id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 20 juni 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.872 Rolnummer: A. 216241/VII-39426 Zaak: Arrest 244872 - Rusthuizen - 20/06/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-06-26 Raadplegingen: 65 - laatst gezien 2026-06-21 23:18 Fiche Arrest nr 244.872 van 20 juni 2019 Sociale zaken en volksgezondheid - Rusthuizen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 244.872 van 20 juni 2019 in de zaak A. 216.241/VII-39.
- In zake :
- Johan WITTOCX
- de VZW HERENHOF bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Cies Gysen kantoor houdend te 2800 Mechelen Antwerpsesteenweg 16-18 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de VLAAMSE GEMEENSCHAP bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Staelens kantoor houdend te 8000 Brugge Gerard Davidstraat 46, bus 1 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 23 juni 2015, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de Vlaamse regering van 24 april 2015 betreffende het maximale aantal te erkennen woongelegenheden voor woonzorgcentra en centra voor kortverblijf in het kader van de erkenningskalender. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 232.951 van 19 november 2015 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. VII-39.426-1/4 De verzoekende partijen hebben een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend. Auditeur Anja Somers heeft een verslag overeenkomstig artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: algemeen procedurereglement) opgesteld. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 13 juni
- Kamervoorzitter Eric Brewaeys heeft verslag uitgebracht. Advocaat Veerle Huysman, die loco advocaat Bart Staelens verschijnt voor de verwerende partij, is gehoord. Auditeur Anja Somers heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Korte debatten
- Met een brief van 16 mei 2019 deelt de raadsman van de verzoekende partijen het volgende mee: “Mijn cliënte informeert mij een nieuwe aanvraag te hebben gedaan conform het Besluit van de Vlaamse Regering van 19 oktober 2018 tot VII-39.426-2/4 vaststelling van de regels voor het verlenen van een erkennings- of omzettingskalender en tot wijziging van de regels voor de voorafgaande vergunning. Beide dossiers gekend onder de rolnummers G/A 216.241/VII-39.426 en G/A 218.249/VII – 39.599 zijn op heden dan ook zonder belang. Mijn cliënt wenst de procedures niet langer verder te zetten en schikt zich naar de wijsheid van Uw Raad. Eveneens doet mijn cliënte afstand van enige verzoek tot schadevergoeding”.
- Deze verklaring moet worden beschouwd als een afstand van het geding. Vermits korte debatten volstaan om te komen tot deze conclusie, kan in het huidige geval de zaak op grond van artikel 93 van het algemeen procedurereglement definitief worden beslecht.
- Aangezien het teloorgaan van het belang, dat de verzoekende partijen er toe aanzet afstand te doen van voorliggend beroep, te wijten is aan een handeling van de verwerende partij, is het gepast om de kosten van het geding ten laste te leggen van de verwerende partij.
- Een rechtsplegingsvergoeding is, gelet op artikel 30/1, § 1, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, een tegemoetkoming in de kosten van de advocaat van de “in het gelijk gestelde partij”. De verzoekende, noch de verwerende partij is als een dergelijke “in het gelijk gestelde partij” te beschouwen. BESLISSING
- De Raad van State verleent akte van de afstand.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 800 euro. VII-39.426-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van twintig juni tweeduizend negentien, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Eric Brewaeys, kamervoorzitter, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier. De griffier De voorzitter Bart Tettelin Eric Brewaeys VII-39.426-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.872 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2015:ARR.232.951 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.