← België

Arrest 245455 - Overheidsopdrachten - 17/09/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 17 september 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.455 Rolnummer: A. 219475/XII-8165 Zaak: Arrest 245455 - Overheidsopdrachten - 17/09/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-09-26 Raadplegingen: 66 - laatst gezien 2026-06-21 21:53 Fiche Arrest nr 245.455 van 17 september 2019 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 245.455 van 17 september 2019 in de zaak A. 219.475/XII-8165 In zake: Pieter DE ROECK woonplaats kiezend te 2140 Antwerpen - Borgerhout Joos Robijnslei 36 tegen: de VLAAMSE GEMEENSCHAP bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Bart Martel en Heleen Vandermeersch kantoor houdend te 1050 Brussel Louizalaan 99 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 4 juni 2016, strekt tot de nietigverklaring van “de beslissingen van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie OVB/2016/61 d.d. 7.4.2016 en OVB/2016/86 d.d. 30.5.2016”. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en verzoeker heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Eylenbosch heeft een verslag opgesteld. XII-8165-1/3 Dat verslag werd aan verzoeker ter kennis gebracht op 3 mei
  3. Op 21 juni 2019 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoeker de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟. Verzoeker heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Toepassing van artikel 21, zevende lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973 3.
  5. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. 3.
  6. Verzoeker heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. XII-8165-2/3 3.
  7. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. BESLISSING
  8. De Raad van State stelt de afstand van het geding vast.
  9. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 17 september 2019, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Johan Bovin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Johan Bovin XII-8165-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.455 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.