← België

Arrest 246488 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 19/12/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 december 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.246.488 Rolnummer: A. 224678/VII-40215 Zaak: Arrest 246488 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 19/12/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-12-30 Raadplegingen: 70 - laatst gezien 2026-06-21 07:10 Fiche Arrest nr 246.488 van 19 december 2019 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 246.488 van 19 december 2019 in de zaak A. 224.678/VII-40.215 In zake: de NV V.D.S. CONSULT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Erika Rentmeesters en Wim De Cuyper kantoor houdend te 9100 Sint-Niklaas Vijfstraten 57 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de BVBA LANDEXPLO AALST -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het cassatieberoep, ingesteld op 2 maart 2018, strekt tot de nietigverklaring van arrest nr. RvVb/A/1718/0455 van de Raad voor Vergunningsbetwistingen van 16 januari 2018 in de zaak RvVb/1415/0725/SA/
  2. II. Verloop van de rechtspleging
  3. Bij arrest nr. 244.782 van 13 juni 2019 is het debat heropend en wordt het door de auditeur-generaal aan te stellen lid van het auditoraat gelast met een aanvullend onderzoek van de zaak. Eerste auditeur An Van den broeck heeft een aanvullend verslag opgesteld. VII-40.215-1/3 Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 10 oktober 2019, samen met de mededeling bedoeld in artikel 18, § 1, vierde lid, van het koninklijk besluit van 30 november 2006 tot vaststelling van de cassatie-procedure bij de Raad van State. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Beoordeling
  5. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting ingediend binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in artikel 18, § 1, eerste lid, van voormeld koninklijk besluit.
  6. Het vermoeden van afstand van geding is van toepassing. VII-40.215-2/3 BESLISSING
  7. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
  8. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het cassatieberoep, begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 20 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van negentien december tweeduizend negentien, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Peter Sourbron, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Peter Sourbron VII-40.215-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.246.488 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.782 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.