id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 april 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.409 Rolnummer: A. 231202/X-17795 Zaak: Arrest 250409 - Plaatselijk openbaar ambt (provinciën, gemeenten, enz.) - Reglementen - 27/04/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-05-07 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-06-20 00:34 Fiche Arrest nr 250.409 van 27 april 2021 Openbaar ambt - Plaatselijk openbaar ambt (provinciën, gemeenten, enz.) - Reglementen Beslissing : Verwerping Tussenkomst geweigerd Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 250.409 van 27 april 2021 in de zaak A. 231.202/X-17.795 In zake: de WATERING DE GROTE GETE gevestigd te 3350 Linter Grote Steenweg 64 tegen: het VLAAMSE GEWEST, vertegenwoordigd door de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Staelens kantoor houdend te 8000 Brugge Gerard Davidstraat 46, bus 1 bij wie woonplaats wordt gekozen Verzoekster in tussenkomst : Marijke THIRY woonplaats kiezend te 3440 Zoutleeuw Bosstraat 1 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 22 juni 2020, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de gouverneur van de provincie Vlaams Brabant van 22 april 2020 tot vernietiging van de beslissing van de algemene vergadering van de Watering de Grote Gete van 28 januari 2020 om Marijke Thiry te benoemen tot ontvanger-griffier. II. Verloop van de rechtspleging
- Marijke Thiry heeft een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. X-17.795-1/4 Op 23 oktober 2020 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoekster tot tussenkomst de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 71, vierde lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Verzoekster tot tussenkomst heeft gevraagd om te worden gehoord. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan de verzoekende partij ter kennis werd gebracht op 10 september
- Op respectievelijk 1 februari 2021 en 2 februari 2021 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij en de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verzoekende partij noch de verwerende partij hebben gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken X-17.795-2/4 van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijn voor het toesturen van de memorie van wederantwoord niet eerbiedigt. Bij het versturen aan de verzoekende partij van een kopie van de memorie van antwoord heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State en van artikel 14bis, § 1, van voormeld besluit van de Regent. De verzoekende partij heeft geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd binnen de termijn van zestig dagen gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent.
- Er dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt. Het beroep tot nietigverklaring moet bijgevolg hoe dan ook worden verworpen. Een ontvankelijke tussenkomst van Marijke Thiry zou dat niet kunnen beletten.
- Het blijkt niet dat Marijke Thiry het voor een tussenkomst vereiste rolrecht heeft gekweten. Haar hierover horen en alsnog in de gelegenheid stellen om de tussenkomst te betalen, komt in de gegeven omstandigheden geheel zinloos voor. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- Het verzoek tot tussenkomst van Marijke Thiry wordt als niet verricht beschouwd. X-17.795-3/4
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zevenentwintig april tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-17.795-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.409 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div