id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 10 september 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.381 Rolnummer: A. 227504/VII-40499 Zaak: Arrest 245381 - Milieuvergunningen - 10/09/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-09-16 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-06-21 21:55 Fiche Arrest nr 245.381 van 10 september 2019 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Vernietiging bekendmaking Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 245.381 van 10 september 2019 in de zaak A. 227.504/VII-40.
- In zake : de BVBA TIM bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Kris Lens kantoor houdend te 2800 Mechelen Grote Nieuwedijkstraat 417 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Bronders kantoor houdend te 8400 Oostende Archimedesstraat 7 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 13 februari 2019, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van het afdelingshoofd van de afdeling Handhaving, departement Omgeving van de Vlaamse overheid van 12 december 2018, waarbij het beroep aangetekend bij de Vlaamse minister tegen het besluit van de toezichthouder van 22 oktober 2018 houdende het opleggen van bestuurlijke maatregelen, onontvankelijk wordt bevonden. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 244.521 van 16 mei 2019 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing ingewilligd. VII-40.499-1/4 Het genoemde arrest is op 21 mei 2019 aan de verwerende partij ter kennis gebracht. Op respectievelijk 8 en 4 juli 2019 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij en de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 11/2 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 17, § 6, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en artikel 11/2 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, wordt in een versnelde rechtspleging voorzien indien noch de verwerende partij, noch degene die belang heeft bij de beslechting van het geschil, een verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen te rekenen van de kennisgeving van het arrest waarbij de schorsing bevolen wordt. Bij arrest nr. 244.521 van 16 mei 2019 is de schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing bevolen. De verwerende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De hoofdgriffier heeft de partijen medegedeeld, met toepassing van artikel 11/2, van het genoemde besluit van de Regent van 23 augustus 1948, dat de kamer uitspraak zal doen over de vernietiging van de geschorste handeling, VII-40.499-2/4 tenzij één van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord. Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. Er is geen reden om de zaak thans anders te beoordelen dan in voornoemd arrest. Er bestaat aanleiding om de bestreden beslissing te vernietigen. BESLISSING
- De Raad van State vernietigt de beslissing van het afdelingshoofd van de afdeling Handhaving, departement Omgeving van de Vlaamse overheid van 12 december 2018, waarbij het beroep aangetekend bij de Vlaamse minister tegen het besluit van de toezichthouder van 22 oktober 2018 houdende het opleggen van bestuurlijke maatregelen, onontvankelijk wordt bevonden.
- Dit arrest dient bij uittreksel te worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als de vernietigde beslissing.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro verschuldigd aan de verzoekende partij. VII-40.499-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van tien september tweeduizend negentien, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Patricia De Somere, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Patricia De Somere VII-40.499-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.381 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.521 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div