← België

Arrest 246404 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 17/12/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 17 december 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.246.404 Rolnummer: A. 228503/X-17539 Zaak: Arrest 246404 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 17/12/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-12-20 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-06-21 21:03 Fiche Arrest nr 246.404 van 17 december 2019 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 246.404 van 17 december 2019 in de zaak A. 228.503/X-17.539 In zake:

  1. Annemie DECORTE
  2. Kathleen VANDENDRIESSCHE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Thomas Eyskens kantoor houdend te 1000 Brussel Bischoffsheimlaan 33 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het BRUSSELSE HOOFDSTEDELIJKE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Stijn Butenaerts kantoor houdend te 1080 Brussel Leopold II-laan 180 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partijen :
  3. de THV ODEBRECHT – VANHOUT PROJECT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Michel Karolinski en Camille Courtois kantoor houdend te 1000 Brussel Koningsgalerij 30 bij wie woonplaats wordt gekozen en eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Jan Roggen en Laura Sallaerts kantoor houdend te 3500 Hasselt Kempische Steenweg 303, bus 40
  4. de VLAAMSE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Laura Janssens en Bart Martel kantoor houdend te 1050 Brussel Louizalaan 99 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- X-17.539- 1/4 I. Voorwerp van het beroep
  5. Het beroep, ingesteld op 2 juli 2019, strekt tot de nietigverklaring van het “[b]esluit dd. 3 mei 2019 van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende het beroep bij de Brusselse Hoofdstedelijke Regering ingediend door [de] Gemeente […] Schaarbeek tegen de beslissing van de gemachtigde ambtenaar tot verlening van de stedenbouwkundige vergunning voor [het] bouwen van een schoolcomplex bestaande uit een kleuter-, basis- en tienerschool, 1° graad secundaire onderwijs met inbegrip van gemeenschappelijke ruimten, sporthal, refter, kunst- en crearuimte, atelier, labo en ondergrondse parking met 53 parkeerplaatsen en […] 4 appartementen en de renovatie van het erfgoeddepot tot een secundaire school (2° en 3° graad) met inbegrip van refter, gemeenschappelijke en ondersteunende ruimten en jeugdcentrum op de percelen gelegen Gallaitstraat, 58-66, Vanderlindestraat, 26-30 en Vanderlindenstraat, 44-58”. II. Verloop van de rechtspleging
  6. Bij arrest nr. 245.397 van 10 september 2019 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. Het genoemde arrest is op 12 september 2019 aan verzoeksters ter kennis gebracht. Op 29 oktober 2019 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoeksters de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 11/3, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟. Verzoeksters hebben niet gevraagd om te worden gehoord. X-17.539- 2/4 Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  7. III. Beoordeling
  8. Naar luid van artikel 17, § 7, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest.
  9. Verzoeksters hebben geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend.
  10. Het vermoeden van afstand van het geding is te dezen van toepassing. IV. Kosten
  11. Aan de verwerende partij komt een basisrechtsplegingsvergoeding van 700 euro toe, die gelet op artikel 67, § 2, derde lid, van voormeld besluit van de Regent niet verhoogd wordt. BESLISSING
  12. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
  13. Verzoeksters worden, elk voor de helft, verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 40 euro en op een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro die verschuldigd is aan de verwerende partij. X-17.539- 3/4 De tussenkomende partijen worden, elk voor een tweede, verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 300 euro. Het door de eerste tussenkomende partij ten onrechte teveel betaalde rolrecht, ten belope van 150 euro dient aan haar te worden terugbetaald. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zeventien december tweeduizend negentien, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Johan Lust X-17.539- 4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.246.404 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.397 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.