id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 04 maart 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.249.967 Rolnummer: A. 232835/XII-9039 Zaak: Arrest 249967 - Overheidsopdrachten - 04/03/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-03-09 Raadplegingen: 72 - laatst gezien 2026-06-20 00:32 Fiche Arrest nr 249.967 van 4 maart 2021 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Bevolen Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 249.967 van 4 maart 2021 in de zaak A. 232.835/XII-9039 In zake: de BV HAEZEBROUCK bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Tom De Smet kantoor houdend te 2800 Mechelen Grote Nieuwedijkstraat 417 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de WESTKUSTPOLDER bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Staelens kantoor houdend te 8000 Brugge Stockhouderskasteel Gerard Davidstraat 46 bus 1 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering 1. De vordering, ingesteld op 1 februari 2021, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de Westkustpolder van 16 december 2020, waarbij de kandidatuur voor deelname van de bv Haezebrouck niet werd geselecteerd voor de volgende overheidsopdrachten: - Maai- en ruimingswerken partij 1 – dienstjaar 2021 aan onbevaarbare water- lopen 2e categorie, publieke grachten en weggrachten in de gemeente Alveringem (deel) / De Panne (deel) / Lo-Reninge (deel) / Veurne (deel) - Maai- en ruimingswerken partij 2 – dienstjaar 2021 aan onbevaarbare water- lopen 2e categorie, publieke grachten en weggrachten in de gemeente De Panne (deel) / Diksmuide (deel) / Nieuwpoort (deel) / Veurne (deel) XII-9039-1/10 - Maai- en ruimingswerken partij 3 – dienstjaar 2021 aan onbevaarbare water- lopen 2e categorie, publieke grachten en weggrachten in de gemeente Alveringem (deel) / De Panne (deel) / Lo-Reninge (deel) / Veurne (deel). II. Verloop van de rechtspleging 2. De verwerende partij heeft een nota en een administratief dossier ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 25 februari 2021, om 14.00 uur. Staatsraad Johan Bovin heeft verslag uitgebracht. Advocaat Evert Vervaet, die loco advocaat Tom De Smet verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Samuel Mens, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Frederic Eggermont heeft een met dit arrest andersluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. III. Feiten 3.1. Het polderbestuur van de Westkustpolder beslist op 21 oktober 2020 om drie overheidsopdrachten uit te schrijven voor het uitvoeren van maai- en ruimingswerken voor het dienstjaar 2021 aan onbevaarbare waterlopen 2e categorie, publieke grachten en weggrachten in de gemeente Alveringem, De Panne, La-Reninge, Veurne en Diksmuide. XII-9039-2/10 3.2. De opdrachten worden in het Bulletin der Aanbestedingen gepubliceerd op 30 oktober 2020. Op 9 november 2020 wordt een rectificatie voor elke overheidsopdracht bekendgemaakt, waarbij voor elke opdracht een bijzonder bestek ter beschikking wordt gesteld. De opdrachten worden geplaatst met een niet-openbare procedure met de prijs als enig gunningscriterium. In de aankondiging van de opdrachten wordt het volgende vermeld: “11.2.9) Inlichtingen over de beperkingen op het aantal gegadigden dat wordt uitgenodigd (niet van toepassing bij openbare procedures) Beoogd aantal gegadigden of (sic) Beoogd minimumaantal: 5 / Maximumaantal: 7 Objectieve criteria voor de beperking van het aantal gegadigden: De kandidaat moet in eerste instantie voldoen aan het toegangsrecht op juridisch, economisch en financieel vlak en wordt dan beoordeeld volgens vakbekwaamheid.” 3.3. De verzoekende partij dient op 27 november 2020 een aanvraag tot deelname in voor de drie overheidsopdrachten Op 16 december 2020 beslist de verwerende partij tot de selectie van vijf van de tien deelnemers voor de drie opdrachten. De verzoekende partij wordt niet geselecteerd tot deelname, waarvan zij kennis krijgt bij e-mailbericht van 20 december 2020. Dit zijn de bestreden beslissingen. In reactie op de vraag van de verzoekende partij naar de motivering van haar niet-selectie, deelt de verwerende partij haar op 18 januari 2021 het volgende mee: “De beslissing van het Bestuur dd. 16 december 2020 is gebaseerd op een nota waarbij elke kandidaat werd beoordeeld op grond van de ingestuurde documenten. XII-9039-3/10 U behaalde een score van 39/50 en behaalde zo de 6e plaats in de rangschikking. Overwegende dat door het bestuur werd beslist om de 5 kandidaten [t]e selecteren met de hoogste score. Is het besluit van het bestuur om u niet te kunnen selecteren voor de verdere deelname in deze aanbesteding.” De verwerende partij bezorgt haar vervolgens nog op haar vraag de uittreksels van de bestuursvergadering van 16 december 2020 en de nota‟s van de kwalitatieve selectie. IV. Schorsingsvoorwaarden 4.1. Krachtens artikel 17, §§ 1 en 4, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid slechts worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden en dat een uiterst dringende noodzakelijkheid voorhanden is die onverenigbaar is met de behandelingstermijn van de gewone vordering tot schorsing. 4.2. Te dezen is evenwel ook de wet van 17 juni 2013 „betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies‟ van toepassing. Krachtens artikel 15, eerste lid, van die wet kan de uitvoering worden geschorst van de thans bestreden beslissingen in aanwezigheid van een ernstig middel of een klaarblijkelijke onwettigheid. Overeenkomstig artikel 15, tweede lid, echter wordt de vordering tot schorsing voor de Raad van State uitsluitend ingesteld volgens een procedure bij uiterst dringende noodzakelijkheid. Er dient te dezen dan ook enkel nog te worden onderzocht of minstens één ernstig middel wordt aangevoerd, dan wel een klaarblijkelijke XII-9039-4/10 onwettigheid aanwezig is, die de nietigverklaring van de bestreden beslissingen kunnen verantwoorden. V. Onderzoek van het tweede middel Standpunt van de partijen 5.1. In een tweede middel voert de verzoekende partij de schending aan van artikel 69, eerste lid, 2°, van de wet van 17 juni 2016 „inzake overheidsopdrachten‟ (hierna: de wet overheidsopdrachten 2016), evenals de beginselen van behoorlijk bestuur, met inbegrip van het materieelmotiveringsbeginsel, het zorgvuldigheidsbeginsel, het gelijkheids- beginsel, het vertrouwensbeginsel en het beginsel patere legem quem ipse fecisti. De verzoekende partij betoogt dat het onbegrijpelijk en onterecht is dat haar slechts 4 op 5 punten werden toegekend op het onderdeel inzake de uitsluitingsgrond van de staat van faillissement of gerechtelijke organisatie: de verwerende partij mocht zich volgens haar niet tot de loutere vaststelling beperken dat voor de verzoekende partij ooit met een vonnis van 17 juni 2013 een reorganisatieplan werd gehomologeerd, nu zij wel degelijk een attest van niet-faling bijbracht én de verwerende partij via de kosteloze Telemarc toepassing kon verifiëren dat de verzoekende partij helemaal niet in een staat van faillissement verkeert en ook niet meer in een staat van gerechtelijke reorganisatie. Zij benadrukt dat “indien zij 5 punten zou krijgen, dan scoort zij een ex aequo met [een wél geselecteerde kandidaat], namelijk 40 punten.” 5.2. In haar nota stelt de verwerende partij dat zij bij de beoordeling van de financiële en economische draagkracht van de verzoekende partij rekening mocht houden met de toenmalige gerechtelijke status, en dat zij haar hierop mocht evalueren: zij vermocht alsdan de verzoekende partij, in vergelijking met de andere kandidaten die niet in dezelfde situatie waren, hiervoor één punt af te trekken. XII-9039-5/10 Beoordeling 6. In de aankondiging wordt meegedeeld dat de selectie zal plaatsvinden op grond van de volgende “objectieve criteria voor de beperking van het aantal gegadigden”: “De kandidaat moet in eerste instantie voldoen aan het toegangsrecht op juridisch, economisch en financieel vlak en wordt dan beoordeeld volgens vakbekwaamheid”. Uit de verslagen kwalitatieve selectie blijkt dat de verwerende partij voor de selectie van de ingediende kandidaturen de volgende “beoordelingswijze” heeft toegepast: Onderwerp Beschrijving Maximale score Getuigschrift van B1 ok erkenning Klasse 1 Attesten, Fiscaal-attest 5 getuigschriften en Verklaring op eer verklaringen Blanco strafregister Getuigschrift niet-faillissement Attest RSZ Referenties: voorbije 5 jaar (2015-2020) 20
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.