← België

Arrest 245614 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 03/10/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 03 oktober 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.614 Rolnummer: A. 227013/VII-40454 Zaak: Arrest 245614 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 03/10/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-10-10 Raadplegingen: 72 - laatst gezien 2026-06-24 00:52 Fiche Arrest nr 245.614 van 3 oktober 2019 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VIIe KAMER nr. 245.614 van 3 oktober 2019 in de zaak A. 227.013/VII-40.

  1. In zake :
  2. Joël HEYNDERICKX
  3. Dieter GOOSSENS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Reiner Tijs kantoor houdend te 2000 Antwerpen Nassaustraat 37-41 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de DEPUTATIE VAN DE PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  4. Het cassatieberoep, ingesteld op 19 december 2018, strekt tot de nietigverklaring van arrest nr. RvVb-A-1819-0277 van de Raad voor Vergunningsbetwistingen (hierna: RvVb) van 6 november 2018 in de zaak 1617-RvVb-0142-A. II. Verloop van de rechtspleging
  5. Een beschikking van 6 februari 2019 verklaart het cassatieberoep toelaatbaar. De verzoekers hebben een toelichtende memorie ingediend. VII-40.454-1/4 Auditeur Wouter De Cock heeft een verslag opgesteld, op grond van artikel 16 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 tot vaststelling van de cassatie-procedure bij de Raad van State. De verzoekers hebben een verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend teneinde te worden gehoord. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 19 september
  6. Staatsraad Pierre Lefranc heeft verslag uitgebracht. Advocaat Joram Maes, die loco advocaat Reiner Tijs verschijnt voor de verzoekers, is gehoord. Auditeur Wouter De Cock heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  7. III. Feiten
  8. Met een besluit van 28 juli 2016 verleent de deputatie van de provincieraad van Antwerpen (hierna: deputatie) een stedenbouwkundige vergunning aan de nv Site G voor het bouwen van een bedrijfssite.
  9. Het bestreden arrest willigt de vordering van de verzoekers tot vernietiging van de vergunningsbeslissing van de deputatie in en vernietigt deze vergunningsbeslissing. VII-40.454-2/4 IV. Ontvankelijkheid van het cassatieberoep Ambtshalve exceptie Standpunt van de verzoekers
  10. De verzoekers betogen dat de RvVb de bestreden vergunningsbeslissing van de deputatie uitsluitend heeft vernietigd “op basis van het gebrek in de beslissing van de [deputatie] met betrekking tot de mer-vereiste. Het eerste middel inzake de bestaanbaarheid met de planbestemming werd door de [RvVb] evenwel afgewezen, zij het geheel ten onrechte (zie: cassatiemiddel). [De verzoekers] hebben dan ook absoluut belang bij onderhavig cassatieberoep en de correcte toepassing van de toepasselijke regelgeving”. Beoordeling
  11. Het enige cassatiemiddel van de verzoekers gaat terug op de verwerping door de RvVb van hun eerste middel.
  12. Het cassatieberoep waarin een enig cassatiemiddel wordt aangevoerd dat geen van de zelfstandige vernietigingsmotieven van het bestreden arrest bekritiseert, kan, ook al was dat enige cassatiemiddel gegrond, niet tot cassatie leiden van het bestreden vernietigingsarrest.
  13. Het gezag van gewijsde van het bestreden vernietigingsarrest strekt zich uit tot de onverbrekelijk met het dictum verbonden motieven die uitspraak doen over de tijdens het rechtsgeding voor de RvVb betwiste rechtspunten waarover de partijen tegenspraak hebben kunnen voeren.
  14. Het dictum van het bestreden arrest besluit tot de vernietiging van de bestreden vergunningsbeslissing van 28 juli 2016 en tot het geven van het bevel aan de deputatie om een nieuwe vergunningsbeslissing te nemen. VII-40.454-3/4 De onverbrekelijk met het dictum verbonden motieven van het bestreden arrest zijn enkel de motieven voor de gegrondverklaring van het tweede middel van de verzoekers.
  15. Het gezag van gewijsde van het bestreden vernietigingsarrest strekt zich niet uit tot de motieven voor de ongegrondverklaring van het eerste middel van de verzoekers.
  16. Het cassatieberoep is niet ontvankelijk. BESLISSING
  17. De Raad van State verwerpt het cassatieberoep.
  18. De verzoekers worden verwezen in de kosten van het beroep, begroot op een rolrecht van 400 euro en een bijdrage van 40 euro, elk voor de helft. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van drie oktober tweeduizend negentien, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Eric Brewaeys, kamervoorzitter, Pierre Lefranc, staatsraad, Peter Sourbron, staatsraad, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Eric Brewaeys VII-40.454-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.614 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.