id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 03 december 2020 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.249.115 Rolnummer: A. 227871/VII-40528 Zaak: Arrest 249115 - Milieuvergunningen - 03/12/2020 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2020-12-14 Raadplegingen: 67 - laatst gezien 2026-06-20 01:53 Fiche Arrest nr 249.115 van 3 december 2020 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VIIe KAMER nr. 249.115 van 3 december 2020 in de zaak A. 227.871/VII-40.528 In zake : de VZW MILIEUFRONT OMER WATTEZ gevestigd te 9700 Oudenaarde Dijkstraat 75 waar woonplaats wordt gekozen bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Luc Lambert kantoor houdend te 9620 Zottegem Meersstraat 64 tegen : het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Paul Aerts kantoor houdend te 9000 Gent Coupure 5 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij : de NV O.D.M. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Thomas Eyskens en Junior Geysens kantoor houdend te 1000 Brussel Bischoffsheimlaan 33 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 11 april 2019, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw van 14 februari 2019 houdende uitspraak over het bestuurlijk beroep ingesteld tegen de beslissing van de deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen van 7 september 2017, waarbij aan de nv O.D.M. een milieuvergunning wordt verleend voor het exploiteren van een leemontginning aan het Kerselaarsveld te Geraardsbergen. VII-40.528-1/5 II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 244.916 van 20 juni 2019 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. De tussenkomende partij heeft een memorie ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Peter Provoost heeft een verslag opgesteld. De verwerende partij en de verzoekende partij hebben een verzoek tot voortzetting van het geding en een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 19 november
- Staatsraad Peter Sourbron heeft verslag uitgebracht. Advocaat Junior Geysens, die loco advocaat Paul Aerts verschijnt voor de verwerende partij en voor de tussenkomende partij, is gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Peter Provoost heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- VII-40.528-2/5 III. Feiten
- De feiten zijn uiteengezet in tussenarrest nr. 244.916 van 20 juni
- Er wordt naar verwezen. IV. Gegrondheid van het beroep Onderzoek van de middelen
- De verzoekende partij voert onder meer aan dat de bestreden vergunningsbeslissing steunt op een onwettig gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Vlaamse Leemstreek - deelplan Kakelenberg Zuid” in Geraardsbergen, definitief vastgesteld bij besluit van de Vlaamse regering van 6 juli 2018 (hierna: betrokken GRUP).
- In haar laatste memorie stelt de verwerende partij dat de tussenkomende partij “ontegensprekelijk” heeft verzaakt aan de bestreden milieuvergunning van 14 februari 2019 omdat zonder de vereiste “omgevingsvergunning voor de stedenbouwkundige handelingen”, er geen verdere uitvoering kan worden gegeven aan de milieuvergunning. Zij besluit dat het annulatieberoep daarom “minstens zonder voorwerp [is] geworden”. Beoordeling
- In de bestreden beslissing wordt aangenomen dat “het gedeelte van de aanvraag dat gelegen is volgens het GRUP in „gebied voor de winning van oppervlaktedelfstoffen met nabestemming bouwvrij agrarisch gebied‟, een bestemmingseigen exploitatie betreft en overeenstemt met de goede ruimtelijke ordening”. De bestreden vergunningsbeslissing steunt bijgevolg op het voormelde GRUP. Bij arrest nr. 247.378 van 8 april 2020 heeft de Raad van State het besluit van de Vlaamse regering van 6 juli 2018 houdende de definitieve vaststelling van het betrokken GRUP evenwel vernietigd. De vernietiging van het VII-40.528-3/5 onwettig bevonden GRUP heeft tot gevolg dat de bestreden vergunningsbeslissing zonder rechtsgrond is.
- De middelen zijn in die mate gegrond. V. Kosten
- De verzoekende partij meent in haar laatste memorie aanspraak te kunnen maken op een rechtsplegingsvergoeding ten bedrage van 1.000 euro. Aangezien de rechtsplegingsvergoeding een tegemoetkoming is in de kosten en honoraria van de advocaat van de in het gelijk gestelde partij en de tussenkomst van een advocaat er in dit geval toe beperkt was de verzoekende partij te vertegenwoordigen tijdens de terechtzitting over de vordering tot schorsing, wordt het bedrag van de verschuldigde rechtsplegingsvergoeding bepaald op 140 euro. BESLISSING
- De Raad van State vernietigt het besluit van de Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw van 14 februari 2019 houdende uitspraak over het bestuurlijk beroep ingesteld tegen de beslissing van de deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen van 7 september 2017, waarbij aan de nv O.D.M. een milieuvergunning wordt verleend voor het exploiteren van een leemontginning aan het Kerselaarsveld te Geraardsbergen.
- Dit arrest dient bij uittreksel te worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als het vernietigde besluit.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 40 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 140 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro. VII-40.528-4/5 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van drie december tweeduizend twintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Eric Brewaeys, kamervoorzitter, Pierre Lefranc, staatsraad, Peter Sourbron, staatsraad, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Eric Brewaeys VII-40.528-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.249.115 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.244.916 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div