordt bevestigd. - de bestreden beslissing van de selectiecommissie - commissaris interventie, ordehandhaving en verkeer en recherche-, mobiliteitscyclus 2016-01, reeks nr. 0759 d.d. 02.05.2016 (lees: 26.04.2016), betreffende de beslissing tot XIV-37.069-1/4 ongeschiktverklaring van dhr. Renders voor de positie van commissaris interventie, ordehandhaving en verkeer en recherche”. Verzoeker vordert eveneens “bij toepassing van de bestuurlijke lus aan de selectiecommissie op te leggen haar ongeldig adviesbeslissing te hervormen naar de enige geldige beslissing die ze kan nemen, nl. verzoeker als meest geschikte kandidaat te adviseren voor de Politieraad, zonder verdere commentaren. Desgevallend bij wijze van voorlopige maatregel de selectiecommissie op te leggen dit aangepaste advies over te maken aan de Politieraad op straffe van een dwangsom van 5.000 € per dag van de uitspraak van het arrest.” II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 235.134 van 20 juni 2016 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissingen verworpen. Verzoeker heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en verzoeker heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur Geert De Bleeckere heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan verzoeker ter kennis gebracht op 30 januari
- Op 13 maart 2019 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoeker de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟. XIV-37.069-2/4 Verzoeker heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. Verzoeker heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
- Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. BESLISSING
- De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
- Verzoeker wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 840 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. XIV-37.069-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van negentien juni tweeduizend negentien, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Kaat Leus, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, bijgestaan door Joris Casneuf, griffier. De griffier De voorzitter Joris Casneuf Kaat Leus XIV-37.069-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.849 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2016:ARR.235.134 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.