id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 13 maart 2020 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.247.319 Rolnummer: A. 216932/X-16345 Zaak: Arrest 247319 - Plaatselijk openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 13/03/2020 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2020-03-13 Raadplegingen: 76 - laatst gezien 2026-06-26 03:13 Fiche Arrest nr 247.319 van 13 maart 2020 Openbaar ambt - Plaatselijk openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Vernietiging Verwerping overige Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 247.319 van 13 maart 2020 in de zaak A. 216.932/X-16.345 In zake : Erik WILS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Georges Meeus kantoor houdend te 2830 Willebroek Mechelsesteenweg 26 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen :
- de PROVINCIE ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jim Deridder kantoor houdend te 2018 Antwerpen Mechelsesteenweg 210 A/10 bij wie woonplaats wordt gekozen
- het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Tom De Sutter kantoor houdend te 9000 Gent Koning Albertlaan 128 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het verzoekschrift, ingediend op 12 september 2015, strekt tot de nietigverklaring van “het besluit van 5 maart 2014 [lees 2015] van de provinciegriffier van de Provincie Antwerpen […] houdende de bevestiging van de ongunstige evaluatie over de periode 2014 van verzoeker als teamverantwoordelijke van de financiële cel van het departement Cultuur, […] evenals het besluit van de Viceminister-president van de Vlaamse Regering en Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding van 13 juli 2015 […] houdende de goedkeuring van het X-16.345-1/6 besluit van de Provinciegriffier m.b.t. de bevestiging van de ongunstige evaluatie van verzoeker”. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partijen hebben een memorie van antwoord ingediend en verzoeker heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur Sofie De Doncker heeft een verslag opgesteld. De eerste verwerende partij en verzoeker hebben een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 13 december
- Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Valerie Libert, die loco advocaat Georges Meeus verschijnt voor verzoeker, advocaat Isabelle Verhelle, die loco advocaat Jim Deridder verschijnt voor de eerste verwerende partij, en advocaat Bart Van Baeveghem, die loco advocaat Tom De Sutter verschijnt voor de tweede verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Sofie De Doncker heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- X-16.345-2/6 III. Feiten
- Op 12 december 2014 wordt verzoeker, personeelslid van de provincie Antwerpen, door M. S. ongunstig beoordeeld over het jaar
- Na beroep tegen de ongunstige evaluatie adviseert de evaluatiecommissie dat het dossier voldoende inhoudelijke elementen bevat om de ongunstige evaluatie te behouden. De provinciegriffier beslist op 5 maart 2015 om zich bij het advies van de evaluatiecommissie aan te sluiten en de ongunstige evaluatie voor 2014 te behouden. Dit is de eerste bestreden beslissing. Verzoeker dient er bezwaar tegen in bij de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebe- strijding. Zij antwoordt in een brief van 13 juli 2015 geen redenen te zien om in het kader van het bestuurlijk toezicht op te treden. Dit is de tweede bestreden beslissing. IV. Ten aanzien van de tweede bestreden beslissing Exceptie
- Volgens de tweede verwerende partij is de tweede bestreden beslissing te begrijpen “als de onthouding van de facultatieve bevoegdheid om in het kader van het algemeen administratief toezicht op te treden” en is ze niet vatbaar voor vernietiging door de Raad van State. Toegevoegd wordt dat “er in het schrijven van de Vlaams minister van 13 juli 2015 uitdrukkelijk op gewezen [is] dat – enkel – tegen de eerste bestreden beslissing (mogelijks) een beroep open staat bij de Raad van State”. X-16.345-3/6 Beoordeling
- De exceptie is gegrond. De brief van 13 juli 2015 waarmee de Vlaamse minister bevoegd voor binnenlands bestuur meedeelt niet te zullen optreden in het kader van het facultatieve algemeen bestuurlijk toezicht, wordt geacht geen beslissing te bevatten waartegen ontvankelijk een annulatieberoep kan worden ingesteld. Het beroep is onontvankelijk wat de tweede bestreden beslissing betreft. V. Ten aanzien van de eerste bestreden beslissing Eerste middel
- Verzoeker voert in een eerste van acht middelen aan dat de evaluator M. S., in strijd met artikel 41, § 3, van de rechtspositieregeling van de provincie Antwerpen, geen opleiding tot evaluator heeft gevolgd. Hij is van oor- deel dat “het ontbreken van de provinciale opleiding tot evaluator voldoende reden [is] om te besluiten dat de evaluatie 2014 van E. Wils niet correct verlopen is”.
- Het middel is volgens het auditoraatsverslag gegrond: “Nu niet aangetoond wordt dat [M. S] de nodige opleiding tot evaluat[or] heeft gevolgd is de evaluatie gebeurd door een niet bevoegd persoon.”
- Kennelijk kan de verwerende partij zich daarin vinden. Alleszins wordt het door haar niet betwist, maar verklaart zij geen laatste memorie of verzoek tot voortzetting van de procedure neer te leggen.
- In zijn laatste memorie dringt verzoeker nog aan op ook een onderzoek van “de middelen twee tot en met zeven”. “Enkel een duidelijke uitspraak van de Raad van State dat de evaluatie door de provincie inhoudelijk ongeldig is” zou zekerheid bieden “dat de inhoud van deze evaluatie later door X-16.345-4/6 tweede verweerder [bij wie verzoeker intussen tewerkgesteld is] niet meer tegen verzoeker kan gebruikt worden ondanks haar formele vernietiging”.
- De Raad van State valt het eerste middel bij. Het is gegrond. Het wijst uit dat de bestreden evaluatie vanaf het allereerste begin aangetast is. Verzoekers andere middelen verantwoorden geen ruimere vernietiging. Anders dan verzoeker blijkbaar meent, behoedt het gezag van gewijsde van de hierna op grond van het eerste middel uit te spreken vernietiging hem wel degelijk ervoor dat de vernietigde evaluatie nog tegen hem “gebruikt” mag worden. Het is dan ook niet verwonderlijk dat hij, ter terechtzitting hieromtrent ondervraagd, verklaart niet te kunnen verduidelijken welk nadeel de bestreden beslissing dreigt te blijven berokkenen in geval van haar vernietiging op grond van het eerste middel. BESLISSING
- De Raad van State vernietigt de beslissing van de provinciegriffier van de provincie Antwerpen van 5 maart 2015 waarbij de ongunstige evaluatie van Erik Wils over 2014 behouden wordt.
- De Raad van State verwerpt het beroep voor het overige.
- De eerste verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan verzoeker. De Raad van State veroordeelt verzoeker tot de betaling van een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro aan de tweede verwerende partij. X-16.345-5/6 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van dertien maart tweeduizend twintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, Jan Clement, staatsraad, Stephan De Taeye, staatsraad, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-16.345-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.247.319 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.