← België

Arrest 248736 - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan - 26/10/2020

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 26 oktober 2020 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.736 Rolnummer: A. 220581/IX-8949 Zaak: Arrest 248736 - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan - 26/10/2020 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2020-10-29 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-06-20 01:51 Fiche Arrest nr 248.736 van 26 oktober 2020 Openbaar ambt - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 248.736 van 26 oktober 2020 in de zaak A. 220.581/IX-8949 In zake: XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Wim De Brock kantoor houdend te 9000 Gent Pekelharing 4 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de UNIVERSITEIT GENT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Sofie Logie kantoor houdend te 8500 Kortrijk Beneluxpark 27B bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 24 oktober 2016, strekt tot de nietigverklaring van: “de beslissing van de Rector van de Universiteit Gent dd. 22 augustus 2016, […] waarbij de Rector van de Universiteit Gent beslist om [XXXX] met onmiddellijke ingang tijdelijk te ontheven van zijn lesopdrachten, inclusief de begeleiding van (doctoraats)studenten, en waarbij aan [XXXX] voorlopig de toegang tot de gebouwen van de Universiteit Gent wordt ontzegd, meer dat de Rector van de Universiteit Gent een contactverbod oplegt met alle studenten en medewerkers van de Universiteit Gent.” IX-8949-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij arrest nr. 237.237 van 31 januari 2017 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Marijke Sterck heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 3 juli
  3. Op 14 september 2020 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. IX-8949-2/4 III. Beoordeling
  5. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
  6. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. BESLISSING
  7. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
  8. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 840 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij.
  9. Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van de verzoekende partij niet bekendgemaakt. IX-8949-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zesentwintig oktober tweeduizend twintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, Kamervoorzitter, bijgestaan door Vera Wauters, griffier. De griffier De voorzitter Vera Wauters Geert Van Haegendoren IX-8949-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.736 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.237 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.