← België

Arrest 248393 - Politie (federale reglementen) - 30/09/2020

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 30 september 2020 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.393 Rolnummer: A. 229078/XIV-38148 Zaak: Arrest 248393 - Politie (federale reglementen) - 30/09/2020 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2020-10-06 Raadplegingen: 72 - laatst gezien 2026-06-20 01:54 Fiche Arrest nr 248.393 van 30 september 2020 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Politie (federale reglementen) Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER nr. 248.393 van 30 september 2020 in de zaak A. 229.078/XIV-38.148 In zake: XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Thomas Marcoen kantoor houdend te 8500 Kortrijk Noordstraat 50 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de POLITIEZONE 5421 ASSENEDE-EVERGEM bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Tom De Sutter kantoor houdend te 9000 Gent Koning Albertlaan 128 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 7 september 2019, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van het politiecollege van de politiezone 5421 Evergem-Assenede van 12 juli 2019, waarbij met ingang van 15 juli 2019 aan verzoeker als tuchtsanctie het ontslag van ambtswege wordt opgelegd. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij arrest nr. 246.835 van 23 januari 2020 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing bevolen. Het genoemde arrest is op 4 februari 2020 aan de verwerende partij ter kennis gebracht. XIV-38.148-1/3 Op respectievelijk 16 juni 2020 en 10 juni 2020 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij en de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 11/2, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  3. III. Beoordeling
  4. Gelet op artikel 17, § 6, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en artikel 11/2, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ kan de beslissing waarvan de schorsing gevorderd wordt volgens een versnelde rechtspleging nietig worden verklaard indien de verwerende partij of degene die belang heeft bij de beslechting van het geschil, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen te rekenen van de kennisgeving van het arrest waarbij de schorsing bevolen wordt.
  5. In het arrest 246.835 van 23 januari 2020 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing bevolen. De verwerende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend en betwist derhalve niet de beoordeling van het in dat schorsingsarrest ernstig bevonden middel. XIV-38.148-2/3
  6. De Raad van State ziet geen reden om de onwettigheid die in het schorsingsarrest voorlopig is vastgesteld, ten gronde niet bij te vallen. Het derde middel is gegrond in de mate waarin het eerder in het voornoemde schorsingsarrest ernstig werd bevonden. BESLISSING
  7. De Raad van State vernietigt de beslissing van het politiecollege van de politiezone 5421 Evergem-Assenede van 12 juli 2019, waarbij met ingang van 15 juli 2019 aan verzoeker als tuchtsanctie het ontslag van ambtswege wordt opgelegd.
  8. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij.
  9. Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van verzoeker niet bekendgemaakt. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van dertig september tweeduizend twintig, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Geert Debersaques, kamervoorzitter, bijgestaan door Joris Casneuf, griffier. De griffier De voorzitter Joris Casneuf Geert Debersaques XIV-38.148-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.393 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.246.835 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.