id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 juni 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.008 Rolnummer: A. 226608/IX-9445 Zaak: Arrest 245008 - Media - 27/06/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-07-02 Raadplegingen: 62 - laatst gezien 2026-06-21 07:17 Fiche Arrest nr 245.008 van 27 juni 2019 Onderwijs en cultuur - Media Beslissing : Vernietiging Verwerping heropening debatten Verwijzing naar alg.rol Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK IXe KAMER nr. 245.008 van 27 juni 2019 in de zaak A. 226.608/IX-9445 In zake: de VZW RADIO KLEIN BRABANT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Karel Peeters kantoor houdend te 9000 Gent Kortrijksesteenweg 731 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de VLAAMSE GEMEENSCHAP bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Staelens kantoor houdend te 8000 Brugge Stockhouderskasteel Gerard Davidstraat 46 bus 1 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: de VZW RADIO ST.-JAN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Thomas De Meese kantoor houdend te 1000 Brussel Joseph Stevensstraat 7 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het verzoekschrift
- Het verzoekschrift, ingediend op 6 november 2018, strekt tot de nietigverklaring en de schorsing van de tenuitvoerlegging van “de Ministeriële besluiten op 7 september 2018 genomen door de Vlaamse Minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel […] houdende IX-9445-1/16
- de intrekking van het Ministerieel besluit van 28 maart 2018 houdende de on- ontvankelijkheid van de aanvraag van Radio St.-Jan vzw voor frequentiepakket 35 (Bornem 107.6 – Willebroek 104.9) als lokale radio-omroeporganisatie voor de tweede ronde van de radio-erkenningen en houdende de vaststelling van ontvan- kelijkheid van de aanvraag van Radio St.-Jan vzw voor frequentiepak- ket 35 (Bornem 107.6 – Willebroek 104.9) als lokale radio-omroeporganisatie voor de tweede ronde van de radio-erkenningen en
- de intrekking van het besluit van 15 juni 2018 houdende de erkenning als lokale radio-omroeporganisatie van Radio Klein-Brabant […] voor frequentiepakket FP 035 – Bornem 107.6 MHz / Willebroek 104.9 MHz en houdende de erkenning als lokale radio-omroeporganisatie van de vzw Radio St.-Jan (Radio Sint-Jan) voor frequentiepakket FP 035 – Bornem 107.6 MHz / Willebroek 104.9 MHz”. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een nota ingediend. De vzw Radio St.-Jan heeft een verzoek tot tussenkomst inge- diend. Eerste auditeur Alexander Van Steenberge heeft een verslag opgesteld over het beroep tot nietigverklaring op grond van artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechts- pleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟ en over de vordering tot schorsing op grond van artikel 12 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 „tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State‟. Verzoekster tot tussenkomst en de verwerende partij hebben een verzoekschrift ingediend dat strekt tot de toepassing van artikel 14ter van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- IX-9445-2/16 De verwerende partij en de verzoekende partij hebben schrifte- lijke opmerkingen doen gelden. Eerste auditeur Alexander Van Steenberge heeft een aanvullend verslag opgesteld, op grond van artikel 93, tweede lid, van het besluit van de Re- gent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟. Met toepassing van artikel 90, § 1, vierde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, is de zaak verwezen naar een kamer met drie leden. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 20 mei
- Staatsraad Bert Thys heeft verslag uitgebracht. Advocaat Tanguy Van Steenkiste, die loco advocaat Karel Peeters verschijnt voor de verzoekende partij, advocaat Bart Staelens, die verschijnt voor de verwerende partij en advocaat Laura Kempeneers, die loco advocaat Thomas De Meese verschijnt voor verzoekster tot tussenkomst, zijn gehoord. Eerste auditeur Alexander Van Steenberge heeft advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördi- neerd op 12 januari
- IX-9445-3/16 III. Feiten 3.
- Op 13 februari 2018 wordt in het Belgisch Staatsblad een oproep bekendgemaakt tot kandidaatstelling voor “erkenning als lokale ra- dio-omroeporganisatie”, onder meer voor frequentiepakket 35 “lokale radio Bor- nem (107.6 FM); Willebroek (104.9 FM)”. Het gaat om de tweede erkenningsronde, nadat de eerste erken- ningsronde in 2017 niet in een erkenning voor het voornoemde frequentiepakket heeft geresulteerd. 3.
- Op 28 maart 2018 beslist de Vlaamse minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel dat de aanvraag van de vzw Radio St.-Jan om te worden erkend als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentiepakket 35 in de tweede erkenningsronde, niet ontvankelijk is. De vzw Radio St.-Jan vecht deze beslissing aan met een beroep tot nietigverklaring en een vordering tot schorsing bij de Raad van State (zaak A. 225.320/IX-9307). Bij arrest nr. 242.748 van 23 oktober 2018 verwerpt de Raad van State dat beroep en die vordering omdat “[h]et bestreden besluit […] bij besluit van 7 september 2018 van de Vlaamse minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel [is] ingetrokken, zodat het beroep zonder voorwerp is gevallen en „doel- loos‟ is geworden, als bedoeld in artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuurs- rechtspraak van de Raad van State‟”. 3.
- Op 15 juni 2018 beslist de Vlaamse minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel om de vzw Radio Klein Brabant te erkennen als lokale ra- dio-omroeporganisatie voor frequentiepakket
- De vzw Radio St.-Jan vecht deze beslissing aan met een beroep tot nietigverklaring en een vordering tot schorsing bij de Raad van State (zaak IX-9445-4/16 A. 225.897/IX-9348). Bij arrest nr. 243.112 van 4 december 2018 heropent de Raad van State in deze zaak het debat en verwijst hij de zaak naar de gewone rechtspleging. Deze zaak is nog hangende. 3.
- Op 7 september 2018 neemt de Vlaamse minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel de volgende twee besluiten. Een eerste besluit trekt vooreerst het hiervóór sub 3.2 bedoelde besluit van de voornoemde minister van 28 maart 2018 in, luidens hetwelk de aanvraag van de vzw Radio St.-Jan om te worden erkend als lokale ra- dio-omroeporganisatie voor frequentiepakket 35 niet ontvankelijk is (artikel 1 van dit eerste besluit). Voorts verklaart ditzelfde besluit de aanvraag van de vzw Radio St.-Jan om te worden erkend als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentie- pakket 35 nu wel ontvankelijk (artikel 2 van dit eerste besluit). Dit besluit maakt het eerste voorwerp uit van het voorliggende beroep en de bijbehorende vordering (hierna: het eerste bestreden besluit). Een tweede besluit trekt vooreerst het hiervóór sub 3.3 bedoelde besluit van de voornoemde minister van 15 juni 2018 in, luidens hetwelk de vzw Radio Klein Brabant wordt erkend als lokale radio-omroeporganisatie voor fre- quentiepakket 35 (artikel 1 van dit tweede besluit). Voorts erkent ditzelfde besluit de vzw Radio St.-Jan als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentiepakket 35 (artikel 2 van dit tweede besluit). Dit besluit maakt het tweede voorwerp uit van het voorliggende beroep en de bijbehorende vordering (hierna: het tweede bestreden besluit). Beide bestreden besluiten verwijzen in hun aanhef naar het be- sluit van de Vlaamse regering van 21 april 2017 „houdende bepaling van het aantal particuliere landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties dat kan worden erkend en houdende de opstelling van het frequentieplan en de vast- IX-9445-5/16 stelling van de frequentiepakketten die ter beschikking worden gesteld van de particuliere landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties‟. 3.
- Bij arrest nr. 242.804 van 25 oktober 2018 vernietigt de Raad van State het voornoemde besluit van de Vlaamse regering van 21 april 2017 (hierna: het frequentiebesluit van 21 april 2017). 3.
- Op 29 maart 2019 neemt de Vlaamse regering een nieuw besluit „houdende bepaling van het aantal particuliere landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties dat kan worden erkend en houdende de opstelling van het frequentieplan en de vaststelling van de frequentiepakketten die ter be- schikking worden gesteld van de particuliere landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties‟. Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 4 april 2019 en treedt diezelfde dag in werking. 3.
- Bij besluit van de Vlaamse minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel van 5 april 2019 wordt het tweede bestreden besluit gedeeltelijk op- geheven, namelijk in de mate dat het de vzw Radio St.-Jan erkent als lokale ra- dio-omroeporganisatie voor frequentiepakket 35 (artikel 2 van het tweede bestre- den besluit). Bij een ander besluit van dezelfde Vlaamse minister van de- zelfde datum wordt de vzw Radio St.-Jan opnieuw erkend als lokale ra- dio-omroeporganisatie voor frequentiepakket
- De vzw Radio Klein Brabant vecht deze laatstgenoemde beslis- sing aan met een beroep tot nietigverklaring en een vordering tot schorsing bij de Raad van State (zaak A. 228.316/IX-9566). Deze zaak is nog hangende. IX-9445-6/16 IV. Verzoek tot tussenkomst
- De vzw Radio St.-Jan heeft op 17 januari 2019 een verzoek tot tussenkomst in de voorliggende zaak ingediend. Aangezien een eventuele nietig- verklaring of schorsing van de bestreden besluiten – waaruit zij voordeel haalt – rechtstreeks haar belangen zou raken, moet haar verzoek worden ingewilligd. Zij wordt hierna ook de tussenkomende partij genoemd. V. Ontvankelijkheid van het beroep – toepassing kortedebattenprocedure
- In de mate dat het beroep de nietigverklaring beoogt van het eerste bestreden besluit, waarbij de Vlaamse minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel vooreerst zijn besluit van 28 maart 2018 intrekt, luidens hetwelk de aanvraag van de vzw Radio St.-Jan om in de tweede erkenningsronde te worden erkend als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentiepakket 35, niet ontvan- kelijk is en waarbij hij voorts de aanvraag van de vzw Radio St.-Jan om te worden erkend als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentiepakket 35 nu wel ont- vankelijk verklaart, rijst de vraag of dit besluit een voor de verzoekende partij met een beroep tot nietigverklaring aanvechtbare bestuurshandeling is. Die vraag is niet onderzocht in het auditoraatsverslag over het beroep, dat de nietigverklaring voorstelt van “[d]e bestreden besluiten”, noch in het aanvullend auditoraatsverslag over de verzoeken tot toepassing van artikel 14ter van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, waarin “[g]elet op de ophef- fing van het bestreden besluit” wordt besloten dat “de verzoekende partij niet langer een belang [heeft] bij het annulatieberoep”. Anders dan het auditoraat in het laatstgenoemde verslag lijkt aan te nemen, blijkt niet dat het eerste bestreden besluit is opgeheven. IX-9445-7/16 Voor zover het beroep gericht is tegen het eerste bestreden be- sluit kan het dan ook niet met toepassing van de kortedebattenprocedure worden beslecht en dient het naar de gewone rechtspleging te worden verwezen.
- In de mate dat het beroep de nietigverklaring beoogt van het tweede bestreden besluit voor zover artikel 1 van dit besluit het besluit van de Vlaamse minister van 15 juni 2018 intrekt waarbij de vzw Radio Klein Brabant wordt erkend als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentiepakket 35, besluit de auditeur-verslaggever ter terechtzitting terecht dat de verzoekende partij geen wettig belang erbij heeft de nietigverklaring van die intrekking te verkrijgen. Een zodanige nietigverklaring zou immers met zich meebrengen dat de ingetrokken erkenning herleeft, terwijl die erkenning de vereiste rechtsgrond ontbeert inge- volge de nietigverklaring van het frequentiebesluit van 21 april 2017 bij arrest nr. 242.804 van 25 oktober 2018 van de Raad van State. Het beroep is in zoverre onontvankelijk. In zoverre ook heeft het auditoraat terecht voorgesteld om de zaak met een kort debat af te doen.
- In de mate dat het beroep de nietigverklaring beoogt van het tweede bestreden besluit voor zover artikel 2 van dit besluit de vzw Radio St.-Jan erkent als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentiepakket 35, moet worden vastgesteld dat de verwerende partij ter terechtzitting opwerpt dat het beroep zijn voorwerp heeft verloren en doelloos is geworden ingevolge de tussengekomen opheffing van die erkenning bij besluit van de Vlaamse minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel van 5 april
- Een opheffing geldt evenwel enkel voor de toekomst. Dat het beroep in zoverre geen voorwerp meer heeft, is dan ook een onjuiste gevolgtrekking. IX-9445-8/16 Ingevolge de nietigverklaring van het frequentiebesluit van 21 april 2017 kan de verzoekende partij weliswaar niet meer hopen om nog een erkenning te verkrijgen op grond van dat besluit. Dit neemt evenwel niet weg dat het tweede bestreden besluit van 7 september 2018 voor zover het de vzw Radio St.-Jan erkent als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentiepakket 35, uit- werking heeft gehad tot aan de datum van zijn opheffing en dat de verzoekende partij de toepassing en de gevolgen ervan heeft moeten ondergaan. De verwerende partij toont niet aan dat de verzoekende partij aan de gevorderde nietigverklaring geen enkel voordeel meer kan ontlenen. Het is in dit verband des te opvallender dat zij in de considerans van het opheffingsbesluit aanneemt dat de beslissing “uit de rechtsorde te verwijderen [is]” – wat op een intrekking alludeert – maar ze vervolgens enkel opheft en dus zelf ervoor kiest om de rechtsgevolgen ervan overeind te houden. Daar voegt zich nog aan toe dat de verwerende partij vervolgens opnieuw dezelfde erkenning aan dezelfde begun- stigde verleent en dit zonder nieuwe oproep of onderzoek van dossiers, maar louter op grond van de onder de toepassing van het vernietigde frequentiebesluit van 21 april 2017 geformuleerde rangschikking, wat evenmin van aard is om te conclu- deren tot een verloren belang. De door de verwerende partij opgeworpen exceptie wordt dan ook niet aangenomen. VI. Onderzoek van het ambtshalve middel – toepassing kortedebattenprocedure
- In het auditoraatsverslag wordt ambtshalve aangevoerd dat “[h]et gebrek aan de wettelijk vereiste rechtsgrond [...] een onwettigheid [is] die de openbare orde aanbelangt, en ambtshalve door de Raad van State wordt gesanc- tioneerd”.
- Bij arrest nr. 242.804 van 25 oktober 2018 heeft de Raad van State het frequentiebesluit van de Vlaamse regering van 21 april 2017 vernietigd. IX-9445-9/16 Alzo ontbeert het tweede bestreden besluit voor zover het de erkenning van de vzw Radio St.-Jan als lokale radio-omroeporganisatie voor fre- quentiepakket 35 inhoudt de noodzakelijke rechtsgrond. Anders dan de verwerende partij doet gelden in haar verzoek tot toepassing van artikel 14ter van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, mag de Raad van State dit middel, dat de openbare orde aanbelangt, ambtshalve in aanmerking nemen. De verwijzing door de verwerende partij en ook door de tus- senkomende partij naar arrest nr. 238.588 van 20 juni 2017 van de Raad van State gaat niet op, aangezien de Raad van State een middel dat de openbare orde aan- belangt steeds ambtshalve kan aanvoeren. In dit geval is er overigens geen sprake van enig deloyaal procesgedrag van de verzoekende partij. Bovendien, zo blijkt uit artikel 14, § 1, tweede lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, geeft de voormelde onregelmatigheid die de onbevoegdheid van de steller van de rechtshandeling betreft, aanleiding tot een nietigverklaring ongeacht of de ver- zoekende partij een belang kan aantonen bij een dergelijk middel. Het ambtshalve aangevoerde middel is gegrond en dient te lei- den tot de nietigverklaring van het tweede bestreden besluit voor zover het de vzw Radio St.-Jan erkent als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentiepakket
- Ook in zoverre heeft het auditoraat terecht voorgesteld om de zaak met een kort debat af te doen. VII. Toepassing van artikel 14ter van de gecoördineerde wetten op de Raad van State – handhaving van de gevolgen Verzoeken
- De verwerende partij vraagt de Raad van State te bevelen “dat de tussenkomende partij verder kan genieten van de rechten die voortvloeien uit het desgevallend […] vernietigde besluit totdat het nieuwe reglementaire [frequen- IX-9445-10/16 tie]besluit heeft geleid tot een nieuwe besluitvorming met betrekking tot de in casu bestreden intrekking en erkenning”.
- De tussenkomende partij vraagt de Raad van State te bevelen “dat [zij] verder kan genieten van de rechten die voortvloeien uit de desgevallend door [de Raad van State] vernietigde bestreden beslissingen totdat het nieuwe reglementaire frequentiebesluit is gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en tot de beslissingen over de ontvankelijkheid van [haar] aanvraag tot erkenning [...] en over de erkenning voor frequentiepakket nr. 35 aan de kandidaten ter kennis zijn gebracht”. Beoordeling
- De verwerende partij en de tussenkomende partij beogen aldus te vermijden dat de vzw Radio St.-Jan na een nietigverklaring en in afwachting van een nieuw reglementair frequentiebesluit van de Vlaamse regering de activiteiten als lokale radio-omroeporganisatie zou moeten stopzetten.
- Sinds de neerlegging van de respectieve verzoeken tot handha- ving van de gevolgen heeft de verwerende partij echter niet stilgezeten. Het “nieuwe reglementaire frequentiebesluit” is ondertussen bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 4 april 2019 en met een brief van 9 april 2019 is vervolgens het nieuwe erkenningsbesluit van 5 april 2019 aan de tussenkomende partij ter kennis gebracht.
- Voor een beoordeling van de verzoeken van de verwerende partij en de tussenkomende partij tot toepassing van artikel 14ter van de gecoör- dineerde wetten op de Raad van State, volstaat thans dan ook de feitelijke vast- stelling dat de vzw Radio St.-Jan bij besluit van de Vlaamse minister van 5 april 2019 opnieuw is erkend en haar activiteiten dus kan voortzetten op grond van die erkenning en de op basis daarvan aan te vragen zendvergunning. IX-9445-11/16 De verwerende partij heeft met dit nieuwe erkenningsbesluit zelf reeds het gevreesde gevolg van de nietigverklaring vermeden. Er is hoe dan ook geen reden meer om nog te bevelen dat de vzw Radio St.-Jan haar rechten “verder kan genieten” op grond van de bestreden er- kenning, aangezien zij thans over een nieuwe erkenning beschikt.
- Weliswaar merkt de verwerende partij in de toelichting van haar verzoek ook op dat het zou passen dat “alle rechtsgevolgen van het verleden, be- vestigd en gehandhaafd worden” en dat zij wil “vermijden dat erkenningsgerech- tigden onnodige schade zouden oplopen”. Zij vraagt dat de Raad van State daarom “een afweging” zou maken “tussen legaliteit en rechtszekerheid”. Daargelaten dat het verzoek in die mate niet overeenstemt met wat de verwerende partij uiteindelijk vraagt in het besluit van haar verzoek, laat zij ook na met de vereiste precisie uiteen te zetten welke nadelige gevolgen “van het verleden” zij wil ontlopen en wat de uitzonderlijke redenen zijn die daarvoor de toepassing van artikel 14ter van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en een aantasting van het legaliteitsbeginsel kunnen verantwoorden. De verwerende partij legt de Raad dan ook geenszins de elementen voor die noodzakelijk zijn om hem in staat te stellen de gevraagde afweging te maken. Ook in die mate kan niet op het verzoek worden ingegaan. VIII. Ontvankelijkheid van de vordering tot schorsing
- Voor zover hiervóór sub 6 het beroep onontvankelijk werd be- vonden in de mate dat het de nietigverklaring beoogt van de intrekking van het besluit van de Vlaamse minister van 15 juni 2018 waarbij de vzw Radio Klein Brabant wordt erkend als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentiepak- ket 35, is de voorliggende vordering tot schorsing, die een accessorium is van het IX-9445-12/16 beroep tot nietigverklaring, evenzeer onontvankelijk en dient ze te worden ver- worpen.
- Voor zover hiervóór sub 9 werd besloten dat het tweede be- streden besluit moet worden vernietigd in de mate dat het de vzw Radio St.-Jan erkent als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentiepakket 35, heeft de vordering tot schorsing geen voorwerp meer en dient ze evenzeer te worden ver- worpen.
- Voor zover de vordering de schorsing van de tenuitvoerlegging beoogt van het eerste bestreden besluit, werd er hiervóór sub 5 reeds op gewezen dat de vraag rijst of de daarbij genomen beslissingen van de Vlaamse minister, betreffende enerzijds de intrekking van de onontvankelijkheidsverklaring van de erkenningsaanvraag van de vzw Radio St.-Jan en houdende anderzijds de ont- vankelijkheidsverklaring van diezelfde aanvraag, voor de verzoekende partij be- stuurshandelingen zijn die zij met een beroep tot nietigverklaring vermag aan te vechten. Op het eerste gezicht moet het verlenen van een erkenning als lokale radio-omroeporganisatie, waarvan in dit geval de tussenkomende partij begunstigde is, worden beschouwd als een complexe administratieve verrichting. Van die verrichting vormt het erkenningsbesluit de eindbeslissing, als laatste schakel van een keten van voorbereidende bestuurshandelingen. Tegen de erken- ning lijkt dan ook ontvankelijk als vernietigingsgrond elke onwettigheid te mogen worden aangevoerd die ergens in de loop van de complexe administratieve ver- richting is begaan en die geacht kan worden een determinerende invloed op de eindbeslissing te hebben gehad. De beoordeling van de ontvankelijkheid van een erkennings- aanvraag lijkt zo een beslissing die specifiek en noodzakelijk voorbereidend is op de eindbeslissing over de erkenning. IX-9445-13/16 Daarmee is echter op het eerste gezicht niet gesteld dat die – mogelijk zelfs onregelmatige – voorbereidende bestuurshandeling zelf ook een aanvechtbare administratieve rechtshandeling is. In de regel zijn voorbereidende handelingen dat niet. Anders is het wanneer de voorbereidende handeling voor de belanghebbende een dadelijk grievende vóórbeslissing is. Dit zou het geval zijn, bijvoorbeeld, indien de aanvraag van de verzoekende partij onontvankelijk was verklaard, wat niet is gebeurd. De beslissing waarbij de aanvraag van één van haar concurrenten ontvankelijk wordt verklaard, is géén dergelijke aanvechtbare vóórbeslissing, aangezien die beslissing niet specifiek de rechtspositie van de verzoekende partij bepaalt, noch aan deze partij definitief nadeel berokkent. Dat een concurrent een ontvankelijk verklaard dossier heeft ingediend mag de kansen op erkenning van de verzoekende partij dan wel beïnvloeden, het sluit haar niet uit van de beoogde erkenning. Vooralsnog wordt dan ook besloten dat de vordering tot schor- sing van de tenuitvoerlegging van het eerste bestreden besluit niet ontvankelijk is. BESLISSING
- Het verzoek van de vzw Radio St.-Jan tot tussenkomst wordt ingewilligd.
- De Raad van State vernietigt het besluit van de Vlaamse minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel van 7 september 2018 ‘houdende de in- trekking van het ministerieel besluit van 15 juni 2018 houdende de erkenning als lokale radio-omroeporganisatie van Radio Klein-Brabant voor frequen- tiepakket FP 035 – Bornem 107.6 MHz / Willebroek 104.9 MHz en houdende de erkenning als lokale radio-omroeporganisatie van Radio St.-Jan (Radio Sint-Jan) voor frequentiepakket FP 035 – Bornem 107.6 MHz / Willebroek 104.9 MHz’, in de mate dat de vzw Radio St.-Jan daarbij wordt erkend als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentiepakket
- IX-9445-14/16
- De Raad van State verwerpt het beroep tot nietigverklaring voor zover het gericht is tegen het besluit van de Vlaamse minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel van 7 september 2018 ‘houdende de intrekking van het ministerieel besluit van 15 juni 2018 houdende de erkenning als lokale ra- dio-omroeporganisatie van Radio Klein-Brabant voor frequentiepakket FP 035 – Bornem 107.6 MHz / Willebroek 104.9 MHz en houdende de er- kenning als lokale radio-omroeporganisatie van Radio St.-Jan (Radio Sint-Jan) voor frequentiepakket FP 035 – Bornem 107.6 MHz / Willebroek 104.9 MHz’, in de mate dat daarbij het besluit van de voornoemde Vlaamse minister van 15 juni 2018 houdende de erkenning van de vzw Radio Klein Brabant als lokale radio-omroeporganisatie voor frequentiepakket 35 wordt ingetrokken.
- De Raad van State verwerpt de vordering tot schorsing.
- De Raad van State heropent het debat en de zaak wordt verwezen naar de gewone rechtspleging voor zover het beroep tot nietigverklaring gericht is tegen het besluit van de Vlaamse minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel van 7 september 2018 ‘houdende de intrekking van het Ministerieel besluit van 28 maart 2018 houdende de onontvankelijkheid van de aanvraag van Radio St. Jan vzw voor frequentiepakket 35 (Bornem 107.6 – Willebroek 104.9) als lokale radio-omroeporganisatie voor de tweede ronde van de ra- dio-erkenningen en houdende de vaststelling van ontvankelijkheid van de aanvraag van Radio St. Jan vzw voor frequentiepakket 35 (Bornem 107.6 – Willebroek 104.9) als lokale radio-omroeporganisatie voor de tweede ronde van de radio-erkenningen’. IX-9445-15/16 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 27 juni 2019, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Bruno Seutin, staatsraad, waarnemend voorzitter, Bert Thys, staatsraad, Patricia De Somere, staatsraad, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Bruno Seutin IX-9445-16/16 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.008 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.246.552 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.