id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 05 november 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.990 Rolnummer: A. 227300/XII-8689 Zaak: Arrest 245990 - Overheidsopdrachten - 05/11/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-11-06 Raadplegingen: 73 - laatst gezien 2026-06-21 07:13 Fiche Arrest nr 245.990 van 5 november 2019 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 245.990 van 5 november 2019 in de zaak A. 227.300/XII-8689 In zake: de NV CASINO KURSAAL OOSTENDE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Carlos De Wolf kantoor houdend te 9680 Maarkedal Etikhovestraat 6 bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Charlotte De Wolf kantoor houdend te 9000 Gent Fortlaan 95 tegen: de STAD OOSTENDE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Bronders kantoor houdend te 8400 Oostende Archimedesstraat 7 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: de NV INFINITY GAMING KNOKKE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bettina Poelemans kantoor houdend te 9051 Sint-Denijs-Westrem Kortrijksesteenweg 1144G bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 13 maart 2019, strekt tot de nietig- verklaring van de beslissing van 3 december 2018 van het college van XII-8689- 1/4 burgemeester en schepenen van de stad Oostende om de concessie voor de exclusieve uitbating van een kansspelinrichting klasse I of casino in het Kursaalgebouw te Oostende te gunnen aan de nv Infiniti Gaming Knokke. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 243.771 van 21 februari 2019 is de schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing ingewilligd. Auditeur Thomas Maes heeft een verslag opgesteld, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 22 oktober
- Staatsraad Johan Bovin heeft de stand van de zaak uiteengezet. Advocaat Saul Janssens, die loco advocaat Carlos De Wolf verschijnt voor de verzoekende partij, advocaat Eline Buckinx, die loco advocaat Bart Bronders verschijnt voor de verwerende partij en advocaat Flora Wauters, die loco advocaat Bettina Poelemans verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Eylenbosch heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- XII-8689- 2/4 III. Toepassing van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’
- De bestreden beslissing is bij beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de stad Oostende van 28 juni 2019 ingetrokken, zodat het beroep zonder voorwerp is gevallen en ‘doelloos’ is geworden, als bedoeld in artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. IV. Kosten
- Gelet op de intrekking van de bestreden beslissing past het de kosten van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring, zijnde het rolrecht, de bijdrage en de door de verzoekende partij gevraagde rechtsplegingsvergoeding, ten laste te leggen van de verwerende partij. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 40 euro, en een rechtsplegingsvergoeding van 840 euro die verschuldigd is aan de verzoekende partij. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op een rolrecht van 150 euro. XII-8689- 3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vijf november tweeduizend negentien, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Johan Bovin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Silja Doms, griffier. De griffier De voorzitter Silja Doms Johan Bovin XII-8689- 4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.990 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.243.771 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.