id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 25 november 2020 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.249.041 Rolnummer: A. 227507/IX-9507 Zaak: Arrest 249041 - Varia (onderwijs en cultuur) - 25/11/2020 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2020-12-08 Raadplegingen: 70 - laatst gezien 2026-06-20 01:51 Fiche Arrest nr 249.041 van 25 november 2020 Onderwijs en cultuur - Varia (onderwijs en cultuur) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK IXe KAMER nr. 249.041 van 25 november 2020 in de zaak A. 227.507/IX-9507 In zake : ITO Noriko bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Christophe Vangeel kantoor houdend te 2018 Antwerpen Lange Lozanastraat 24 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de GEMEENTE BORNEM bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Koenraad Maenhout kantoor houdend te 2600 Antwerpen Filip Williotstraat 30 bus 0120 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij : Jo SCHELKENS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Mario Van Essche kantoor houdend te 2018 Antwerpen Jan van Rijswijcklaan 33-35 bus 001 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 25 februari 2019, strekt tot de nietig- verklaring van: - “De impliciete/stilzwijgende weigeringsbeslissing m.b.t. de aanvraag tot vaste benoeming van [Ito Noriko] dd. 30/4/2016 voor het vrije uur klari- net”; - “De beslissing [van] het College van Burgemeester en Schepenen [van de gemeente Bornem] van 3 september 2018 [om Jo] Schelkens met in- gang van 1 januari 2019 bij wijze van mutatie vanuit de gemeentelijke IX-9507-1/13 academie voor Muzische Kunsten Meise in vast verband [te affecteren] voor 1 uur klarinet aan de gemeentelijke academie muziek, woord en dans Bornem als leraar instrument”; - “De beslissing […] waarbij het College van Burgemeester en Schepenen [op] 27 december [2018] heeft beslist dat Dhr. Schelkens met ingang van 1 januari 2019 bij wijze van mutatie vanuit de gemeentelijke academie voor Muzische Kunsten Meise in vast verband geaffecteerd wordt aan de gemeentelijke academie muziek, woord en dans Bornem als leraar instru- ment”; - “De (impliciete) weigeringsbeslissing dd. 27 december 2018 […] m.b.t. de aanvraag voor vaste benoeming van [Ito Noriko] dd. 23 november 2018 voor […]: 3/22 leraar instrument: klassiek: klarinet 1/20 leraar instrument: klassiek: klarinet.” II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord inge- diend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Jo Schelkens heeft een verzoekschrift tot tussenkomst inge- diend. De tussenkomst is toegestaan bij beschikking van 29 april
- De tus- senkomende partij heeft een memorie ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Marijke Sterck heeft een verslag opgesteld. De verzoekende partij en de verwerende partij hebben een laat- ste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 16 november 2020 om 11.00 uur. Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitge- bracht. IX-9507-2/13 Advocaat Tim Peeters, die loco advocaat Christophe Vangeel verschijnt voor de verzoekende partij, advocaat Koenraad Maenhout, die ver- schijnt voor de verwerende partij en advocaat Mario Van Essche, die verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Marijke Sterck heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, geco- ordineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- Verzoekster is leraar klarinet aan de academie voor muziek, woord en dans (“de Academie”) van de gemeente Bornem. 3.
- Het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Bornem verklaart op 14 maart 2016 een aantal uren vacant in de Academie voor vaste benoeming met ingang van 1 juli 2016 en 1 oktober 2016, waaronder een lesopdracht van 1/20 voor leraar klarinet. Verzoekster stelt zich op 30 april 2016 kandidaat voor tijdelijke aanstelling van doorlopende duur (“TADD”) en voor vaste benoeming in een wervingsambt bij de Academie. Op 21 november 2016 beslist het schepencollege om verzoek- ster niet aan te stellen als TADD “daar zij niet meer in dienst is”. De “impliciete/stilzwijgende weigeringsbeslissing” met betrek- king tot verzoeksters kandidaatstelling voor een vaste benoeming van 30 april 2016 wordt door verzoekster aangemerkt als de eerste bestreden beslissing. IX-9507-3/13 3.
- Het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Bornem beslist op 3 september 2018 om de tussenkomende partij bij wijze van mutatie in vast verband te affecteren als leraar „instrument: klassiek: klarinet‟ voor een lesopdracht van één uur aan de Academie. Dat is de tweede bestreden beslissing. 3.
- Op 12 november 2018 beslist het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Bornem om verzoekster aan te stellen als TADD aan de Academie in het ambt van leraar „instrument: klassiek: klarinet‟ met een op- dracht van 3/22 en 1/
- 3.
- Het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Bornem verklaart op 12 november 2018 een aantal uren vacant in de Academie voor vaste benoeming met ingang van 1 januari 2019, waaronder een lesopdracht van 3/22 en een lesopdracht van 1/20 voor leraar „instrument: klassiek: klarinet‟. Verzoekster en de tussenkomende partij stellen zich hiervoor kandidaat. 3.
- Op 20 december 2018 doet de tussenkomende partij een aan- vraag tot mutatie voor vier lesuren naar de Academie. 3.
- Op 21 december 2018 wordt de tussenkomende partij door de gemeente Meise vast benoemd, onder meer in het ambt van leraar „instrument: klassiek: klarinet‟ met een lesopdracht van 2/22 en een lesopdracht van 3/
- 3.
- Op 27 december 2018 beslist het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Bornem om de tussenkomende partij met ingang van 1 januari 2019 bij wijze van mutatie vanuit de gemeentelijke academie voor mu- zische kunsten Meise in vast verband te affecteren aan de Academie als leraar „instrument: klassiek: klarinet‟ voor een lesopdracht van vier uur. IX-9507-4/13 Dat is de derde bestreden beslissing. De “(impliciete) weigeringsbeslissing dd. 27 december 2018” met betrekking tot verzoeksters aanvraag van 23 november 2018 voor vaste be- noeming wordt door verzoekster aangemerkt als de vierde bestreden beslissing. 3.
- Op 14 januari 2019 aanvaardt het schepencollege van de ge- meente Meise het ontslag van de tussenkomende partij wegens mutatie vanaf 1 januari
- IV. Ontvankelijkheid
- Zowel de verwerende partij als de tussenkomende partij wer- pen, samen genomen niet minder dan zeven middelen van onontvankelijkheid op. Ze worden in het auditoraatsverslag onderzocht en hetzij onge- grond bevonden hetzij samenhangend genoemd met de grond van de zaak. Hiertegen laat de tussenkomende partij na om nog te reageren in een laatste memorie, die zij immers niet indient. Ook de verwerende partij weerspreekt in haar laatste memorie de bevindingen van het auditoraatsverslag over de excepties niet, maar zij bepaalt zich ertoe te verwijzen naar haar memorie van antwoord.
- In die omstandigheden acht de Raad van State het om proces- economische redenen niet zinvol in te gaan op deze excepties, aangezien hierna zal blijken dat het beroep hoe dan ook moet worden verworpen. IX-9507-5/13 V. Onderzoek van de middelen A. De “impliciete/stilzwijgende weigeringsbeslissing” met betrekking tot de aan- vraag van 30 april 2016 tot vaste benoeming voor één uur klarinet (de eerste bestreden beslissing) Uiteenzetting van het enige middel
- Het middel is genomen uit de schending van de artikelen 31, 35 en 35bis van het decreet van 27 maart 1991 rechtspositie personeelsleden gesub- sidieerd onderwijs (“rechtspositiedecreet”). Verzoekster voert aan dat deze bepalingen de voorwaarden vastleggen die vervuld moeten zijn opdat iemand vastbenoemd zou kunnen wor- den, maar tegelijkertijd ook bepalen dat het personeelslid dat voldoet aan die voorwaarden een recht heeft op vaste benoeming. Verzoekster argumenteert dat op 1 maart 2016 een uur klarinet vacant is verklaard, dat zij voldeed aan de voorwaarden om vast benoemd te wor- den en dat zij op 30 april 2016 op correcte wijze haar kandidatuur heeft inge- diend. Niettegenstaande er geen redenen waren om de benoeming te weigeren, gebeurde dit toch op impliciete wijze en bleef het uur klarinet vacant. Op die ma- nier miskent de verwerende partij de bepalingen van het rechtspositiedecreet die verzoekster recht geven op een vaste benoeming voor één uur klarinet. Beoordeling
- Gelet op artikel 31, § 1, 3°, gelezen in samenhang met artikel 35bis, § 2, van het rechtspositiedecreet kan een personeelslid dat nog niet de leef- tijd van 55 jaar heeft bereikt slechts in vast verband worden benoemd als hij “op 31 december voorafgaand aan de vaste benoeming voor doorlopende duur is aan- gesteld in het ambt waarvoor hij zich kandidaat heeft gesteld”. Met andere woor- IX-9507-6/13 den: indien niet aan deze voorwaarde is voldaan, kan de betrokkene niet in vast verband worden benoemd.
- Het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Bornem heeft op 21 november 2016 beslist om verzoekster niet aan te stellen als TADD “daar zij niet meer in dienst is”. Verzoekster heeft die beslissing niet aan- gevochten. Aldus voldeed verzoekster niet aan de voorwaarde bedoeld in artikel 31, § 1, 3°, van het rechtspositiedecreet, om in vast verband te kunnen worden benoemd. Al evenmin voldeed ze aan de voorwaarde bedoeld in artikel 35bis, § 2, van het rechtspositiedecreet aangezien zij op het ogenblik van de be- streden beslissing geen 55 jaar was. Hieruit volgt dan weer dat aan haar aanvraag tot vaste benoe- ming hoe dan ook geen gunstig gevolg kon worden gegeven, zonder dat moet worden onderzocht of de verwerende partij hierover “impliciet” of “stilzwijgend” een aanvechtbare beslissing heeft genomen.
- Het middel kan niet tot de gevraagde nietigverklaring leiden. B. De beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Bornem van 3 september 2018 waarbij Jo Schelkens bij wijze van mutatie in vast verband wordt geaffecteerd aan de Academie als leraar „instrument: klassiek: klarinet‟ voor een lesopdracht van één uur (de tweede bestreden beslissing) Uiteenzetting van het enige middel
- Het middel is genomen uit de schending van de artikelen 45 en 46 van het rechtspositiedecreet en van de materiëlemotiveringsplicht. IX-9507-7/13 Verzoekster voert aan dat het college van burgemeester en schepenen op 3 september 2018 heeft beslist om de tussenkomende partij naar de Academie te muteren voor een lesopdracht van één uur klarinet terwijl er op dat moment geen uren klarinet vacant waren. Zij had immers in 2016 voor dit uur gekandideerd en zij voldeed aan de voorwaarden om vastbenoemd te worden voor dit lesuur. Verzoekster doet ook gelden dat het gegeven dat de tussenko- mende partij als sterkste kandidaat uit de vergelijkende examens voor de vacature leerkracht klarinet zou zijn gekomen geen argument is, aangezien er nooit een selectieprocedure gestart had mogen worden. Beoordeling
- Het middel steunt op de hiervóór verkeerd gebleken veronder- stelling dat verzoekster recht had op vaste benoeming voor het op 14 maart 2016 vacant verklaarde lesuur klarinet.
- Het middel is ongegrond. C. De beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Bornem van 27 december 2018 waarbij Jo Schelkens bij wijze van mutatie vanuit de gemeentelijke academie voor muzische kunsten Meise in vast verband wordt geaffecteerd aan de Academie als leraar „instrument: klassiek: klarinet‟ voor een lesopdracht van vier uur (de derde bestreden beslissing) Uiteenzetting van het enige middel 13.
- Het middel is genomen uit de schending van de artikelen 45 en 46 van het rechtspositiedecreet en van de materiëlemotiveringsplicht. IX-9507-8/13 13.
- In het eerste onderdeel van het middel voert verzoekster aan dat uit de artikelen 45 en 46 van het rechtspositiedecreet blijkt dat wie de mutatie aanvraagt of verkrijgt vastbenoemd dient te zijn. Zij argumenteert dat de tussen- komende partij op 27 december 2018 niet vastbenoemd was in Meise, zodat het schepencollege geen goedkeuring kon geven aan deze mutatie. Bovendien, zo stelt verzoekster, dient de mutatie gepaard te gaan met een ontslag voor (het deel van) de opdracht die het vastbenoemde personeelslid verlaat en is er in casu geen bewijs van een dergelijk ontslag. Derhalve kon er op 1 januari 2019 – in de ver- onderstelling dat de tussenkomende partij op dat ogenblik in Meise vastbenoemd zou zijn – geen mutatie gebeuren doordat zij nog geen ontslag had genomen. Uit een bericht van de directeur van de academie van Meise blijkt dat het ontslag van de tussenkomende partij “vanaf 1 januari 2019” pas op het schepencollege van 14 januari 2019 is voorgekomen. Derhalve kon de verwerende partij onmogelijk de mutatie laten ingaan op 1 januari
- Een mutatie van de tussenkomende partij op 14 januari 2019 was volgens verzoekster ook niet langer mogelijk. Verzoekster diende immers vastbenoemd te worden op 1 januari 2019, gelet op haar aanvraag van 23 novem- ber
- Verzoekster betoogt nog dat de overgang van de tussenkomen- de partij van het ene schoolbestuur naar het andere in strijd met het rechtspositie- decreet niet “zonder onderbreking” is gebeurd. De mutatie is ingegaan op 1 ja- nuari 2019 terwijl het ontslag van de tussenkomende partij pas op 14 januari 2019 is aanvaard. Er is volgens verzoekster dus een onderbreking, die men achteraf probeert recht te trekken. 13.
- In het tweede onderdeel van het middel voert verzoekster aan dat de bestreden beslissing gebrekkig is gemotiveerd. Verzoekster argumenteert dat ten onrechte wordt overwogen dat er vier vacante uren zouden zijn. Zij stelt dat de uren niet vacant waren aangezien IX-9507-9/13 zij voor de uren had gekandideerd en op 1 januari 2019 vastbenoemd diende te worden. Voorts doet zij gelden dat voor zover in de bestreden beslissing wordt overwogen dat omwille van pedagogische redenen voorrang dient te wor- den verleend aan de mutatie van de tussenkomende partij boven de benoeming van verzoekster, het volstrekt onduidelijk is wat deze pedagogische redenen zijn. Volgens verzoekster kan een lesverslag geen argument zijn. Zij wijst erop dat zij het bewuste lesverslag nooit heeft aanvaard of getekend en dat zij de directie een repliek op het verslag heeft bezorgd. Bovendien is het lesverslag herroepen door de nieuwe schepen van cultuur in
- Dat de tussenkomende partij als beste kandidaat uit de vergelijkende examens voor de vacature leerkracht klarinet zou zijn gekomen, is volgens verzoekster evenmin een argument aangezien er nooit een selectieprocedure gestart mocht zijn. Verzoekster had immers TADD rechten en dus was er geen nood om nieuwe kandidaten te werven. Beoordeling
- Op 21 december 2018 heeft de gemeente Meise de tussenko- mende partij met ingang van 1 januari 2019 vastbenoemd in het ambt van leraar „instrument: klassiek: klarinet‟ met een lesopdracht van 2/22 en een lesopdracht van 3/
- Voorts heeft de gemeente Meise op 14 januari 2019 het ontslag van de tussenkomende partij wegens mutatie voor vier uur met ingang van 1 ja- nuari 2019 aanvaard. Verzoekster voert geen regel aan die de gemeente Meise zou verhinderen om aan de bedoelde beslissing terugwerkende kracht te verlenen. Anders dan verzoekster beweert, is van een onderbroken over- gang bijgevolg rechtens geen sprake en voldoet de tussenkomende partij op het vlak van vaste benoeming en ontslag aan de mutatievoorwaarden. IX-9507-10/13 Aangezien de mutatie rechtsgeldig is gebeurd, kon verzoekster – die op dat moment TADD was – niet met ingang van 1 januari 2019 vastbe- noemd worden voor de betrokken lesopdracht. Een mutatie van een leraar met vaste benoeming – zoals de tussenkomende partij – heeft immers voorrang op verzoeksters rechten als TADD voor de invulling van de vacante uren. Het eerste middelonderdeel is niet gegrond.
- Hiervóór is reeds uiteengezet dat de verwerende partij terecht heeft overwogen dat er vier lesuren vacant waren en dat verzoekster geen recht had op een benoeming voor die uren. Het motief dat “omwille van pedagogische redenen voorrang [wordt] gegeven aan de mutatie van Jo Schelkens” is een overtollig motief. De tussenkomende partij had immers hoe dan ook voorrang op verzoekster om in de vacante uren te worden aangesteld. Kritiek op een overtollig motief kan niet lei- den tot de vernietiging van de bestreden beslissing. Het tweede middelonderdeel is niet gegrond.
- Het middel is in geen van zijn onderdelen gegrond. D. De impliciete weigeringsbeslissing van 27 december 2018 met betrekking tot verzoeksters kandidaatstelling voor een vaste benoeming van 23 november 2018 (de vierde bestreden beslissing) Uiteenzetting van het enige middel
- Het middel is genomen uit de schending van de artikelen 31, 35 en 35bis van het rechtspositiedecreet. IX-9507-11/13 Verzoekster voert aan dat zij aan de voorwaarden voldeed om vastbenoemd te worden, zoals onder meer kan blijken uit de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Bornem van 27 decem- ber 2018 waarin wordt gesteld dat de mutatie van de tussenkomende partij te ver- kiezen is boven een benoeming van verzoekster. Gelet op het feit dat de mutatie van de tussenkomende partij niet kon plaatsvinden, was er volgens verzoekster geen enkele reden om haar benoeming te weigeren. Beoordeling
- Hiervóór is vastgesteld dat de mutatie van de tussenkomende partij op rechtsgeldige wijze tot stand is gekomen. Zoals reeds uiteengezet had de tussenkomende partij voorrang op verzoekster om in de vacante uren te worden aangesteld. Verzoekster betwist niet dat een mutatie van een vast benoemde voorrang heeft op de vaste benoe- ming van een TADD.
- Het middel is niet gegrond. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro die verschuldigd is aan de verwerende partij. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro. IX-9507-12/13 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vijfentwintig november tweeduizend twintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, Bruno Seutin, staatsraad, Bert Thys, staatsraad, bijgestaan door Vera Wauters, griffier. De griffier De voorzitter Vera Wauters Geert Van Haegendoren IX-9507-13/13 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.249.041 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.