id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 januari 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.249.627 Rolnummer: A. 230461/VII-40791 Zaak: Arrest 249627 - Bewakingsondernemingen - 28/01/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-02-09 Raadplegingen: 141 - laatst gezien 2026-06-20 00:29 Fiche Arrest nr 249.627 van 28 januari 2021 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Bewakingsondernemingen Beslissing : afvoering Depersonalisatie Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 249.627 van 28 januari 2021 in de zaak A. 230.461/VII-40.791 In zake : XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten John Maes en Pieter Tersago kantoor houdend te 2018 Antwerpen Mechelsesteenweg 271, 8e verdieping bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken, Institutionele Hervormingen en Democratische Vernieuwing -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 16 maart 2020, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van de minister van Binnenlandse Zaken van 27 februari 2020 tot intrekking van de identificatiekaart voor bewakingsagent. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 248.344 van 24 september 2020 wordt de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing als niet verricht beschouwd en wordt het laattijdig betaalde rolrecht met bijdrage ten bedrage van 220 euro terugbetaald aan verzoeker. Op 27 november 2020 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoeker de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 71, vierde lid, van het besluit van de Regent van VII-40.791-1/3 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Verzoeker heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 71, vierde lid, van voormeld besluit van de Regent zal, indien de in het eerste lid bedoelde rekening niet gecrediteerd is binnen de termijn van dertig dagen na de ontvangst van het overschrijvingsformulier, het ingestelde beroep van de rol worden geschrapt. In het schrijven waarbij aan verzoeker de voor het overschrijven van de verschuldigde kosten vereiste gegevens werden meegedeeld, heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 71, vierde lid. Verzoeker heeft de betrokken rekening niet gecrediteerd binnen de voormelde termijn van dertig dagen. Om die reden dient het beroep van de rol te worden geschrapt. VII-40.791-2/3 BESLISSING
- Het beroep wordt van de rol geschrapt.
- Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van verzoeker niet bekendgemaakt. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van achtentwintig januari tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Peter Sourbron, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Peter Sourbron VII-40.791-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.249.627 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.344 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div