← België

Arrest 245729 - Tucht (openbaar ambt) - 11/10/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 11 oktober 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.729 Rolnummer: A. 221565/X-16876 Zaak: Arrest 245729 - Tucht (openbaar ambt) - 11/10/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-10-22 Raadplegingen: 67 - laatst gezien 2026-06-21 21:42 Fiche Arrest nr 245.729 van 11 oktober 2019 Openbaar ambt - Tucht (openbaar ambt) Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 245.729 van 11 oktober 2019 in de zaak A. 221.565/X-16.876 In zake: Johan AERTS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Yves Saenen kantoor houdend te 2400 Mol Colburnlei 22 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen:

  1. het VLAAMSE GEWEST, vertegenwoordigd door : - de Vlaamse regering - de beroepscommissie voor tuchtzaken bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Tom De Sutter kantoor houdend te 9000 Gent Koning Albertlaan 128 bij wie woonplaats wordt gekozen
  2. de STAD GEEL bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Ann Coolsaet kantoor houdend te 2018 Antwerpen Arthur Goemaerelei 69 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  3. Het beroep, ingesteld op 22 februari 2017, strekt tot de nietigverklaring van “de beslissing van de Beroepscommissie voor tuchtzaken van het statutaire gemeente-, provincie- en OCMW-personeel, genomen op en meegedeeld aan verzoeker bij brief van 13.01.2017, gekend onder het kenmerk BEROEP-R&M-16-521, waarbij het beroep met betrekking tot de door het college van burgemeester en schepenen van Geel op 5 september 2016 in artikel 1 opgelegde tuchtstraf van ‘ontslag van ambtswege’ ongegrond werd verklaard en deze werd bevestigd”. X- 16.876-1/3 II. Verloop van de rechtspleging
  4. De verwerende partijen hebben een memorie van antwoord ingediend en verzoeker heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Auditeur Wendy Depester heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan verzoeker ter kennis gebracht op 10 juli
  5. Op 10 september heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoeker de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Verzoeker heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  6. III. Beoordeling
  7. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep als ongegrond voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. Verzoeker heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. X- 16.876-2/3
  8. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. BESLISSING
  9. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
  10. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, en op een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro die verschuldigd is aan de tweede verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van elf oktober tweeduizend negentien, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X- 16.876-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.729 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.