id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 februari 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.249.876 Rolnummer: A. 223450/X-17034 Zaak: Arrest 249876 - Plaatselijk openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 23/02/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-03-16 Raadplegingen: 74 - laatst gezien 2026-06-20 00:27 Fiche Arrest nr 249.876 van 23 februari 2021 Openbaar ambt - Plaatselijk openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : heropening debatten Depersonalisatie Aanvullend verslag Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 249.876 van 23 februari 2021 in de zaak A. 223.450/X-17.034 In zake : Frank DE BOCK bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Jean-François De Bock en Joy Moens kantoor houdend te 1050 Brussel Waterloosesteenweg 612 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de INTERGEMEENTELIJKE VERENIGING VOOR CREMATORIUMBEHEER IN HET ARRONDISSEMENT HALLE-VILVOORDE (Havicrem) bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Tom Peeters kantoor houdend te 2600 Antwerpen Borsbeeksebrug 36 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Katrien Peysmans - De Rick kantoor houdend te 2018 Antwerpen Ballaarstraat 69-71/5 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 2 oktober 2017, strekt tot de nietigverklaring van “de beslissing van de raad van bestuur van Havicrem van 2 augustus 2017 waarbij dhr. XXXX benoemd wordt in de functie van directeur, minstens de hoogste leidinggevende functie binnen Havicrem”. X-17.034-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en verzoeker heeft een memorie van wederantwoord ingediend. XXXX heeft een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. De tussenkomst is toegestaan bij beschikking van 28 november
- De tussenkomende partij heeft een memorie ingediend. Eerste auditeur Iris Verheven heeft een verslag opgesteld. Verzoeker, de verwerende partij en de tussenkomende partij hebben een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 22 januari
- Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Joy Moens, die verschijnt voor verzoeker, advocaat Tom Peeters, die verschijnt voor de verwerende partij en advocaat Hilde Minnen, die loco advocaat Katrien Peysmans-De Rick verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Iris Verheven heeft een advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- X-17.034-2/4 III. Belang
- Verzoeker was destijds werkzaam bij de verwerende partij als “secretaris-directeur”. Nadat hij werd ontslagen, is als “directeur” eerst G. C. aangesteld en vervolgens, met de bestreden beslissing, de tussenkomende partij. Met het voorliggende beroep wil verzoeker een hinderpaal wegnemen “om de hoogste directiefunctie binnen Havicrem opnieuw uit te oefenen, indien [de] Raad zijn ontslag vernietigt”.
- Volgens de verwerende en de tussenkomende partij is verzoeker zonder belang: de tussenkomende partij is immers niet in zijn functie aangesteld; bij vernietiging van zijn ontslag, keert verzoeker terug in zijn functie van “algemeen directeur”.
- In haar verslag valt de eerste auditeur het gebrek aan belang bij, zij het niet zonder voorbehoud. Zij meent dat “de functie van ‘secretaris-directeur’ thans overeenkomt met die van ‘Algemeen directeur’”, en dat die laatste functie de hoogste administratieve functie bij de verwerende partij is, en niet ingevuld is. Met het oog op de nodige rechtszekerheid nodigt de eerste auditeur evenwel de verwerende partij uit om dit uitdrukkelijk te bevestigen en om ook te affirmeren dat de prerogatieven verbonden aan het ambt van secretaris-directeur tot het takenpakket van de algemeen directeur behoren.
- Zowel uit de laatste memorie van de verwerende partij als uit het debat ter terechtzitting blijkt dat de verwerende partij geenszins de gevraagde bevestiging en de beoogde rechtszekerheid verschaft.
- In de gegeven omstandigheden kan de exceptie niet overtuigen en blijkt ze niet van aard de oplossing van het geschil mogelijk te maken. Er is reden om het auditoraat ermee te gelasten een aanvullend onderzoek uit te voeren. X-17.034-3/4 BESLISSING
- De Raad van State heropent het debat.
- Het auditoraat wordt met een aanvullend onderzoek belast.
- Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van de tussenkomende partij niet bekendgemaakt. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van drieëntwintig februari tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, Jan Clement, staatsraad, Stephan De Taeye, staatsraad, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-17.034-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.249.876 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.275 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.