← België

Arrest 247142 - Overheidsopdrachten - 25/02/2020

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 25 februari 2020 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.247.142 Rolnummer: A. 229363/XII-8816 Zaak: Arrest 247142 - Overheidsopdrachten - 25/02/2020 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2020-02-26 Raadplegingen: 73 - laatst gezien 2026-06-26 03:03 Fiche Arrest nr 247.142 van 25 februari 2020 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Opheffing Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 247.142 van 25 februari 2020 in de zaak A. 229.363/XII-8816 In zake: de NV MPRA bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Carlos De Wolf kantoor houdend te 9680 Maarkedal Etikhovestraat 6 bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Charlotte De Wolf kantoor houdend te 9000 Gent Fortlaan 95 tegen: de UNIVERSITEIT HASSELT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Wouter Moonen, Stefanie Stappers en Jarien Bloemen kantoor houdend te 3500 Hasselt Gouverneur Roppesingel 131 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: de NV COS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Peter Van Melkebeke kantoor houdend te 9700 Oudenaarde Einestraat 22 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- XII-8816- 1/4 I. Voorwerp van de vordering

  1. De vordering, ingesteld op 17 oktober 2019, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van “de beslissing van onbekende datum van [de Universiteit Hasselt] om de opdracht Renovatie auditorium H6 - Opdracht 3: auditorium meubilair „aan een andere inschrijver‟ m.n. [de nv COS] te gunnen”. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij arrest nr. 246.066 van 12 november 2019 is de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid bevolen. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 18 februari
  3. Staatsraad Johan Bovin heeft verslag uitgebracht. Advocaat Daisy Daniels, die loco advocaten Carlos De Wolf en Charlotte De Wolf verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Yassine Laghmiche, die loco advocaat Wouter Moonen verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Thomas Maes heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. XII-8816- 2/4 III. Toepassing van artikel 17, § 4, derde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973
  5. De verzoekende partij heeft na het indienen van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid geen verzoekschrift ingediend om de nietigverklaring van de bestreden beslissing te vorderen. De Raad van State is er in dat geval overeenkomstig artikel 17, § 4, derde lid, van zijn gecoördineerde wetten toe gehouden de uitgesproken schorsing op te heffen. IV. Kosten
  6. Bij besluit van de Universiteit Hasselt van 2 december 2019 werd de bestreden beslissing ingetrokken. In die omstandigheden past het de kosten, zijnde het rolrecht van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en de door de verzoekende partij gevraagde rechts- plegingsvergoeding van 700 euro, ten laste te leggen van verwerende partij.
  7. Met toepassing van artikel 30/1, § 2, vierde lid, van de voormelde wetten kan de door de tussenkomende partij gevraagde rechtsplegingsvergoeding niet worden toegekend. BESLISSING
  8. De Raad van State heft de bij arrest nr. 246.066 van 12 november 2019 bevolen schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid op.
  9. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. XII-8816- 3/4 De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op een rolrecht van 150 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vijfentwintig februari tweeduizend twintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Johan Bovin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Johan Bovin XII-8816- 4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.247.142 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.246.066 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.