id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 07 januari 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.249.414 Rolnummer: A. 229457/XII-8824 Zaak: Arrest 249414 - Overheidsopdrachten - 07/01/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-01-19 Raadplegingen: 68 - laatst gezien 2026-06-20 00:29 Fiche Arrest nr 249.414 van 7 januari 2021 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 249.414 van 7 januari 2021 in de zaak A. 229.457/XII-8824 In zake: de BVBA YES bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Cédric Molitor kantoor houdend te 1060 Brussel Zwitserlandstraat 24 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: POLITIEZONE 5340 BRUSSEL-WEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Frédéric Van De Gejuchte kantoor houdend te 1030 Brussel Jamblinne de Meuxplein 41 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partijen:
- de NV DA-CAR
- de NV DEPANNAGE R. LA FRANCE samen vormend een tm bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Kris Wauters kantoor houdend te 1170 Brussel Terhulpsesteenweg 187 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 16 december 2019, strekt tot de nietigverklaring van “de beslissing van het Politiecollege van de Politiezone Brussel-West 5340 van 04 september 2019 tot gunning van de overheidsopdracht voor diensten met als voorwerp „het takelen en het bewaren van voertuigen op verzoek van de gemeente- en politiediensten van de politiezone Brussel-West 5340 XII-8824-1/4 voor een periode van 4 jaar‟ (ref. DIRMMLOG2018-18) aan de tijdelijke vennootschap DETAWEST”. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 246.211 van 28 november 2019 is de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. De tussenkomende partijen hebben een memorie ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan de verzoekende partij ter kennis werd gebracht op 12 maart
- Op respectievelijk 14 juli 2020, 15 juli 2020 en 10 juli 2020 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij, de verwerende partij en de tussenkomende partijen de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟. Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken XII-8824-2/4 van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijn voor het toesturen van de memorie van wederantwoord niet eerbiedigt. Bij het versturen aan de verzoekende partij van een kopie van de memorie van antwoord heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State en van artikel 14bis, § 1, van het voormelde besluit van de Regent. De verzoekende partij heeft geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd binnen de termijn van zestig dagen gesteld in artikel 7 van het voormelde besluit van de Regent.
- Er dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. XII-8824-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zeven januari tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Johan Bovin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Johan Bovin XII-8824-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.249.414 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.246.211 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.