id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 11 februari 2020 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.247.036 Rolnummer: A. 229371/X-17603 Zaak: Arrest 247036 - Provinciale en lokale reglementen (behalve fiscaal) - 11/02/2020 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2020-02-18 Raadplegingen: 77 - laatst gezien 2026-06-26 02:24 Fiche Arrest nr 247.036 van 11 februari 2020 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Provinciale en lokale reglementen (behalve fiscaal) Beslissing : bekendmaking Opheffing Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 247.036 van 11 februari 2020 in de zaak A. 229.371/X-17.603 In zake :
- de VERENIGING “COLLECTIFS ULTRAS PARIS”
- Patxi LASQUIBAR
- Ahmed GUERMITI
- Aaron SILLAM
- Romain MABILLE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Maxime Chomé, Tinne Wouters en Joke Guns kantoor houdend te 1050 Brussel Flageyplein 7 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de STAD BRUGGE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Staelens kantoor houdend te 8000 Brugge Gerard Davidstraat 46, bus 1 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- Verzoekers dienden op 18 oktober 2019 een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid in met betrekking tot de tenuitvoerlegging van de artikelen 3 en 4 van het besluit van de burgemeester van de stad Brugge van 27 september 2019 “betreffende veiligheidsmaatregelen naar aanleiding van de Champions League wedstrijd Club Brugge KV – Paris Saint Germain op dinsdag 22 oktober 2019”. X-17.603-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 245.837 van 21 oktober 2019 wordt artikel 4 van het besluit van de stad Brugge van 27 september 2019 “betreffende veiligheidsmaatregelen naar aanleiding van de Champions League wedstrijd Club Brugge KV – Paris Saint Germain op dinsdag 22 oktober 2019” geschorst wat de tenuitvoerlegging ervan betreft ten aanzien van Patxi Lasquibar, Aaron Sillam en Romain Mabille, en wordt de vordering voor het overige verworpen. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 7 februari
- Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Gregoire Ryelandt, die loco advocaten Maxime Chomé, Tinne Wouters en Joke Guns verschijnt voor de verzoekende partijen, en advocaat Veerle Huysman, die loco advocaat Bart Staelens verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Sofie De Doncker heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Opheffing van de schorsing
- Verzoekers hebben na het indienen van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid geen verzoekschrift ingediend om de nietigverklaring van de bestreden beslissing te vorderen. De Raad van State is er X-17.603-2/4 in dat geval overeenkomstig artikel 17, § 4, derde lid, van zijn gecoördineerde wetten toe gehouden de uitgesproken schorsing op te heffen. IV. Kosten
- De schorsing bij tussenarrest nr. 245.837 van 21 oktober 2019 heeft tweede, vierde en vijfde verzoeker feitelijk definitief het voordeel verschaft dat zij beoogden. Zij hebben daarom geen reden gezien nog een beroep tot nietigverklaring in te stellen. De verwerende partij heeft daar kennelijk geen kritiek op. In de gegeven omstandigheden past het de kosten van de vordering tot schorsing van tweede, vierde en vijfde verzoeker ten laste te leggen van de verwerende partij. BESLISSING
- De schorsing bevolen bij arrest nr. 245.837 van 21 oktober 2019 wordt opgeheven.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van tweede, vierde en vijfde verzoeker, begroot op een rolrecht van 600 euro, op een bijdrage van 60 euro en op een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan tweede, vierde en vijfde verzoeker gezamenlijk. Eerste en derde verzoeker worden verwezen in de kosten van hun vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, voor elk begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 20 euro. Dit arrest dient bij uittreksel te worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als het bestreden besluit. X-17.603-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van elf februari tweeduizend twintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Johan Lust X-17.603-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.247.036 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.245.837 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div