← België

Arrest 248481 - Overheidsopdrachten - 06/10/2020

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 oktober 2020 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.481 Rolnummer: A. 229956/XII-8858 Zaak: Arrest 248481 - Overheidsopdrachten - 06/10/2020 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2020-10-13 Raadplegingen: 67 - laatst gezien 2026-06-20 01:51 Fiche Arrest nr 248.481 van 6 oktober 2020 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 248.481 van 6 oktober 2020 in de zaak A. 229.956/XII-8858 In zake : de BV ASSA ABLOY NEDERLAND bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Steven Van Geeteruyen en Laura Kempeneers kantoor houdend te 3700 Tongeren Piepelpoel 13 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten David D‟Hooghe, Leen De Vuyst en Matthias De Groot kantoor houdend te 1000 Brussel Loksumstraat 25 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij : de NV VANDEPUTTE SAFETY bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Stijn Verbist en Joris Claes kantoor houdend te 2000 Antwerpen Graaf Van Hoornestraat 51 bij wie woonplaats wordt gekozen en eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Marc Danen kantoor houdende te 2560 Nijlen Bouwelsesteenweg 10C -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 7 januari 2020, strekt tot de nietigverklaring van “de beslissing d.d. 27 november 2019 van de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Binnenlandse Zaken, [...] waarbij de XII-8858-1/3 opdracht met nr. Procurement 2019 R3 108 betreffende een raamovereenkomst van leveringen voor de aankoop van handboeien aan de firma „Vandeputte Safety‟ werd gegund en de offerte van [de bv Assa Abloy Nederland] niet werd gekozen”. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij arrest nr. 246.884 van 28 januari 2020, verbeterd bij arrest nr. 247.003 van 6 februari 2020, is de schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid bevolen van de beslissing van 27 november 2019 van de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken, waarbij de opdracht betreffende een raamovereenkomst van leveringen voor de aankoop van handboeien wordt gegund aan de nv Vandeputte Safety en is de vordering voor het overige verworpen. De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. Eerste auditeur Inge Vos heeft een verslag opgesteld overeenkomstig artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 22 september 2020 . Staatsraad Johan Bovin heeft verslag uitgebracht. Eerste auditeur Inge Vos heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  3. XII-8858-2/3 III. Toepassing kortedebattenprocedure
  4. De bestreden gunningsbeslissing werd ingetrokken bij besluit van de minister van Binnenlandse Zaken van 18 februari
  5. De impliciete weigering tot gunning van de opdracht aan de verzoekende partij is hierdoor evenzeer uit het rechtsverkeer verdwenen. Het voorliggende beroep is derhalve zonder voorwerp geworden. In de gegeven omstandigheden past het de kosten ten laste van de verwerende partij te leggen. BESLISSING
  6. De Raad van State verwerpt het beroep.
  7. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zes oktober tweeduizend twintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Johan Bovin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Johan Bovin XII-8858-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.481 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.246.884 ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.247.003 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.