← België

Arrest 246112 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 19/11/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 november 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.246.112 Rolnummer: A. 222033/IX-9051 Zaak: Arrest 246112 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 19/11/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-11-21 Raadplegingen: 67 - laatst gezien 2026-06-21 21:37 Fiche Arrest nr 246.112 van 19 november 2019 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 246.112 van 19 november 2019 in de zaak A. 222.033/IX-9051 In zake: Alban Hilaire TANKAM FONDJO bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Michaël De Mol kantoor houdend te 8500 Kortrijk Beneluxpark 3 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: HR RAIL, nv van publiek recht bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Chris Van Olmen en Vincent Vuylsteke kantoor houdend te 1050 Brussel Louizalaan 221 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 23 april 2017, strekt tot de nietigver- klaring van “de beslissing […] d.d. 24.02.2015, […] waarbij de tewerkstelling van [Alban Hilaire Tankam Fondjo] als stagedoend electromecaniens onderstations en bovenleidingen werd beëindigd op 31.03.2015”. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord inge- diend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Auditeur Melissa Celis heeft een verslag opgesteld. IX-9051-1/3 Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 12 maart
  3. Op 3 mei 2019 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aan- gewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuurs- rechtspraak van de Raad van State‟. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden ge- hoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  4. III. Beoordeling
  5. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het ver- slag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. Verzoeker heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
  6. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepas- sing. IX-9051-2/3 BESLISSING
  7. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
  8. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro en een rechtsple- gingsvergoeding van 140 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van negentien november tweeduizend negentien, door de Raad van State, IXe kamer, samenge- steld uit: Bert Thys, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Bert Thys IX-9051-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.246.112 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.