← België

Arrest 250220 - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan - 25/03/2021

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 25 maart 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.220 Rolnummer: A. 220905/IX-8981 Zaak: Arrest 250220 - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan - 25/03/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-04-06 Raadplegingen: 68 - laatst gezien 2026-06-20 00:29 Fiche Arrest nr 250.220 van 25 maart 2021 Openbaar ambt - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK IXe KAMER nr. 250.220 van 25 maart 2021 in de zaak A. 220.905/IX-8981 In zake: XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Christian Lemache en Greet Louwet kantoor houdend te 3800 Sint-Truiden Tongersesteenweg 60 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de VLAAMSE GEMEENSCHAP die woonplaats kiest bij de juridische cel van de afdeling Advies en Ondersteuning onderwijsPersoneel gevestigd te 1210 Brussel Hendrik Consciencegebouw Koning Albert II-laan 15 Tussenkomende partij: het GEMEENSCHAPSONDERWIJS, vertegenwoordigd door scholengroep 13 bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Marc Stommels en Jan Fransen kantoor houdend te 2000 Antwerpen Amerikalei 220 bus 14 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 8 december 2016, strekt tot de nietigverklaring van beslissing GO/2016/13/XXXX van de kamer van beroep van het Gemeenschapsonderwijs van 23 november
  2. IX-8981-1/6 II. Verloop van de rechtspleging
  3. Bij arrest nr. 236.772 van 14 december 2016 is de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. De tussenkomende partij heeft een memorie ingediend. Auditeur Wendy Depester heeft een verslag opgesteld. De verzoekende partij, de verwerende partij en de tussenkomende partij hebben een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 22 februari
  4. Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitgebracht. Advocaat Greet Louwet, die verschijnt voor de verzoekende partij, adviseur Frederik Stevens, die verschijnt voor de verwerende partij en advocaat Jan Fransen, die verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Auditeur Wendy Depester heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. IX-8981-2/6 Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  5. III. Feiten
  6. Verzoeker is vast benoemd directeur van de school voor buitengewoon secundair onderwijs Zonnegroen te Zoutleeuw, onderwijsinstelling die behoort tot scholengroep 13 van het Gemeenschapsonderwijs. Op 29 september 2016 beslist de raad van bestuur van de scholengroep om verzoeker bij hoogdringendheid met onmiddellijke ingang preventief te schorsen en om lastens hem een tuchtonderzoek en -procedure op te starten. Op 23 november 2016 beslist de kamer van beroep van het Gemeenschapsonderwijs om de preventieve schorsing van verzoeker te handhaven. Dat is de thans bestreden beslissing. Op 16 november 2017 legt de kamer van beroep verzoeker de tuchtmaatregel van de terugzetting in rang op, voor feiten die het voorwerp waren van het voormelde tuchtonderzoek en van de preventieve schorsing. Een beroep tot nietigverklaring van deze tuchtmaatregel wordt door de Raad van State verworpen bij arrest nr. 247.732 van 9 juni
  7. IX-8981-3/6 IV. Ontvankelijkheid van het beroep Exceptie
  8. Zoals blijkt uit het feitenrelaas, is de thans bestreden ordemaatregel gevolgd door een tuchtstraf ‘terugzetting in rang’. Die tuchtstraf heeft de preventieve schorsing niet opgeslorpt, aangezien ze niet terugwerkt voor de periode van de schorsing. De verwerende en de tussenkomende partij wijzen erop dat aan de preventieve schorsing wel van rechtswege een einde is gekomen bij de tuchtrechtelijke uitspraak, met toepassing van artikel 17, § 3, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse regering van 22 mei 1991 ‘omtrent de evaluatie, maatregelen van orde en tucht in het gemeenschapsonderwijs’. Die tuchtmaatregel, zo merken zij nog op, is definitief geworden ingevolge arrest nr. 247.732 van 9 juni
  9. Aldus rijst, desnoods ambtshalve, de vraag naar het actueel belang van verzoeker.
  10. Ter terechtzitting stelt verzoeker dat hij over een actueel belang beschikt. Ook al is de preventieve schorsing vervallen, hij heeft er de gevolgen van moeten ondergaan. Hij onderstreept zich niet te beroepen op een materieel belang, maar op een moreel belang, wegens de impact van de aangevochten maatregel op zijn reputatie. Beoordeling
  11. Zoals de tussenkomende partij terecht opmerkt, is aan de preventieve schorsing van rechtswege een einde gesteld. IX-8981-4/6 Aangezien de preventieve schorsing gedurende de periode dat verzoeker ze moest ondergaan, niet gepaard is gegaan met enige nadelige weerslag op zijn loopbaan – zoals een inhouding van wedde – kan een nietigverklaring ervan verzoeker geen materieel voordeel verschaffen. Het moreel belang bij de vernietiging van de preventieve schorsing dan weer, is rechtstreeks verbonden met het resultaat van het beroep gericht tegen het tuchtstrafbesluit, in die zin dat door de verwerping van het tegen dat tuchtbesluit gerichte beroep de tuchtstraf definitief is geworden en dat daarmee ook de morele afkeuring welke die tuchtstraf inhoudt definitief is komen vast te staan. In dat geval kan de vernietiging van alleen de preventieve schorsing aan verzoeker geen enkel voordeel bieden. Verzoeker heeft niet ervan kunnen overtuigen dat het in zijn geval uitzonderlijk anders zou zijn.
  12. Besluit is, dat verzoeker geen belang (meer) heeft bij het beroep. BESLISSING
  13. De Raad van State verwerpt het beroep.
  14. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 400 euro. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro. IX-8981-5/6
  15. Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van de verzoekende partij niet bekendgemaakt. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vijfentwintig maart tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, Bruno Seutin, staatsraad, Patricia De Somere, staatsraad, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren IX-8981-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.220 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2016:ARR.236.772 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.