← België

Arrest 248099 - Overheidsopdrachten - 31/07/2020

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 31 juli 2020 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.099 Rolnummer: A. 221538/XII-8320 Zaak: Arrest 248099 - Overheidsopdrachten - 31/07/2020 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2020-08-04 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-06-20 01:53 Fiche Arrest nr 248.099 van 31 juli 2020 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 248.099 van 31 juli 2020 in de zaak A. 221.538/XII-8320 In zake: de NV TECNOR bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Lieven De Wolf kantoor houdend te 1853 Strombeek-Bever Oude Mechelsestraat 165 bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Filip Van Der Veken kantoor houdend te 2018 Antwerpen Desguinlei 6 tegen: de CVBA INTERGEMEENTELIJKE VERENIGING VOOR AFVALBEHEER IN GENT EN OMSTREKEN (IVAGO) bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Carlos De Wolf kantoor houdend te 9680 Maarkedal Etikhovestraat 6 bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Charlotte De Wolf kantoor houdend te 9000 Gent Fortlaan 95 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 20 februari 2017, strekt tot de nietigverklaring van “de gunningsbeslissing van Directiecomité IVAGO d.d. 21 december 2016 om de overheidsopdracht IVAGO/16.034 ‘Raamcontract voor het leveren, plaatsen en daarna onderhouden en herstellen van 80 bovengrondse, compacterende afvalkorven met grote capaciteit in het werkingsgebied van IVAGO’ niet toe te wijzen aan [de nv Tecnor], maar wel toe te wijzen aan ESE NV”. XII-8320-1/4 Tevens wordt een schadevergoeding tot herstel gevorderd ten belope van 194.736,54 euro, te vermeerderen met de gerechtelijke interesten. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord inge- diend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Auditeur Frederic Eggermont heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 6 november
  3. Op 22 januari 2020 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Toepassing van artikel 21, zevende lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973
  5. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. XII-8320-2/4 Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
  6. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. IV. Verzoek tot schadevergoeding tot herstel
  7. Aangezien de Raad geen onwettigheid heeft vastgesteld, wordt het verzoek tot schadevergoeding tot herstel afgewezen. BESLISSING
  8. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
  9. De Raad van State verwerpt het verzoek tot schadevergoeding tot herstel.
  10. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Het onverschuldigde recht in verband met het verzoek tot een schadevergoeding tot herstel, begroot op 200 euro, dient aan de verzoekende partij te worden terugbetaald. XII-8320-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van eenendertig juli tweeduizend twintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Johan Bovin, kamervoorzitter, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Johan Bovin XII-8320-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.099 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.