id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 januari 2020 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.246.808 Rolnummer: A. 228341/VII-40569 Zaak: Arrest 246808 - Varia (sociale zaken en volksgezondheid) - 23/01/2020 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2020-01-23 Raadplegingen: 75 - laatst gezien 2026-06-26 00:40 Fiche Arrest nr 246.808 van 23 januari 2020 Sociale zaken en volksgezondheid - Varia (sociale zaken en volksgezondheid) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 246.808 van 23 januari 2020 in de zaak A. 228.341/VII-40.569 In zake : de BVBA HANS ANDERS BELGIË bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Hans Dhondt, Kris Wauters en Jorien Van Belle kantoor houdend te 1170 Brussel Terhulpsesteenweg 187 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Sébastien Depré, Grégoire Ryelandt en Tinne Wouters kantoor houdend te 1050 Brussel Flageyplein 7 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij :
- de ALGEMENE PROFESSIONELE OPTICIENS- EN OPTOMETRISTENBOND VAN BELGIË
- de BELGIAN FEDERATION OF OPTOMETRISTS
- Serge Ernest Firmin Pierre BRUNINX
- Myrte GORIENS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Jens Mosselmans en Dorian Pycke kantoor houdend te 1170 Brussel Terhulpsesteenweg 120 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 11 juni 2019, strekt tot de nietigverklaring van: - “Het Koninklijk Besluit van 27 februari 2019 tot wijziging van het koninklijk besluit van 2 juli 2009 tot vaststelling van de lijst van de paramedische beroepen […]”. VII-40.569-1/3 - “Het Koninklijk Besluit van 27 februari 2019 betreffende het beroep van orthoptist-optometrist, […]”. II. Verloop van de rechtspleging
- De tussenkomende partijen hebben een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. De tussenkomsten zijn toegestaan bij beschikking van 29 augustus
- De tussenkomende partijen hebben een memorie ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan de verzoekende partij ter kennis werd gebracht op 9 september
- Op 26 november 2019 en 6 december 2019 heeft de hoofdgriffier aan de verzoekende partij, de verwerende partij en de tussenkomende partijen de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Bij het versturen van een kopie van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- De verzoekende partij heeft binnen de termijn van zestig dagen, gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd. Krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid, dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt. VII-40.569-2/3 De hoofdgriffier heeft de partijen meegedeeld, met toepassing van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, dat de kamer uitspraak zou doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij één van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen zou vragen om te worden gehoord. Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. Er bestaat aanleiding om het beroep te verwerpen. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro verschuldigd aan de verwerende partij. De tussenkomende partijen worden verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 600 euro, elk voor een vierde. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van drieëntwintig januari tweeduizend twintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Eric Brewaeys, kamervoorzitter, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier. De griffier De voorzitter Bart Tettelin Eric Brewaeys VII-40.569-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.246.808 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div