← België

Arrest 248877 - Federale reglementen (binnenlandse zaken en lokale besturen) - 10/11/2020

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 10 november 2020 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.877 Rolnummer: A. 224711/X-17184 Zaak: Arrest 248877 - Federale reglementen (binnenlandse zaken en lokale besturen) - 10/11/2020 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2020-11-20 Raadplegingen: 68 - laatst gezien 2026-06-20 01:54 Fiche Arrest nr 248.877 van 10 november 2020 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Federale reglementen (binnenlandse zaken en lokale besturen) Beslissing : heropening debatten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 248.877 van 10 november 2020 in de zaak A. 224.711/X-17.184 In zake: de NV ANTWERP GATEWAY bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Frank Judo en Kurt Stas kantoor houdend te 1000 Brussel Keizerslaan 3 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de VLAAMSE GEMEENSCHAP bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Patrick Devers kantoor houdend te 9000 Gent Kouter 71-72 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 7 maart 2018, strekt tot de nietigverklaring van “het besluit van 16 januari 2018 van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie waarbij het beroep dat namens de nv Antwerp Gateway werd ingesteld tegen de beslissing van 21 november 2017 van het Havenbedrijf Antwerpen ontvankelijk en ongegrond wordt beschouwd”. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. X-17.184-1/4 Auditeur Thomas Maes heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verwerende partij ter kennis gebracht op 29 januari
  3. Op 10 juli 2020 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quinquies van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟. De verwerende partij heeft gevraagd om te worden gehoord. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 16 oktober
  4. Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Frank Judo, die verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Patrick Devers, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Thomas Maes heeft een advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari 1973 (hierna: RvS-wet). III. Beoordeling
  5. In het auditoraatsverslag wordt de vernietiging van de bestreden beslissing voorgesteld. X-17.184-2/4 Gelet op artikel 30, § 3, RvS-wet en artikel 14quinquies van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟ kan de beslissing waarvan de nietigverklaring gevorderd wordt volgens een versnelde rechtspleging nietig worden verklaard indien noch de verwerende partij, noch degene die belang heeft bij de beslechting van het geschil, een verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag van de auditeur waarin de nietigverklaring wordt voorgesteld.
  6. Naar blijkt, heeft de verwerende partij binnen de gestelde termijn met een aangetekende zending een verzoek tot voortzetting aan de Raad van State toegestuurd. Het is er evenwel niet ontvangen. Nazicht wijst uit dat het adres op de enveloppe de postcode “1050 Brussel” vermeldt, in plaats van “1040 Brussel”. Het aangehechte, door de bestemmeling te ondertekenen „Bericht van ontvangst‟, maakt dan weer wel gewag van de juiste postcode. Ook het door de post afgestempelde bewijs van afgifte van een aangetekende zending aan de post vermeldt de juiste postcode. In de gegeven omstandigheden vraagt de verwerende partij terecht dat op overeenkomstige wijze zou worden geoordeeld als is gebeurd in bijvoorbeeld het arrest nr. 225.196 van 22 oktober
  7. Verzoekster heeft daar overigens geen bezwaar tegen.
  8. Er is geen reden om het bestreden besluit volgens de versnelde rechtspleging bedoeld in artikel 30, § 3, RvS-wet nietig te verklaren. De rechtspleging dient volgens de gewone regels te worden voortgezet. BESLISSING
  9. De Raad van State heropent het debat.
  10. De zaak wordt volgens de gewone procedure voortgezet. X-17.184-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van tien november tweeduizend twintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-17.184-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.877 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.753 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.