← België

Arrest 249610 - Politie - 26/01/2021

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 26 januari 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.249.610 Rolnummer: A. 230470/XIV-38310 Zaak: Arrest 249610 - Politie - 26/01/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-01-26 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-06-20 00:29 Fiche Arrest nr 249.610 van 26 januari 2021 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Politie Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER nr. 249.610 van 26 januari 2021 in de zaak A. 230.470/XIV-38.310 In zake: Filip MEEUWES bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Hilde Minnen kantoor houdend te 2018 Antwerpen Ballaartstraat 69-71/5 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen:

  1. de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Stijn Butenaerts en Andy Hoedenaeken kantoor houdend te 1080 Brussel Leopold II-laan 180 bij wie woonplaats wordt gekozen
  2. de STAD ANTWERPEN, vertegenwoordigd door het college van burgemeester en schepenen bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Liesbet Vandendriessche kantoor houdend te 9051 Gent Raymonde de Larochelaan 19B bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Thomas De Donder kantoor houdende te 2018 Antwerpen Lange Lozanastraat 270 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  3. Het beroep, ingesteld op 3 april 2020, strekt tot de nietigverklaring van : (1.) “de beslissing d.d. 16 januari 2020 van de Raad van Beroep bij de Algemene inspectie van de federale politie en van de lokale politie waarbij de evaluatie zoals XIV-38.310-1/3 opgesteld door de lokale politie Antwerpen werd bevestigd, overgemaakt per aangetekende zending d.d. 4 februari 2020 aan de raadsman van verzoeker” en (2.) “de beslissing van de lokale politie Antwerpen waarbij tot definitieve ambtsontheffing wegens definitief vastgestelde beroepsongeschiktheid van verzoeker werd beslist, zoals die impliciet blijkt uit de brief d.d. 18 februari 2020 waarbij de sociale documenten einde dienst aan verzoeker werden overgemaakt.” II. Verloop van de rechtspleging
  4. Bij arrest nr. 248.362 van 25 september 2020 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissingen verworpen. Het genoemde arrest is op 5 oktober 2020 aan verzoeker ter kennis gebracht. Op 4 december 2020 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoeker de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 11/3, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟. Verzoeker heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  5. III. Beoordeling
  6. Naar luid van artikel 17, § 7, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, geldt ten aanzien van verzoeker een vermoeden van afstand van geding wanneer hij, nadat de vordering tot schorsing van een akte XIV-38.310-2/3 of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest.
  7. Verzoeker heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend.
  8. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. BESLISSING
  9. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
  10. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 840 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partijen. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zesentwintig januari tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Geert Debersaques, kamervoorzitter, bijgestaan door Johan Pas, griffier. De griffier De voorzitter Johan Pas Geert Debersaques XIV-38.310-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.249.610 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.362 gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.249.820 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.