← België

Arrest 250694 - Milieuvergunningen - 27/05/2021

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 mei 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.694 Rolnummer: A. 226365/VII-40400 Zaak: Arrest 250694 - Milieuvergunningen - 27/05/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-06-03 Raadplegingen: 70 - laatst gezien 2026-06-20 00:52 Fiche Arrest nr 250.694 van 27 mei 2021 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 250.694 van 27 mei 2021 in de zaak A. 226.365/VII-40.400 In zake :

  1. Freddy VAN DEN SPIEGEL
  2. Rita CARDON bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Matthias Hertegonne kantoor houdend te 1700 Dilbeek Eikelenberg 20 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de DEPUTATIE VAN DE PROVINCIERAAD VAN VLAAMS-BRABANT Tussenkomende partij: Peter FETS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bruno Van Cauwenbergh kantoor houdend te 9230 Wetteren Wegvoeringstraat 41 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  3. Het beroep, ingesteld op 8 oktober 2018, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de deputatie van de provincieraad van Vlaams-Brabant van 12 juli 2018 waarbij het beroep ingesteld tegen de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Bever van 27 februari 2018, houdende de weigering van de milieuvergunning aan Peter Fets voor het verder uitbaten en veranderen van een dierenhotel, gelegen aan Broeck 5 te Bever, deels wordt ingewilligd, de beroepen beslissing wordt opgeheven en een proefvergunning wordt verleend. VII-40.400-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
  4. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend. Peter Fets heeft een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. De tussenkomst is toegestaan bij beschikking van 20 november
  5. De tussenkomende partij heeft een memorie ingediend. Adjunct-auditeur Benny De Sutter heeft een verslag overeenkomstig artikel 59 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ opgesteld. Per e-mail van 11 mei 2021 en in samenspraak met de auditeur-verslaggever, heeft de wnd. kamervoorzitter van de VIIe kamer aan de partijen voorgesteld om de zaak te behandelen zonder openbare terechtzitting, voor zover ze daarmee akkoord gaan. De partijen hebben met dat voorstel ingestemd. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen betreffende het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  6. III. Verzoek tot afstand
  7. Met een brief van 3 december 2020 doen de verzoekende partijen afstand van hun beroep. VII-40.400-2/4 IV. Kosten
  8. De kosten dienen ten laste van de verzoekende partijen te worden gelegd. Deze kosten omvatten het rolrecht van 200 euro per verzoekende partij en een bijdrage van 20 euro per verzoekende partij, zoals bepaald bij artikel 66, 6°, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Bij arrest nr. 22/2020 van 13 februari 2020 heeft het Grondwettelijk Hof evenwel in het kader van het beroep tot vernietiging van de wet van 19 maart 2017 ‘tot oprichting van een Begrotingsfonds voor de juridische tweedelijnsbijstand’ en van de wet van 26 april 2017 ‘houdende de regeling van de oprichting van een Begrotingsfonds voor de juridische tweedelijnsbijstand voor wat de Raad van State en de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen betreft’, de woorden “per verzoekende partij” vernietigd in artikel 4, § 4, eerste en derde lid, van de wet van 19 maart 2017, zoals het is ingevoegd bij artikel 2 van de wet van 26 april
  9. Bijgevolg is er, op grond van de erga omnes en retroactieve werking van het voormelde arrest, aanleiding om de terugbetaling te bevelen van de onterecht betaalde bijdrage. BESLISSING
  10. De Raad van State verleent akte van de afstand.
  11. De verzoekende partijen worden verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, elk voor de helft, en een bijdrage van 20 euro. VII-40.400-3/4 De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro.
  12. De onterecht betaalde bijdrage ten bedrage van 20 euro dient te worden terugbetaald aan de verzoekende partijen. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zevenentwintig mei tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Peter Sourbron, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Peter Sourbron VII-40.400-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.694 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.