← België

Cassatiebeschikking 13192 - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 14/02/2019

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Beschikking van 14 februari 2019 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2019:ORD.13.192 Rolnummer: A. 227111/XIV-37913 Zaak: Cassatiebeschikking 13192 - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 14/02/2019 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2019-03-07 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-06-25 05:51 Fiche Beschikking nr 13.192 van 14 februari 2019 Vreemdelingen - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen Beslissing : Niet toegelaten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Afdeling administratie Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK BESCHIKKING BETREFFENDE DE TOELAATBAARHEID IN ADMINISTRATIEVE CASSATIE nr. 13.192 van 14 februari 2019 in de zaak A. 227.111/XIV-37.913 In zake :

  1. XXXXX
  2. XXXXX
  3. XXXXX
  4. XXXXX
  5. XXXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Kati Verstrepen kantoor houdend te 2060 Antwerpen Rotterdamstraat 53 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de staatssecretaris voor Asiel en Migratie, thans de minister van Asiel en Migratie ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Het cassatieberoep, ingesteld op 28 december 2018, strekt tot de cassatie van het arrest nr. 212.896 van 26 november 2018 van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Het dossier van de zaak is op 15 januari 2019 aangekomen ter griffie. Er is toepassing gemaakt van artikel 20 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en van de artikelen 7 tot en met 11 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 ‘tot vaststelling van de cassatieprocedure bij de Raad van State’. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  6. In het enige middel gaan de verzoekers uit van de stelling dat de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen hun middel ten onrechte enkel heeft onderzocht vanuit artikel 8 van het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en XIV-37.913-1/3 de Fundamentele Vrijheden, ondertekend te Rome op 4 juni 1950, zonder in te gaan op de aangevoerde argumenten en rechtspraak met betrekking tot artikel 24.2 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
  7. Naar luid van artikel 51.6 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie zijn de bepalingen van dit Handvest gericht tot de lidstaten, “uitsluitend wanneer zij het recht van de Unie ten uitvoer brengen”. Met het bestreden arrest wordt de wettigheid beoordeeld van een beslissing waarmee de aanvraag van de verzoekers om machtiging tot verblijf op grond van artikel 9bis van de wet van 15 december 1980 ‘betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen’ niet-ontvankelijk wordt verklaard. Dit is een bepaling van zuiver nationaal recht die geen verband houdt met het Unierecht. De verzoekers kunnen zich derhalve niet beroepen op artikel 24.2 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Hun kritiek dat deze bepaling ten onrechte buiten toepassing zou zijn gelaten in het bestreden arrest is ongegrond. Het enige middel is, voor zover ontvankelijk, kennelijk ongegrond. BESLUIT:
  8. Het cassatieberoep is niet-toelaatbaar.
  9. De verzoekers worden verwezen in de kosten van het cassatieberoep, begroot op een rolrecht van 1000 euro, elk voor een vijfde. XIV-37.913-2/3 Deze beschikking is, na beraad, uitgesproken te Brussel op veertien februari tweeduizend negentien, door: Carlo Adams, staatsraad, bijgestaan door Joris Casneuf, griffier. De griffier De voorzitter Joris Casneuf Carlo Adams XIV-37.913-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2019:ORD.13.192 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.