id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 08 juli 2020 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.021 Rolnummer: A. 220746/X-16787 Zaak: Arrest 248021 - Sluitingen van vestigingen - 08/07/2020 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2020-07-14 Raadplegingen: 78 - laatst gezien 2026-06-20 01:34 Fiche Arrest nr 248.021 van 8 juli 2020 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Sluitingen van vestigingen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 248.021 van 8 juli 2020 in de zaak A. 220.746/X-16.787 In zake : Joussef BADAOUI bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Sylvie Doggen kantoor houdend te 2000 Antwerpen Amerikalei 122/14 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de STAD ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jim Deridder kantoor houdend te 2018 Antwerpen Mechelsesteenweg 210A bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 28 december 2016, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de stad Antwerpen van 28 oktober 2016 tot intrekking van de uitbatingsvergunning voor de uitbating van de sishabar te 2000 Antwerpen, Verschansingstraat
- II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 236.586 van 29 november 2016 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de bestreden beslissing ingewilligd wat artikel 3 van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de stad Antwerpen van 28 oktober 2016 betreft. X-16.787-1/4 De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en verzoeker heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur Sofie De Doncker heeft een verslag opgesteld. Verzoeker heeft een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 7 februari
- Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Annelies Geerts, die loco advocaat Jim Deridder verschijnt voor de verwerende partij, is gehoord. Eerste auditeur Sofie De Doncker heeft een met dit arrest behoudens wat de kosten betreft eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Ontvankelijkheid
- Bij arrest nr. 236.586 van 29 november 2016 willigde de Raad van State verzoekers vordering tot schorsing van de bestreden beslissing (alleen) in wat artikel 3 ervan betreft. In dat artikel besliste de verwerende partij dat dezelfde uitbater ten vroegste een nieuwe aanvraag voor de uitbating van een shishabar voor dezelfde plaats kan doen vanaf 27 april
- X-16.787-2/4
- Het heeft meegebracht: - dat in het pand werken zijn uitgevoerd om de vastgestelde inbreuken te verhelpen; - dat op 9 december 2016 het college van burgemeester en schepenen het geschorste artikel 3 heeft ingetrokken; - dat op 23 december 2016 een nieuwe aanvraag voor de uitbating van een shishabar voor dezelfde plaats is ingediend door de bvba CEM’S, waarvan verzoeker zaakvoerder is; - dat de intrekkingsbeslissing van het college van burgemeester en schepenen aan verzoeker is meegedeeld met een e-mail van 5 januari 2017; - dat de aanvraag van de bvba CEM’S op 5 april 2017 is ingewilligd geworden.
- Toen, met andere woorden, verzoeker op 28 december 2016 voorliggend beroep instelde, was hij onwetend van het intrekkingsbesluit en kende hij evenmin het gevolg dat aan de aanvraag van de bvba CEM’S zou worden gegeven.
- Intussen zijn de zaken uitgeklaard en duidelijk. Is er thans reden om verzoeker zonder actueel belang te verklaren bij het beroep tot nietigverklaring – wat verzoeker blijkens zijn laatste memorie kan bijvallen – eveneens is er in de gegeven omstandigheden naar het oordeel van de Raad van State aanleiding toe de kosten ten laste van de verwerende partij te leggen. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro en X-16.787-3/4 op een rechtsplegingsvergoeding van 840 euro die verschuldigd is aan verzoeker. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van acht juli tweeduizend twintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, Jan Clement, staatsraad, Stephan De Taeye, staatsraad, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Johan Lust X-16.787-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.021 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2016:ARR.236.586 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div